Je leest:

Interview met professor Mariman

Interview met professor Mariman

Auteur: | 16 juni 2011

Telefonisch interview (gehouden op 1 juni 2011) met professor Edwin Mariman van de Universiteit Maastricht.

Vraag: begrijp ik het goed dat de vetcellen van iemand die is afgevallen zelf actie ondernemen om te zorgen dat ze weer dikker worden? Vetcellen zijn kwetsbaar, een soort puddinkjes die gemakkelijk uit elkaar vallen. Om zich te beschermen, bouwen ze een soort uitwendig skelet. Wanneer je afvalt, raakt de vetcel vet kwijt. Hij krimpt. Het skelet moet dan eigenlijk meekrimpen, maar het aanpassen van dat skelet kost veel energie. En energie, daar heb je juist weinig van als je op dieet bent. Dus krijgt de cel stress. De gemakkelijkste oplossing voor die stress, is om niet het skelet aan te passen, maar om de vetcel weer te laten groeien. Er moet dus vet bij. Een van de manieren waarop de vetcel dat zou kunnen regelen is door minder leptine uit te scheiden. Leptine is een hormoon dat het hongergevoel remt. Via dit en andere hormonen kunnen de vetcellen dus de gastheer aanzetten om meer te eten. Zowel de vetcel als de gastheer worden dan weer dikker.

Een mogelijke uitzondering is als je heel langzaam gaat afvallen. Dan hoeft het skelet niet meteen enorm te krimpen, maar kan het zich in kleine stapjes aanpassen, in gelijke tred met de vetcel. Maar dat gaan we nou dus onderzoeken.

Dit is een nieuwe invalshoek in onderzoek naar het jojo-effect. Eerder gingen onderzoekers ervan uit dat mensen gingen jojo’en door psychosociale factoren. Ze hadden bijvoorbeeld niet voldoende zelfdiscipline om hun levensstijl voldoende te veranderen. Hier komt ook het verhaal vandaan dat als je snel afvalt, je ook gemakkelijker weer aankomt, omdat je levensstijl geen tijd heeft gehad om mee te veranderen met je gewicht. Je hebt nog je oude levensstijl bij je nieuwe gewicht.

Vraag: Zou het dan zo kunnen zijn dat een van de redenen dat veel mensen die levensstijlverandering niet kunnen opbrengen, is dat je vanuit je eigen lijf het hormonale signaal krijgt om meer te eten? Ons nieuwe model is dat er ook dingen vanuit het eigen lichaam meespelen. Dat is een nieuwe kijk op dit vraagstuk. Maar het is nog wel een model. We gaan nu in onze nieuwe studie kijken of dit klopt.

Vraag: Hoe is de studie precies opgezet? Er zijn twee groepen. De ene groep gaat snel afvallen. Zij eten 500 kcal per dag, en het idee is dat ze binnen acht weken rond de 10 procent van hun lichaamsgewicht verliezen. Uit een andere studie blijkt dat dit haalbaar is, want daar verloren de deelnemers binnen vijf weken negen a tien kilo, waarvan zeven kilo vet. De andere groep gaat langzamer afvallen. Zij eten 1250 kcal en verliezen hetzelfde gewicht over een periode van drie maanden.

Vraag: Waarom 500 kcal? Is dat niet erg weinig? Kan zo’n crashdieet geen kwaad? Ik ken geen negatieve gezondheidseffecten van zo’n soort dieet. Wat wel wordt gesteld is, dat je bij zo’n crashdieet je psychisch niet weet aan te passen aan je nieuwe lichaamsgewicht. Of het inderdaad verschilt tussen langzaam en snel afvallen om daarna weer in gewicht toe te nemen, is volgens mij niet wetenschappelijk bewezen. Er zijn maar weinig studies die daarnaar gekeken hebben, maar het is juist ook iets wat wij zullen gaan onderzoeken.

Vraag: Wat gebeurt er na de dieetperiode? Is het de bedoeling dat de deelnemers gaan jojo’en? We gaan niet tegen de deelnemers zeggen: ga meer eten zodat je aankomt. We laten ze afvallen en daarna ‘laten we ze weer vrij’. Na negen maanden kijken we dan opnieuw. We vrezen niet dat we te weinig mensen in onze studie hebben die weer aankomen. Uit eerder onderzoek blijkt namelijk dat tot wel tachtig procent van de mensen die afvalt binnen die periode ook weer aankomt. Ik maak me eerder zorgen dat we niet genoeg deelnemers zullen hebben die na afvallen op gewicht blijven.

Vraag: Is er ook begeleiding geregeld voor de deelnemers? Ook psychologisch? Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat mensen die erg weinig calorieën binnenkrijgen gevoeliger zijn voor depressieve klachten. Ja, er is een diëtist die zowel tijdens het afvallen als in de periode daarna de deelnemers begeleidt. Of daarbij ook op de psychische kanten wordt gelet, zou u aan mijn collega prof. Marleen van Baak moeten vragen, die het onderzoek met de proefpersonen feitelijk gaat coördineren. Ik verwacht wel dat sommige deelnemers uit de studie zouden kunnen stappen. Dit soort onderzoeken kent sowieso een bepaalde uitval, bijvoorbeeld omdat mensen het niet volhouden en daardoor gefrustreerd raken. We denken dan ook met zestig deelnemers te beginnen om er toch zeker veertig over te houden.

Vraag: Hoe zwaar zijn de deelnemers? Doen er alleen mensen met zware obesitas mee, of ook mensen met ‘gewoon’ overgewicht? Er zullen zowel mensen met overgewicht als mensen met ernstig overgewicht meedoen. Een homogene groep zou natuurlijk ideaal zijn, maar het is moeilijk om voor dit soort onderzoek voldoende deelnemers te vinden.

Vraag: Verwacht u dat de vetcellen van mensen met licht overgewicht anders reageren dan die van mensen met ernstig overgewicht? Ik ga ervanuit dat die celstress een uniform mechanisme is als gevolg van afvallen. Ik vermoed dus dat het niet uitmaakt of je iets te zwaar bent of veel te zwaar. Ik denk ook dat de manier waarop je het vet kwijtraakt niet uitmaakt, of het nu door lijnen of door een maag- of darmoperatie komt.

Vraag: Uit eerder onderzoek blijkt dat mensen die in het verleden vaak op dieet zijn geweest, steeds moeilijker gewicht verliezen. Neemt u dat mee? We letten niet op eerder lijngedrag. Maar we selecteren wel op hoeveel de mensen tijdens onze studie afvallen. Als ze in de dieetperiode minder dan een bepaalde drempel aan gewicht verliezen, dan sluiten we ze uit van het vervolgonderzoek in de negen maanden daarna.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 16 juni 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.