Je leest:

Hasj, marihuana, LSD

Hasj, marihuana, LSD

en andere bewustzijnsveranderende middelen

Auteur: | 1 januari 2007

Haast in alle culturen zijn wel voorbeelden te vinden van planten en paddestoelen die gebruikt worden vanwege hun bewustzijnsveranderende werking. De softdrugs hasj en marihuana en de vooral op house-parties populaire feestdrug XTC kunnen tot deze groep gerekend worden. Een ander voorbeeld is het psychedelische tripmiddel LSD.

Marihuana is eigenlijk niets anders dan gedroogde en gemalen delen van de hennep-plant. Dit is een grote, soms vier meter hoge plant, die ook in Nederland uitstekend groeit. Uit de marihuana kan weer hasj worden bereid, bijvoorbeeld door het te zeven. Hasj is wat sterker dan marihuana; het bestaat voor een groot deel uit de kleverige hars uit de bloemtoppen van de hennep-plant. Hasj en marihuana worden als een ‘stickie’, gemengd met tabak gerookt.

De kleur van chemie

Dit artikel is afkomstig uit het hoofdstuk ‘Drugwerk’ uit de VU-uitgave ‘De kleur van chemie’, een bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren.

Omdat je niet steeds méér nodig hebt om ‘high’ te raken, wordt het een soft-drug genoemd en laat de politie hasj-gebruik vrijwel ongemoeid. Een nadeel is, dat je na gebruik niet in staat bent om brommer of auto te rijden: je kunt afstanden niet meer goed schatten. Dit geldt ook voor andere bewustzijnsveranderende drugs. Gelukkig hebben gebruikers dat vaak goed in de gaten: ze missen de overmoed die alcoholisten zo gevaarlijk maakt. De laatste tijd is de concentratie van de actieve stof THC in nederwiet zo hoog dat stoppen nauwelijks meer mogelijk is zonder lichamelijke onthoudingsverschijnselen.

Trippen met LSD

Het tripmiddel LSD werd in 1943 bij toeval ontdekt door de Zwitser dr. Albert Hofmann. Hij kreeg bij zijn onderzoek naar geneesmiddelen onverwacht hallucinaties. Hij probeerde een van die stoffen op zichzelf uit, en noteerde daarna wat de stof deed met zijn zintuigen. Dr. Hofmann werd daarna een groot voorstander van verder onderzoek aan bewustzijnsveranderende stoffen.

Uit het practicumverslag van dr. Albert Hofmann

19 april 1943 Om 16:20 neem ik 0,25 mgram LSD in. Om 17:00 begin van duizelingen, angstgevoel, verlammingen, lachstuipen.

Ik kan nauwelijks nog duidelijk spreken. Ik vraag een laborante om voor de zekerheid met me mee te fietsen naar huis. Ik heb het idee dat ik haast niet vooruitkom (maar later zei de laborante dat ik heel snel fietste). Alles in mijn gezichtsveld zwaait heen en weer, en is als in een lachspiegel vervormd. Thuis kan ik niet langer staan, en ga ik liggen. Voorwerpen nemen dreigende vormen aan, en mijn buurvrouw lijkt veranderd in een boosaardige heks.

Van 18:00 tot 20:00 is de aanval het ernstigst, en kan ik slechts met grote moeite dit verslag opschrijven.

Na de beangstigende ervaringen begin ik te genieten van een buitengewoon mooi kleuren- en vormenspel. Ik zie steeds veranderende cirkels, kringen en fonteinen van kleur, Het is merkwaardig dat geluiden zoals van een deurkruk of voorbijrijdende auto’s te zien zijn als optische waarnemingen.

Hoffman was tegen het ongecontroleerde gebruik van LSD als partydrug. Volgens hem moet je het gebruik van dit soort drugs en de omstandigheden waarin je het inneemt, goed voorbereiden. Dat het op deze manier niet nadelig voor je gezondheid hoeft te zijn, bewees hij zelf. Ondanks het af en toe beleven van een bewustzijnsveranderende trip, kon hij in 2006 nog eregast zijn op een congres over drugs, ter gelegenheid van zijn 100ste verjaardag. Hij hield daarbij een toespraak waarin hij zei te hopen dat het totale verbod op LSD zal worden opgeheven, en er weer ruimte komt voor wetenschappelijk onderzoek van de stof. Albert Hofmann overleedt in april 2008.

Partydrug XTC

Omdat de synthese van LSD nogal lastig is, is het gebruik ervan vrijwel helemaal verdrongen door het veel gemakkelijker te maken XTC. De werking van XTC is minder sterk en gevaarlijk dan van LSD. En omdat het ook oppeppende eigenschappen heeft, kan het gebruikt worden als partydrug. Pas na onderzoekingen naar hersenbeschadigingen door XTC bij ratten werd de stof verboden. Door het verbod van XTC is gebruik ervan juist gevaarlijker geworden: omdat de handel zich in de illegale sfeer voltrekt, is de gebruiker volledig van de handelaar afhankelijk.

Maar al te vaak past een op geld beluste handelaar het aanbod aan aan de vraag: wie XTC wil, krijgt ‘XTC’, maar de chemische samenstelling van de aangeboden waar kan variëren van nepmiddeltjes tot veel gevaarlijker stoffen, als bijvoorbeeld cocaïne. Dit probleem doet zich trouwens ook voor bij alle andere verboden drugs. De niet constante samenstelling van het drugs-aanbod heeft door verkeerde doseringen verscheidene mensenlevens gekost. In Nederland vallen dan ook vrijwel alle drugs-slachtoffers door onbekendheid met de samenstelling of de sterkte van de drug.

Naast XTC bestaan er veel andere stoffen met soortgelijke eigenschappen zoals methyleendioxyethylamfetamine (MDE) of ‘Eve’. Eve heeft dezelfde struktuur als Adam, maar bezit in plaats van een methylgroep, een ethylgroep aan het stikstof atoom. Adam en Eve hebben vergelijkbare effecten: ze verhogen allebei bewustzijn, mededeelzaamheid, inlevingsvermogen en uithoudingsvermogen van de gebruiker. Het effect van Eve is zwakker dan dat van Adam, en dat was de reden dat het pas een tijdje na Adam werd verboden.

Drie groepen drugs

Al eeuwenlang wordt de mens gefascineerd door stoffen die invloed hebben op de geest. Tegenwoordig noemen we dat soort stoffen drugs, en daarmee hebben we het gewone Engelse woord voor medicijn een heel andere betekenis gegeven. We kunnen de stoffen die we in Nederland drugs noemen indelen in drie sterk verschillende groepen: de verdovende middelen, de opwekkende middelen en de bewustzijnsveranderende middelen.

Al ver vóór de Griekse en Romeinse tijd werd het melksap van papavers gebruikt als slaapmiddel en als bestanddeel van allerlei geneeskrachtige mengsels. Er was vrijwel geen geneesmiddel waarin opium ontbrak en geen ziekte waartegen het niet hielp. De uit opium geïsoleerde morfine wordt – als zuivere stof – ook nu nog steeds gebruikt als pijnstiller. In feite is morfine zo’n goede pijnstiller dat 20 eeuwen onderzoek door een leger alchemisten, medici en (farmaco)chemici nog steeds geen betere pijnstiller heeft opgeleverd. Tegenwoordig zijn opium en opiumachtige stoffen (de opiaten) veel bekender als gevaarlijke verslavende middelen. Bij regelmatig gebruik van dit soort pijnstillers gaan namelijk ook de plezierige, rustgevende en sterk verslavende eigenschappen een rol spelen.

  • Daarnaast zijn er opwekkende of stimulerende middelen met een werking die eigenlijk precies tegengesteld is aan die van de opium-achtige stoffen. De bekendste voorbeelden zijn hier cocaïne en amfetamine (beschreven in dit artikel). Deze stoffen geven schijnbaar een enorme energie en een scherper concentratie- en waarnemingsvermogen. Als het middel is uitgewerkt komt er een extreme vermoeidheid voor in de plaats.

Kennislink

zijn wel voorbeelden te vinden van het gebruik van planten en paddestoelen met een bewustzijnsveranderende werking. Ook de softdrugs hasj en marihuana en de vooral op house-parties populaire feestdrug XTC kunnen tot deze groep gerekend worden. Een ander voorbeeld is het psychedelische tripmiddel LSD. Dit heeft een zeer sterke invloed op de verwerking van de waarnemingen: alles wat je ziet of hoort, lijkt plotseling heel onbekend en anders. Omdat de synthese van LSD nogal lastig is, is het gebruik ervan vrijwel helemaal verdrongen door het veel gemakkelijker te maken XTC.

  • (Eigenlijk hoort er nog een vierde groep stoffen bij, die we hier buiten beschouwing laten. Dat zijn de tranquilizers zoals valium, librium en rohypnol. Door drugsgebruikers worden deze middelen vaak ‘downers’ genoemd, en ze worden toegepast om bijwerkingen van drugs tegen te gaan.)

Vrije Universiteit Amsterdam

Het boek ‘De kleur van chemie’ werd in 2007 uitgegeven door de Faculteit der Exacte Wetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam (Afdeling Scheikunde en Farmaceutische Wetenschappen). Het is een geactualiseerde bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren. Ze belichten de rol van de scheikunde op tal van gebieden.

Dit artikel is een publicatie van VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen.
© VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 januari 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.