Je leest:

“Het lichaam is een bijzonder effectief wapen”

“Het lichaam is een bijzonder effectief wapen”

Auteur: | 5 april 2013

Op 5 februari 1831 was Jan C.J. van Speijk commandant op een kanonneerboot van het Nederlandse leger. Het jaar daarvoor was België in opstand gekomen tegen Koning Willem I en Van Speijk had de opdracht gekregen om alle schepen die naar het opstandige Antwerpen wilden varen te controleren.

Terrorisme-expert dr. Edwin Bakker.

Op die bewuste dag dreef zijn schip bij een harde storm naar de wal, waar het werd bestormd door een meute woedende Belgen. Van Speijk stak daarop zijn brandende sigaar in een kruitvat en blies zichzelf, zijn schip, en de woedende meute de lucht in. In plaats van ‘eene infame Brabander’ die door Belgen was overmeesterd, werd Van Speijk door die zelfmoord een nationale held.

“Wat mij betreft mag je dan ook best zeggen dat er in ons land de nodige straten, en ook een vuurtoren in Egmond zijn vernoemd naar een echte Nederlandse zelfmoordenaar”, zegt dr. Edwin Bakker, onderzoeker op het gebied van terrorisme en contraterrorisme aan de Haagse Campus van de Universiteit Leiden.

Zelfmoord als strategisch wapen is dus heel veel ouder dan de bomgordel, aldus Bakker. “Een ander voorbeeld: in 1913 gooide suffragette Emily Davison zich voor het paard van Koning George V, tijdens de Epsom Derby in Engeland. De suffragettes streden in die tijd voor vrouwenrechten. Die zelfmoord van Davison was volgens mij een heel effectief middel om aandacht te krijgen voor hun zaak.”

In grote lijnen onderscheidt Bakker twee redenen om het eigen lichaam te offeren voor een zaak. “Je kunt je lichaam inzetten als tactisch middel om dicht bij een tegenstander te komen. Dan moet je bijvoorbeeld denken aan vrouwen die veel makkelijker bij bijvoorbeeld een hoogwaardigheidsbekleder kunnen komen dan een man. Als die vrouw zichzelf vervolgens opblaast neemt ze haar doelwit makkelijk mee. Emily Davison was een voorbeeld van een tweede tactische reden: zelfmoord als keiharde schreeuw om maatschappelijke aandacht.”

Zelfmoord is slim

Volgens Bakker is zelfmoordterrorisme in zekere zin een heel slimme manier om je doel te bereiken. “Ga maar na: het is relatief moeilijk voor je tegenstander om zich te bewapenen tegen zelfmoordenaars en de potentiële schade is enorm. Als het geen directe schade is, dan is het wel het schokeffect. Weet je nog hoe de Arabische Lente is begonnen? Met de Tunesische fruitverkoper Mohamed Bouazizi die zichzelf in brand stak uit protest tegen de uitzichtloosheid van zijn bestaan.”

Het moderne zelfmoordterrorisme is pas goed op gang gekomen sinds de jaren tachtig. Bakker: “In eerste instantie ging het vooral om auto’s, geladen met explosieven. Later werden het steeds vaker mannen of vrouwen met bommen op hun lijf. Vaak waren het separatisten, zoals de Tamiltijgers in Sri Lanka of de Koerdische PKK. De laatste jaren zijn het vooral de Islamitische fundamentalisten die berucht werden mede dankzij zelfmoordaanslagen, met die van 11 september 2001 als het ultieme voorbeeld.”

In veel gevallen is er een ware cult rond het zelfmoordterrorisme ontstaan. “Vanwege het propaganda-effect nemen de terroristen en hun handlangers eerst videoboodschappen op. Die boodschappen dienen ook als pressiemiddel naar de terrorist zelf. Mocht die zich bedenken, dan hebben zijn of haar handlangers altijd de video nog. Zo van: “Je had het beloofd, kijk maar!” En anders helpen de handlangers wel met een op afstand bedienbare bom.”

Van Speijk is Nederlands beroemdste ‘strategische zelfmoordenaar’.

Visitekaartje

Een tactische zelfmoordenaar wil zichzelf na zijn daad ook graag kenbaar maken. Als niemand weet wie het gedaan heeft, en waarom, dan schiet de propagandamachine van de organisatie er nog niet veel mee op. Om die reden stoppen veel zelfmoordenaars een identiteitsbewijs in hun schoen. Maar dat is vaak nogal overbodig, leerde Baker onlangs op een training met foto- en filmbeelden over dit onderwerp. “Het is nogal gruwelijk om te vertellen, maar het hoofd van iemand die zichzelf opblaast blijft doorgaans goed herkenbaar intact. Het knalt als een kurk van de champagnefles. Het is dus meestal wel duidelijk wie het heeft gedaan, ook zonder ID in een schoen.”

Bakker deed die training overigens niet omdat we in Nederland nou per se bang moeten zijn voor zelfmoordterrorisme. “Sterker nog: in de Nederlandse setting kan zo’n training voor vrij absurde situaties zorgen” vertelt hij. “Ik heb voorbeelden gezien van een rampenoefening bij de Amsterdam Arena. Daar waren ook mensen bij die in eerste instantie door Israëli’s waren voorgelicht over zelfmoordaanslagen. In Israël weten ze dat je na de eerste bom niet meteen met alle toeters en bellen naar de plek des onheils moet komen, omdat dan vaak nog een tweede bom afgaat. Maar in de Nederlandse situatie betekent die terughoudendheid dat mensen mogelijk onnodig doodbloeden. Of in het geval van zo’n oefening: dat de acteurs onnodig lang liggen te klappertanden in hun nep-bloed.”

Waarom een Nederlandse onderzoeker dan wel geïnteresseerd is in zelfmoordterrorisme? “Het gaat ons vooral om de studie van de maatschappelijke en bestuurlijke context. Dat je weet hoe dit soort absurde en bizarre fenomenen kunnen ontstaan, soms niet eens uit echt fundamentalisme, maar ook uit ‘gewone’ uitzichtloosheid. Wat dat betreft kan ik de film Paradise Now, van de Nederlands-Palestijnse filmer Hany Abu-Assad van harte aanbevelen. Die film geeft een mooi inzicht in de basics van zelfmoordterrorisme.”

Dit artikel is een publicatie van Stichting Biowetenschappen en Maatschappij.
© Stichting Biowetenschappen en Maatschappij, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 05 april 2013
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.