Je leest:

Gif door de eeuwen heen

Gif door de eeuwen heen

Auteur: | 1 januari 2007

Gifstoffen hebben mensen nooit onverschillig gelaten; angst voor gifslangen en fascinatie voor de invloed van planten- en kruidenextracten behoorden bij het leven. Omdat ziekteverwekkers als bacteriën en virussen nog niet zo lang bekend zijn, dachten de meeste mensen bij ziekte direct aan het eten of drinken van giftige stoffen. Epidemieën en andere besmettelijke ziekten konden alleen maar veroorzaakt worden door een ‘giftige atmosfeer’.

Sophonisba met gifbeker. Schilderij van Giovanni Francesco Caroto.
Wikimedia commons

Tegenwoordig komen voedselvergiftigingen niet vaak meer voor, en ook opzettelijke vergiftigingen (gifmoorden) zijn zeldzaam geworden. In de Romeinse tijd lag dat anders: toen was gif hèt aangewezen middel om iemand die je ambities in de weg stond op te ruimen. Voor een bliksemcarrière moest je een gifmenger in dienst nemen. En wie wat langer van een goede functie wilde genieten, kon niet buiten een voorproever.

In de Middeleeuwen ging veel wetenschappelijke kennis van de oudheid verloren, maar de kunst van het gifmengen bloeide als nooit tevoren. Families als de Medici’s en de Borgia’s waren berucht als gifmengers. Vrouwen, die vaak toch al een voorsprong hadden in keukenchemie, heersten in veel gezinnen over leven en dood. Scheiden van een lastige echtgenoot was overbodig als zulke gemakkelijke oplossingen onder handbereik waren…

De kleur van chemie

Dit artikel is afkomstig uit het hoofdstuk ‘Leven met gif’ uit de VU-uitgave ‘De kleur van chemie’, een bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren.

Paracelsus

Het is nu moeilijk voor te stellen hoe geheimzinnig en raadselachtig de werking van gifstoffen vroeger moet zijn geweest. Wij herkennen direct één of meer giftige stoffen in een oud recept voor een gifmengsel, maar voor de middeleeuwer waren bezweringsformules, volle maan en paddenbloed net zo essentieel voor de samenstelling van een gifmengsel als een snufje van een arseenverbinding.

Paracelsus.
Wikimedia commons

De Renaissance was ook wat dit betreft het einde van de Middeleeuwen. Rond 1520 formuleerde Paracelsus zijn revolutionaire ideeën over giftige stoffen. Hij durfde te beweren dat bezweringsformules, uitwasemingen, vuur, licht, levenskrachten, geesten en kosmische invloeden allemaal niet van belang zijn. Belangrijk is alleen welke stoffen in een gifmengsel voorkomen, en in welke hoeveelheid.

Dat was een zeer ongewone gedachte, die dan ook op veel weerstand stuitte, en door de hele toenmalige wetenschappelijke wereld als belachelijk werd afgewezen. Maar zijn gelijk is in de loop der jaren ondubbelzinnig gebleken. Door zijn vernieuwende en juiste ideeën wordt Paracelsus wel de vader van de toxicologie (de leer van de vergiften) genoemd.

Is ons eten giftig?

Goed beschouwd leven we in een gevaarlijke omgeving. We zijn omgeven door ontelbaar veel (‘chemische’) stoffen. Veel van deze stoffen eten we op, we drinken ze of we ademen ze in. Bij het bereiden van een warme maaltijd ontstaan tijdens bakken, braden en koken duizenden nieuwe moleculen, die lang niet allemaal onderzocht zijn op giftigheid.

stevendepolo, Flickr.com

Een ruwe schatting is dat 20 tot 60% van alle ziekten waaraan mensen op den duur overlijden, zijn oorsprong vindt in het voedsel dat we eten. De onzekerheid in deze cijfers is veelzeggend: we weten nauwelijks iets van alle stoffen die we eten. Van zuurstof weten we meer: het werkt mee aan verouderingsprocessen die ervoor zorgen dat na 80 tot 100 jaar het lichaam ‘opgebrand’ is.

Ophouden met eten en met ademhalen is geen oplossing voor dit probleem. Paracelsus gaf bijna vijfhonderd jaar geleden al aan dat we bij het eten niet kunnen kiezen tussen ‘giftige’ en ‘niet-giftige’ stoffen. Slechts de dosis, de hoeveelheid, bepaalt of een stof schadelijk is. Voor de stoffen die het meest in ons eten voorkomen ligt de schadelijke dosis gelukkig vrij hoog. Maar voor andere stoffen is die schadelijke dosis opvallend laag. Hoewel het scheikundig dus ten onrechte is, worden die stoffen voor het gemak ‘gif’ genoemd.

Giftige stoffen worden van oudsher in drie groepen ingedeeld. Als eerste de dierlijke gifstoffen (zoals slangengif), dan de plantaardige gifstoffen (zoals vingerhoedskruid, paddestoelen e.d.) en als derde minerale gifstoffen (arseen- en kwikverbindingen). Vaak wordt deze indeling nog aangehouden, maar tegenwoordig hoort daar zeker een vierde groep bij: de synthetische gifstoffen (zoals dioxine, benzeen en PCB’s ).

Vrije Universiteit Amsterdam

Het boek ‘De kleur van chemie’ werd in 2007 uitgegeven door de Faculteit der Exacte Wetenschappen van de Vrije Universiteit Amsterdam (Afdeling Scheikunde en Farmaceutische Wetenschappen). Het is een geactualiseerde bundeling van informatieve brochures voor havo/vwo scholieren. Ze belichten de rol van de scheikunde op tal van gebieden.

Alle Kennislinkartikelen uit het hoofdstuk ‘Leven met gif’:

Dit artikel is een publicatie van VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen.
© VU Amsterdam, Faculteit der Exacte Wetenschappen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 januari 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.