Je leest:

Haren: ragfijne scheikunde

Haren: ragfijne scheikunde

Auteur: | 1 januari 2007

De vorming van een haar is scheikundig gezien een bijzonder proces. Alles draait om eiwitketens.

Op een gemiddeld volbehaard hoofd zitten zo’n honderdduizend haren. Die groeien, net als op de rest van je lichaam, uit haarzakjes voorzien van talgkliertjes. De lengte van die haren is genetisch geregeld: in de genen is voorgeprogrammeerd hoe lang haarzakjes aan een haar blijven werken. Gecombineerd met de groeisnelheid van een haar (ongeveer een centimeter per maand) bepaalt dat de maximale lengte die je haren kunnen bereiken.

De kleur van chemie

Dit artikel is afkomstig uit het hoofdstuk ‘Met huid en haar’ uit de VU-uitgave ‘De kleur van chemie’, een bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren.

Een haarzakje werkt zo’n jaar of drie aan een haar, niet gehinderd door een kapper die er ondertussen al een aantal malen de schaar in heeft gezet. Dan stopt de groei, laat de haar los en gaat het haarzakje met vakantie. Bij jongens is die werktijd vaak wat korter, en bij sommige meisjes met heel lang haar weten de haarzakjes haast van geen ophouden.

Elke dag stoppen ongeveer honderd haarzakjes met hun werk, en dus verlies je elke dag zoveel haren. De rusttijd van een haarzakje kan lang duren, vooral bij mannen: pas na twee jaar beginnen ze eindelijk weer eens. En als die mannen wat ouder worden duurt het soms nog veel langer. Dat ziet er dan wat kaal uit.

Ragfijne scheikunde

De vorming van een haar is scheikundig gezien een bijzonder proces. Een haarzakje produceert lange eiwitketens die daarna tot keratine reageren. En er wordt kleurstof aan toegevoegd. Alle kleuren haar die van nature voorkomen, worden gemaakt door het bijmengen van twee kleuren: donkerbruin of oranje.

Aziatisch haar is erg dik en bevat zoveel bruine kleurstof dat het er zwart uitziet. Europees haar is veel dunner en door de veel kleinere hoeveelheid kleurstof vaak blond gekleurd. Als op latere leeftijd de kleurstofproductie in een bepaald haarzakje ophoudt, maakt dit alleen nog maar grijs of wit haar.

Het haarzakje draait de eiwitketens, voorzien van kleurstof, stevig in elkaar tot lange bundels en de buitenkant krijgt een laag schubben ter bescherming. Eenmaal buiten het haarzakje is alles uitgereageerd en is de haar gewoon dood materiaal. In hoeverre alle ‘voedende’ bestanddelen van shampoos dan nog zin hebben is zeer de vraag. Het heeft voor het haar waarschijnlijk net zoveel zin als je wollen trui wassen met een voedende shampoo. Misschien dat een heel klein gedeelte van dit soort shampoobestanddelen door de huid dringt, maar de eigenlijke ‘voeding’ voor je haar gaat door de maag.

pH neutraal

Ook aan een dode haar valt trouwens met kennis van scheikunde nog heel wat te beleven. Het eiwit van de schubben bijvoorbeeld is rijk aan zure groepen. Bij gebruik van een basische shampoo worden die zuren omgezet in (negatieve) ionen, die elkaar afstoten. De schubben gaan daardoor van elkaar af staan, het haar wordt dof, en door het ruwe oppervlak gaat het haar gemakkelijk klitten.

Spoelen met een zwak zuur laat de schubben weer sluiten en het haar glanzen. Nog niet zo lang geleden was het inderdaad de gewoonte om het haar na het wassen (met een meestal basische zeep) te spoelen met verdunde azijn. Tegenwoordig wordt een shampoo heel licht-zuur afgeleverd, met een pH van ongeveer 5 tot 6. Omdat dit overeen komt met de pH van het haar zelf, wordt dat pH-neutraal genoemd.

Vrije Universiteit Amsterdam

Het boek ‘De kleur van chemie’ werd in 2007 uitgegeven door de Faculteit der Exacte Wetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam (Afdeling Scheikunde en Farmaceutische Wetenschappen). Het is een geactualiseerde bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren. Ze belichten de rol van de scheikunde op tal van gebieden.

Alle Kennislinkartikelen uit het hoofdstuk ‘Met huid en haar’:

Dit artikel is een publicatie van VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen.
© VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 januari 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.