Je leest:

Is Europa ongerust over ‘nanovoedsel’?

Is Europa ongerust over ‘nanovoedsel’?

Auteur: | 23 november 2010

Bijna de helft van de Europese consumenten is ongerust over de risico’s van nanodeeltjes in voedsel. Dat volgt uit een enquête van de Europese voedselveiligheidsautoriteit EFSA onder bijna 27.000 consumenten. Ook blijkt dat Nederlanders zich minder zorgen maken dan veel andere Europeanen.

Over het toepassen van nanotechnologie in voeding is nogal wat te doen. De voordelen zijn duidelijk: nanozilver in verpakkingen houdt je voedsel langer vers en andere soorten nanodeeltjes geven voedsel meer smaak, minder calorieën of leiden tot een betere vertering. Aan de andere kant is er grote onzekerheid over de giftigheid van deze deeltjes. Dat is bijvoorbeeld reden voor het Europees Parlement om te pleiten voor een verbod op ‘nanovoedsel’ voordat met onderzoek het gebruik ervan bewezen veilig is.

Deze lunchboxen bevatten zilveren nanodeeltjes waardoor het voedsel dat je er in bewaart, langer vers blijft.

Nieuwe enquête

Interessant is om te weten hoe de consument tegen het gebruik van nanodeeltjes in voedsel aankijkt. Een nieuwe enquête (een zogenaamde Eurobarometer) van de Europese autoriteit voor voedselveiligheid, EFSA geeft hier een actueel beeld van. Overigens ging deze enquête van de EFSA over risico’s van voedsel in het algemeen. In totaal werden 26.691 consumenten ondervraagd uit 27 Europese landen.

Bij één van de onderdelen van de enquête kregen de geïnterviewden een lijst van zeventien mogelijke risico’s bij voedsel voorgelegd, met de vraag over welke ze zich ongerust maakten. Deze lijst bevatte bijvoorbeeld ‘restanten van vergif in fruit’, ‘vervuiling door kwik in vis’ of ‘genetisch gemodificeerde organismen in eten en drinken’. Ook ‘nanodeeltjes in voedsel’ stond hierbij. Over de nanodeeltjes bleek 47% van de Europese consumenten ongerust te zijn, 37% is niet ongerust en 16% weet het niet.

De percentages per land

Bijna de helft van alle Europese consumenten maakt zich dus zorgen over het gebruik van nanodeeltjes in voedsel; een fors aantal. Maar de cijfers dienen wel in perspectief gezet te worden. De tabel hieronder laat zien dat de percentages per land bijvoorbeeld erg uiteen lopen. In Nederland is ‘slechts’ 27% ongerust over nanodeeltjes in voedsel. Hier is de meerderheid (58%) niet ongerust en 15% weet het niet. Nederland is blijkbaar één van de minst ongeruste landen op het gebied van ‘nanovoedsel’. Alleen Zweden en Malta hebben er nog minder moeite mee. Het meest ongeruste land is trouwens Cyprus, voor Italië en Griekenland.

EFSA Eurobarometer 2010

In de tabel hiernaast zie je hoe de consumenten in elk land antwoordden op de vraag hoe ongerust ze zijn over het gebruik van nanodeeltjes in voedsel. Wat valt op in deze tabel? In Nederland is de bezorgdheid, vergeleken met de andere landen, relatief laag. In Cyprus is het percentage ongerustheid onder de consumenten het hoogst. In landen als Denemarken en België werd het minst vaak ‘weet niet’ geantwoord; waarschijnlijk is de voorlichting over nanotechnologie en voedsel in deze landen het beste in orde. In Malta lijkt enige voorlichting juist wél erg nodig: bijna 60% was niet in staat te zeggen zich zorgen te maken of niet.

Vergelijken met andere risico’s

Interessante cijfers, maar ze krijgen nog meer betekenis als we ze vergelijken met de percentages bij de andere voorgelegde risico’s. Misschien maken de consumenten in Cyprus zich bijvoorbeeld überhaupt erg veel zorgen over hun voedsel. Als je de lijst van de zeventien voedselrisico’s ordent op het percentage ongerustheid, dan neemt nanovoedsel in Europa gemiddeld de vijftiende plek in. Met andere woorden: er zijn veertien voedselrisico’s waar de Europese consument zich méér zorgen over maakt dan nanodeeltjes.

Tussen haakjes de plek van nanovoedsel op de totale lijst van zeventien voedselrisico’s.
EFSA Eurobarometer 2010

Als we de landen vervolgens ordenen naar de plek die nanovoedsel inneemt op het lijstje van voedselrisico’s, dan ziet de volgorde er anders uit dan hierboven. Cyprus is niet meer het meest ongeruste land, maar Denemarken en Duitsland delen die eer. Nanovoedsel neemt in deze landen de tiende plek in op de lijst van de zeventien voedselrisico’s. Zweden is op de lijst omhoog geschoten, terwijl Griekenland juist erg is gezakt. Nederland vinden we ook hier relatief onderaan en Malta is opnieuw de hekkensluiter. Dit is in feite de ‘echte’ ranglijst, want voor een beter beeld moet je de ongerustheid over nanovoedsel vergelijken met de andere voedselrisico’s.

Proef op de som

Het valt dus nog redelijk mee met de ongerustheid van de consument over nanovoedsel, als je het vergelijkt met de zorgen over andere voedselrisico’s. Maar we moeten niet vergeten dat van alle voedselrisico’s nanodeeltjes veruit het hoogste percentage ‘weet niet’ scoorde, in alle landen. Hieruit blijkt dat het toepassen van nanotechnologie in voeding nog relatief onbekend is bij de consument.

Het zou kunnen betekenen dat veel mensen het risico niet zo hoog inschatten, omdat ze niet goed weten wat nanovoedsel inhoudt. Neem bijvoorbeeld Malta. Dit land heeft het laagste percentage ongeruste consumenten over nanodeeltjes (21%), maar veruit het hoogste percentage aan ‘weet niet’ (59%). Als je niet weet wat het is, ben je er ook minder snel bang voor, toch? Aan de andere kant kan goede voorlichting ook veel onrust wegnemen.

Het blijft speculeren naar de oorzaken van de uitslagen, maar feit is dat de Nederlandse consument zich minder zorgen maakt over nanovoedsel dan veel andere Europeanen. Laten we eens de proef op de som nemen op Kennislink. Wat zou jij ingevuld hebben als de vraag je werd voorgeschoteld in een enquête?

Ben je ongerust of niet over het gebruik van nanodeeltjes in voedsel?

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 23 november 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.