Je leest:

Hoe oorlog en uitroeiing leidden tot seks tussen mannen en vrouwen

Hoe oorlog en uitroeiing leidden tot seks tussen mannen en vrouwen

Waarom hebben we eigenlijk seks? En waarom zijn er twee seksen, en geen zeventien?

Auteur: | 29 april 2010
seks (112)
Thema: Seks

Dat wij – mensen – ons voortplanten door middel van seks tussen een man en een vrouw is voor ons vanzelfsprekend. Zo vanzelfsprekend dat je je misschien nog nooit hebt afgevraagd waarom dit eigenlijk zo is. Waarom klonen we onszelf niet gewoon? En waarom zijn er twee seksen, en niet drie, of vijf, of zeventien?

Waarom seks?

Op het eerste gezicht is seks, evolutionair beschouwd, een verkwistende gebeurtenis. Het kost een hoop tijd en kostbare energie, en aan het eind van de rit heb je een kind dat slechts de helft van jouw genen draagt. Klonen is voor je genen veel efficiënter: je hebt er geen partner voor nodig en al je genen worden aan de volgende generatie doorgegeven. En daar zit hem precies de kneep. Want stel je eens een soort voor waarin alle leden zich klonen. Al die leden zijn genetisch precies aan elkaar gelijk. Er hoeft maar één gemeen en dodelijk virus langs te komen, en iedereen legt het loodje. De soort verdwijnt in zijn geheel.

In soorten die aan seks doen, is geen enkel lid precies hetzelfde. Na het vrijen combineren de genen van papa en mama zich tot een uniek geheel. Zelfs een uitermate dodelijk virus als de pest kan daardoor niet de hele soort uitroeien. Er zijn er altijd wel een paar die, door een speling van het lot, toevallig immuun zijn. En zij kunnen vervolgens weer met elkaar naar bed om kinderen te maken die ook immuun zijn. Zo beschermt seks ons tegen uitroeiing door virussen, parasieten en bacteriën.

Waarom twee seksen?

Veruit de meeste soorten die aan seks doen, kennen twee seksen: mannen en vrouwen. Wat is daar nou het nut van? Voor het antwoord moeten we miljoenen jaren terug in de evolutie, toen we nog eencellige organismen waren. Die eencelligen bestonden uit niet veel meer dan een celkern en een celwand met daartussenin wat cytoplasma. Ze waren allemaal hetzelfde, maar ze hadden wel seks. Hun celkernen voegden zich eventjes samen, wisselden wat DNA uit – tegen de parasieten – en splitsen zich daarna weer op.

Een celkern omhuld door cytoplasma

Nu kwamen deze vroege voorouders van ons een probleem tegen. De celkern was namelijk niet de enige plek met DNA. Ook in het cytoplasma zaten genen. En die genen werden niet betrokken bij de samensmelting en hadden dus helemaal geen belang bij seks. Sterker nog, zodra ze vreemd cytoplasma tegenkomen, trekken ze daartegen ten strijde. Dit kan je vandaag de dag nog steeds zien, bijvoorbeeld in doodgewone algen uit de vijver. Zodra ze zich gaan voortplanten, begint een ware cytoplasmaoorlog. De genen gaan elkaar te lijf met enzymen die het vreemde DNA slopen. Ze slachten elkaar met zoveel geweld af dat aan het eind nog maar 5% van de genen in leven is.

Dit is natuurlijk niet goed voor de eencelligen, want die hebben die genen nodig om hun celkern in leven te houden. En daarom hebben de genen uit de celkern van de vijveralgen, net als bij onze eencellige voorouders, een manier gevonden om dit bloedbad te voorkomen. Stiekem regelen ze het zo, dat vooraf al bepaald is dat een van de ‘strijdende partijen’ de cytoplasmaoorlog wint, terwijl de ander verliest. Een compromis, waarbij bijvoorbeeld sommige cellen een beetje plasma hebben en anderen wat meer is niet zo handig, want dan moet er nog steeds geknokt worden met die laatste restjes cytoplasma. De enige volledig vreedzame oplossing is die waar maar twee partijen meedoen: de winnaars en de verliezers, oftewel de vrouwen en de mannen. Daarom zijn er twee seksen, en niet eentje, of vijf, of acht, of zeventien.

De ‘verliezer’ bevrucht de ‘winnaar’

Het is misschien raar om je voor te stellen, maar mensen gebruiken precies dezelfde diplomatieke oplossing om te zorgen dat het niet van vechten komt. Hoewel wij uit triljoenen cellen bestaan, gaat het bij de bevruchting immers nog steeds om de samensmelting van twee cellen: de kleine, cytoplasmaloze zaadcel, die is uitgekleed tot niets meer dan een zaadcel, en de eicel die wel honderd keer zo groot is omdat ze is omgeven door cytoplasma. Die eicel laat echter zonder problemen de zaadcel naar binnen, omdat ze er geen concurrentie in ziet. En zo eindigde de oorlog der cytoplasma, maar begon de strijd der (twee) seksen.

Lees ook:

In zijn boek De man sterft uit: waarom vrouwen de strijd der seksen winnen vertelt geneticus Bryan Sykes er alles over.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 29 april 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.