Je leest:

‘Het gevoel dat je vliegt’

‘Het gevoel dat je vliegt’

Auteur: | 13 maart 2009

De spaceshuttle Discovery vertrekt zondag met zeven bemanningsleden aan boord voor een vlucht naar het internationale ruimtestation ISS. Hoe ervaren astronauten ook zijn: iedere missie brengt spanning met zich mee. Dat weet de ervaren Amerikaanse ex-astronaut Steve Smith als geen ander. Hij vertelt over zijn loopbaan en zijn leven in Nederland, waar hij tegenwoordig woont.

Als kind van de jaren zestig groeide hij op in het ruimtevaarttijdperk. En als zovele astronauten droomde Steven Smith als klein jongetje al van een loopbaan als piloot of ruimtevaarder. Pas na vier afwijzingen door de NASA werd die droom werkelijkheid. In die tussenliggende tien jaar volgde Smith drie technische studies aan de fameuze Stanford Universiteit in Californië, haalde zijn vliegbrevet en maakte vele vlieguren, en leerde duiken.

Steve Smith tijdens een van zijn ruimtewandelingen Foto: NASA

Ruimtewandeling

Met vier missies, zeven ruimtewandelingen en 49 uur en 51 minuten buiten de shuttle op zijn naam, is hij een van de meest ervaren astronauten van de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA.

Zijn eerste vlucht met de spaceshuttle in 1994 vergeet hij nooit, maar aan de ruimtewandelingen bewaart Steve Smith de mooiste herinneringen. “Vrij zijn, weg uit de beschermende omgeving van de spaceshuttle, gaf mij het gevoel dat ik kon vliegen”, zegt hij.

“Je bent alleen met een lijn verbonden aan de shuttle. Daar gaat geen elektriciteit doorheen en geen zuurstof. Je bent helemaal onafhankelijk in je ruimtepak. Daardoor beleef je een groter gevoel van vrijheid en verantwoordelijkheid. Ik kon mezelf zo manoeuvreren dat ik alleen de Aarde zag. Ik zag mijn voeten niet, het ruimtestation niet, geen shuttle. Het leek echt alsof ik vloog.”

Afscheidsbrieven

Door jarenlange training in simulators lijkt de dag van de lancering een dag als alle andere. Maar natuurlijk was Smith gespannen, opgewonden vanwege het avontuur. Hij wist ook dat er risico’s waren. De NASA raakte in betrekkelijk korte tijd twee shuttles kwijt. De bemanning kwam om. Steve Smith vertelt eerlijk dat hij er iedere reis rekening mee hield dat hij niet zou terugkomen.

Voorafgaand aan een missie werd er thuis uitvoerig over gesproken, zodat zijn vrouw en kinderen zouden begrijpen wat hem dreef. “De kinderen waren nog te klein om het precies te begrijpen. Maar ik schreef lange brieven aan mijn kinderen en mijn vrouw. Over mijn drijfveren en over de manier waarop ik hoopte dat zij de rest van hun leven zouden doorbrengen.” Die brieven zijn nooit gelezen, maar wel bewaard. Smith: “De kinderen hebben ze nooit gezien. Misschien geef ik die als ze 21 jaar worden.”

Space shuttle Discovery wordt aanstaande zondag gelanceerd om nieuwe bemanning naar het internationale ruimtestation ISS te brengen. Foto: NASA

Kwetsbaar

Hoog boven de aarde ervoer Smith de emoties van vele astronauten voor en na hem: de kwetsbaarheid van de aarde. “Ons milieu en wereldvrede”, vat Smith zijn gedachten van dat moment krachtig samen. “De aarde is een knikker in een grote zwarte oceaan. De atmosfeer die ons beschermt, is maar heel dun. Als het velletje van een ui. Vanuit de ruimte zie je ook geen grenzen tussen landen. Het is dan moeilijk te bevatten dat deze wereldgemeenschap niet beter met elkaar kan opschieten”, zegt Smith. “Jammer dat we wereldleiders en burgers niet naar boven kunnen sturen om datzelfde te zien.”

Hoewel hij de kans kreeg, zag Steve Smith uiteindelijk af van een vijfde missie. In volle overtuiging, vooral vanwege zijn gezin. Het zou egoïstisch zijn geweest, vindt hij. Kort na zijn besluit bood NASA hem een baan aan als verbindingsman tussen de Amerikanen en de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. Smith ging akkoord. Zo kan zijn vrouw wat van de wereld zien, een beloning voor haar geduld.

Internationaal ruimtestation ISS cirkelt sinds 1998 rond de aarde, en wordt sinds 2000 permanent door een team astronauten bewoond. Illustratie: NASA

Trotse buren

De voormalig astronaut heeft het naar zijn zin in Nederland, waar hij sinds anderhalf jaar woont. En de buurt is trots op de beroemde bewoner. Zeker als Smith hen meeneemt naar buiten en het ruimtestation laat zien, dat hoog boven de aarde met 28.000 kilometer per uur voorbij raast. De Nederlandse kinderen hangen aan zijn lippen. “Die kids kijken omhoog en geloven niet dat daar iets vliegt dat door mensen is gebouwd en dat daar mensen in wonen”, zegt Smith lachend.

Smith houdt zich bezig met de ontwikkeling van de bemande ruimtevaart, dus saai wordt zijn leven de komende jaren allerminst. De ESA en de NASA werken nauw samen aan de bouw van het ruimtestation ISS, er zijn plannen voor een permanent station op de maan en een bemande vlucht naar Mars. “Veel experimenten aan boord van het ruimtestation hebben te maken met een lang verblijf in de ruimte. We gaan naar Mars. Of dat nu over vijf jaar is of over tien jaar.”

De mens probeert de grenzen van het mogelijke te ontdekken. En die blijken verrassend snel op te schuiven, zegt Smith. “Eigenlijk is het onvoorstelbaar dat de Wright Brothers in 1903 voor het eerst vlogen en dat slechts 66 jaar later, in 1969 Neil Armstrong voet op de maan zette. Als we echt willen en samenwerken, kunnen we fantastische dingen doen.”

Zie verder:

Dit artikel is een publicatie van Radio Nederland Wereldomroep (RNW).
© Radio Nederland Wereldomroep (RNW), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 13 maart 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.