Je leest:

Geloof je het zelf?

Geloof je het zelf?

Auteur: | 17 december 2007

Als je gelooft dat iets de waarheid is, reageert je brein anders dan wanneer je dat niet gelooft. Het verschil zit hem zowel in het hersengebiedje dat betrokken is bij rationele processen als in het emotionele deel van het brein. De onderzoekers denken dan ook dat het onderscheid tussen verstand en gevoel eigenlijk niet bestaat.

Geloof, ongeloof en onzekerheid zijn goed te onderscheiden in het brein. Dat ontdekten de Amerikaanse onderzoekers Sam Harris en Mark Cohen. Zij legden veertien vrijwilligers in een fMRI-apparaat. Terwijl ze in de hersenscanner lagen, kregen ze stellingen te zien over allerlei onderwerpen, waaronder wiskunde en geografie maar ook ethiek, godsdienst en hun eigen leven. De vrijwilligers moesten zeggen of ze geloofden dat een stelling waar of niet waar was, of dat ze het niet wisten.

Ondertussen bekeken de onderzoekers de hersenactiviteit die hierbij hoorde. Ze zagen verschillende gebieden in het brein actief worden bij geloof en ongeloof. Het verschil zat hem vooral in het midden van de prefrontale cortex. Dit hersengebied zit ongeveer onder de plek waar je op je voorhoofd tikt om aan te geven dat iemand gek is. Het is ook – evolutionair gezien – een nieuw gebied, dat bij mensen meer ontwikkeld is dan bij bijvoorbeeld mensapen. Dat juist dit gebied betrokken is bij geloof en ongeloof is een aanwijzing dat het maken van dit onderscheid een rationeel proces is.

Met een fMRI-scanner (voluit: functional magnetic resonance imaging scanner) kun je zien hoe je hersenen reageren als ze gestimuleerd worden door bijvoorbeeld geluid of het uitvoeren van een rekensom. De scanner maakt een soort driedimensionale foto van het brein, waarbij gebieden die op dat moment actiever zijn dan de rest – en dus beter doorbloed – oplichten. Op deze manier kun je bijvoorbeeld zien welk deel van het brein reageert als je iemand een stelling voorlegt.

Verstand en gevoel: twee kanten van dezelfde medaille

Maar bij ongeloof worden ook een aantal gebieden in het veel ‘oudere’ limbische systeem actief. Deze hersendelen zijn onder meer verantwoordelijk voor emotionele reacties. Als we iets ruiken of proeven dat we vies vinden, zorgt dit gebied voor een gevoel van walging. Als we bepalen of we iets voor waar aannemen of juist niet geloven, spelen onze oeremoties dus ook een rol: een onware stelling vinden we letterlijk walgelijk.

Dat zowel ons meest rationele als ons meest emotionele hersengebied betrokken zijn bij geloof, ongeloof en onzekerheid lijkt vreemd omdat we die twee meestal als tegenpolen zien. Toch blijkt steeds vaker uit onderzoek dat emotie en ratio twee kanten van dezelfde medaille zijn. In bijvoorbeeld besluitvorming vullen ze elkaar juist aan. Dat is dus iets heel anders dan het populaire idee dat je een besluit óf met je gevoel óf met je verstand neemt. Harris en Cohen vinden dan ook dat hun onderzoek andermaal aantoont dat we de tegenstelling tussen ratio en emotie in twijfel moet trekken.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 17 december 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.