Je leest:

Hoe snel heb jij leren lezen?

Hoe snel heb jij leren lezen?

Als je leert lezen, leer je onder andere welke klanken bij bepaalde letters horen. Als eenzelfde letter in het ene woord anders moet worden uitgesproken dan in het andere, maakt dat het leren lezen niet makkelijker. Anniek Vaessen promoveerde op 23 april op dit onderwerp.

Anniek Vaessen onderzocht welke processen kinderen in welke fase van het leren lezen toepassen. Hoofdvraag: verschilt dit per taal, of is leren lezen een universeel proces, los van de taal die je leert? Ze richtte zich op het Hongaars, Nederlands en Portugees, bij kinderen van zeven tot circa tien jaar. Uit ieder land werden tussen de zes- en negenhonderd kinderen betrokken bij de studie.

Vaessen: “Er zijn twee vaardigheden cruciaal bij het leren lezen. De eerste is de fonologische verwerking, oftewel het besef dat een woord uit klanken bestaat. We lieten kinderen bijvoorbeeld het woord ‘berg’ zien en vroegen welk woord overblijft als je de ‘b’ weghaalt. De tweede vaardigheid is het snel kunnen benoemen van visuele informatie. Als de basis van de fonologische verwerking goed gelegd is, wordt deze vaardigheid belangrijk om sneller te kunnen lezen. En dat blijkt eigenlijk voor alledrie die talen hetzelfde te zijn.”

Peak – Break

Het enige verschil dat naar voren komt uit Vaessens onderzoek, is dat kinderen die een taal leren die onregelmatig is, langer bezig zijn met de fonologische verwerking dan kinderen die een heel gelijkmatige taal leren. Als eenzelfde letter in het ene woord anders moet worden uitgesproken dan in het andere, maakt dat het leren lezen niet makkelijker. “Engels is bijvoorbeeld de meest inconsistente taal die we kennen in ons alfabetisch systeem, is eerder onderzocht. Het woord ‘peak’ en het woord ‘break’ schrijf je beiden met ‘ea’, maar je spreekt het heel anders uit. Of denk aan ‘have’ en ‘behave’. En dan zijn er nog woorden die je anders schrijft, maar met dezelfde klank uitspreekt: ‘rose’ en ‘rows’.

Je ziet dat Engelse kinderen er drie jaar over doen om te leren lezen op een niveau dat Nederlandse kinderen in een jaar halen. Fins is daarentegen de meest gelijkmatige taal in Europa. Alle 23 letters worden in elke situatie hetzelfde uitgesproken. Het Nederlands zit een beetje tussen Engels en Fins in.” Terwijl de hersenactiviteiten die betrokken zijn bij het leren lezen voor alle talen gelijk zijn, bepaalt de opbouw van de taal dus hoe snel je dat lezen onder de knie hebt.

Praktijk

Het onderzoek van Vaessen is een van de weinige wetenschappelijke taalonderzoeken die verschillende talen met elkaar vergelijken. Ze werkte vijf jaar geleden bij het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht, toen ze werd uitgenodigd dit promotieonderzoek uit te voeren aan de Universiteit Maastricht. “Het sprak me aan omdat het een duidelijke link met de praktijk heeft en ik de ontwikkeling van kinderen heel interessant vind.”

Een hoofdstuk uit haar proefschrift betreft ook een studie naar dyslexie. Het behandelt de vraag of dyslectische kinderen, die met beide bovengenoemde vaardigheden moeite hebben, nu aan één of twee stoornissen lijden. “Dat lijkt er toch één te zijn. Het klinkt technisch, maar de bevindingen hebben bijgedragen aan het landelijk protocol voor dyslexie, waardoor diagnostiek en behandeling sinds vorig jaar vergoed wordt door ziektekostenverzekeraars. In de praktijk bij het RID zag ik best vaak dat ouders de therapie gewoon niet konden betalen die hun kind nodig had.”

Het belang van dit soort onderzoek naar leesontwikkeling is dan ook dat je pas effectieve therapieën kunt ontwikkelen voor mensen bij wie het misgaat, als je precies weet hoe leesontwikkeling normaliter verloopt. Na haar promotie gaat Anniek Vaessen twee jaar onderzoek doen naar de basisprocessen die van belang zijn bij het leren rekenen.

Lees verder op Kennislink

Liever lettergrepen lezen Beter lezen door muzieklessen Digitale prentenboeken goed voor taalontwikkeling Eén op vijf brugklassers heeft technische leesachterstand

Dit artikel is een publicatie van Research Magazine Universiteit Maastricht.
© Research Magazine Universiteit Maastricht, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 23 april 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.