Je leest:

Het valt waarschijnlijk wel mee met dat water op Mars

Het valt waarschijnlijk wel mee met dat water op Mars

Auteur: | 22 april 2006

Maarten Kleinhans is positief verrast. In de meeste publicaties over water op Mars lees je dat de rode planeet langgeleden veel warmer en natter geweest moet zijn dan nu. Maar Jean-Pierre Bibring van het Franse Institut d’Astrophysique Spatiale blijft ‘heel bescheiden’ over de rol van water. Zelfs de miljarden jaren oude kleimineralen die Bibring en zijn collega’s hebben ontdekt met het Omega-instrument aan boord van de Europese ruimtesonde Mars Express, hoeven niet per se te wijzen op grote hoeveelheden water, zo betogen ze deze week in Science.

Fysisch geograaf Kleinhans van de Universiteit Utrecht kwam eind vorig jaar tot dezelfde conclusie, maar op basis van heel andere argumenten. Kleinhans doet onderzoek aan opgedroogde rivierdelta’s op Mars. In de kelder van het gebouw voor Aardwetenschappen hoopt hij binnenkort de vorming van zulke Marsdelta’s na te kunnen bootsen in de Eurotank – een gigantische zand- en waterbak voor onderzoek aan stromings- en sedimentatieprocessen, ontworpen en gebouwd door George Postma. Dan moet blijken of hij met zijn berekeningen op het juiste spoor zit.

‘Ik heb Mars nog door een zelfgebouwd telescoopje bekeken,’ vertelt Kleinhans, die in zijn tienertijd actief amateur-astronoom was, maar sterrenkunde een veel te ‘wiskundige’ studie vond en al snel overstapte naar geofysica. Zijn collega’s moesten wel even wennen aan zijn passie voor planeten. ‘Ach, de hobby van Kleinhans, zeiden ze dan. Dat is nu gelukkig wel een beetje over. Samen met Aardwetenschappen heb ik zelfs een nieuw vak planetologie opgezet voor derdejaarsstudenten.’

Planeetonderzoek wordt voornamelijk bedreven door sterrenkundigen, maar die weten te weinig van geofysica, aldus Kleinhans. ‘Ze sturen de ene na de andere ruimtesonde naar Mars, er zijn bakken vol met gegevens en foto’s, maar áls er al aardwetenschappers naar kijken, zijn het vaak geologen die gespecialiseerd zijn in de vroege geschiedenis van onze planeet.’ Kennis over kortetermijnprocessen zoals de vorming van delta’s is er vrijwel niet. Dankzij een Veni-subsidie van NWO heeft Kleinhans zich op die deltavorming kunnen storten.

Rivierdelta in de Holden-krater op Mars.

Hij ontdekte al snel dat de ‘Martianen’, zoals hij de ‘klassieke’ Marsonderzoekers noemt, foute formules gebruiken als het gaat om materiaaltransport door waterstromen, en ten onrechte aannemen dat de grote ‘uitstroomdalen’ op Mars gevormd zijn door gigantische modderstromen met maar liefst veertig procent sediment. Als je de geulen en delta’s nauwkeurig opmeet en de juiste formules gebruikt, kom je tot de conclusie dat er veel minder water en modder in het spel geweest moet zijn. Ook schat Kleinhans dat de delta’s op Mars in hooguit zo’n tienduizend jaar zijn ontstaan – heel kort op de geologische tijdschaal.

Dat gebeurde bovendien met tussenpozen. Sommige uitstroomdalen op Mars, zoals Ma’adim Vallis, moeten op catastrofale wijze zijn gevormd door het plotseling leeglopen van een hooggelegen meer. Het volume van dat meer is echter niet groot genoeg om de waargenomen stromingsdelta te verklaren. Volgens Kleinhans moet er dus meerdere malen water gestroomd hebben, maar gaat het alles bij elkaar om relatief geringe hoeveelheden – veel minder in elk geval dan tot nu toe meestal is aangenomen.

In december publiceerde de Utrechtse aardwetenschapper zijn conclusies in Journal of Geophysical Research – Planets. Begin volgende week geeft hij een presentatie op het Nederlands Aardwetenschappelijk Congres in Veldhoven. Veel respons vanuit de ruimteonderzoekswereld heeft hij nog niet gehad, hoewel twee Amerikaanse ‘Mars-geologen’ positief en enthousiast reageerden. ‘Ik heb mijn resultaten ook nog niet op planeetonderzoekscongressen gepresenteerd,’ zegt Kleinhans. ‘Daar heb ik binnen het kader van die Veni-subsidie geen geld voor.’

Mars gefotografeerd met de Hubble-ruimtetelescoop in 2001. De ijzige poolkappen zijn duidelijk zichtbaar. bron: Jim Bell (Cornell Universiteit), Hubble Heritage team, AURA/STScI/NASA.

Met de publicatie van Bibring en zijn collega’s, deze week in Science, komt er nu ook vanuit mineralogische hoek ondersteuning voor het idee dat Mars langgeleden misschien veel minder nat was dan vaak wordt gedacht. ‘Het klopt verrassend goed met mijn resultaten,’ zegt Kleinhans. Dat zij die conclusies trekken puur op basis van kleivondsten maakt het extra leuk.’ Overigens zijn er nog veel meer invalshoeken denkbaar, zoals bijvoorbeeld het onderzoek aan gletsjersporen op Mars. ‘Er is nog heel veel werk te doen.’

Verdere ondersteuning voor zijn ideeën hoopt Kleinhans te krijgen uit laboratoriumexperimenten in Postma’s Eurotank, waarin naar hartelust gespeeld kan worden met verschillende soorten sediment – een belangrijke onzekerheidsfactor als het gaat om stromings- en sedimentatieprocessen. Binnenkort ligt er een subsidieaanvraag bij NWO voor het aanstellen van een postdoc die met zand, water en modder de vorming van Marsdelta’s moet gaan onderzoeken. Utrecht zal dan de enige plaats ter wereld zijn waar geologische processen op Mars worden nagebootst.

Misschien had Mars wel nooit een dikke dampkring en een warm klimaat, en waarschijnlijk was er maar héél eventjes stromend water aan het oppervlak, kort na de vorming van de planeet, en niet eens zoveel. Voor veel planeetonderzoekers zal het even wennen zijn, denkt Kleinhans. ‘Het idee dat Mars lange tijd een natte planeet is geweest, komt denk ik vooral voort uit de wens dat er ooit leven kan zijn ontstaan.’ Dat sluiten Bibring en zijn collega’s overigens nog steeds niet uit: in Science schrijven ze dat de miljarden jaren oude kleimineralen de beste plaatsen vormen voor de speurtocht naar sporen van Marsbacteriën.

Dit artikel is een publicatie van Allesoversterrenkunde.nl.
© Allesoversterrenkunde.nl, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 22 april 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.