Je leest:

Gehoorverlies door virus

Gehoorverlies door virus

Auteur: | 7 december 2009

De naam cytomegalovirus (CMV) zal niet direct bij veel mensen een belletje laten rinkelen. Dat is ook niet zo gek, want gezonde volwassenen merken het nauwelijks als ze ermee besmet zijn. Voor ongeboren kinderen brengt CMV echter risico’s met zich mee: zij kunnen er gehandicapt door raken. De DECIBEL-studie laat zien dat 23 procent van de zeer slechthorende en dove kinderen in Nederland hun handicap aan een CMV-infectie in de baarmoeder te danken hebben. Eenvoudige hygiënische maatregelen kunnen veel leed voorkomen.

De meeste zwangere vrouwen kennen de adviezen wel. Niet de kattenbak verschonen en geen lekkere hapjes als rauwmelkse kazen, halfrauwe biefstuk en filet americain meer verorberen. Dit alles om te voorkomen dat de ongeboren vrucht schade oploopt door een infectie met een virus, bacterie of parasiet. Maar het cytomegalovirus (CMV) als gevaar voor foetussen is veel minder bekend. Ook onder artsen, zo ontdekten LUMC-onderzoekers. En dat terwijl uit de DECIBEL-studie van het LUMC blijkt dat bijna een kwart van de zeer slechthorende en dove kinderen in Nederland hun handicap aan een CMV-infectie te danken hebben.

Klein hoofd

“We hebben met hulp van alle Audiologische Centra in Nederland de slechthorende en dove kinderen opgespoord die in drie opeenvolgende jaren geboren zijn”, vertelt Marleen Korver (Kindergeneeskunde). “Het RIVM bewaart het bloed afkomstig van de hielprik gedurende vijf jaar”, vult Jutte de Vries (Medische Microbiologie) aan. “Daardoor konden we voor die groep achterhalen of er CMV in het spel was.” Dat bleek inderdaad het geval bij 23 procent van de kinderen die doof of zeer slechthorend zijn. Ter vergelijking: van alle pasgeborenen in Nederland heeft minder dan één procent het virus onder de leden.

Medium
Infectie van het cytomegalovirus (CMV) in de longen. Onschuldig voor volwassen mensen, maar gevaarlijk voor het ongeboren kind.
Yale Rosen, Flickr

Wat is dat CMV voor een virus? “Voor gezonde volwassenen is het heel onschuldig”, antwoordt De Vries. “Vaak verloopt een infectie zonder symptomen, soms voelt iemand zich wat grieperig. Ongeveer de helft van de volwassen Nederlanders scoort seropositief voor het virus, dat wil zeggen: is er ooit mee in aanraking gekomen.” Niet iets om je zorgen over te maken dus.

Maar dat ligt anders voor zwangere vrouwen. “Als moeder kun je het virus via de placenta overdragen aan je ongeboren kind”, legt Korver uit. “Dat kan dan afwijkingen krijgen, zoals een groeiachterstand, een klein hoofd en leverfunctiestoornissen.” Het virus tast het centraal zenuwstelsel aan, waardoor problemen met horen en zien kunnen ontstaan. Ook de verstandelijke vermogens en de motorische ontwikkeling kunnen achterblijven.

Gehoorschade

Overigens vormt niet alleen een eerste besmetting met CMV een gevaar. Wie het virus ooit gehad heeft, loopt een kleine kans opnieuw besmet te raken. Het virus – dat na die eerste besmetting altijd latent aanwezig blijft in het lichaam – kan opnieuw actief worden. “Dat gebeurt soms als de afweer verlaagd is, maar mogelijk ook onder invloed van een nieuwe besmetting”, zegt De Vries. Alleen als het virus actief is, zijn er risico’s voor het ongeboren kind. Het is dus belangrijk om besmetting tijdens de zwangerschap te voorkomen.

“Gelukkig wordt 85 procent van de kinderen die in de baarmoeder met CMV besmet raken zonder symptomen geboren”, vertelt Korver. “Maar ook die groep is niet veilig: bij bijna een op de acht ontstaat later alsnog gehoorschade.” Die gehoorschade komt vaak pas op twee- of driejarige leeftijd aan het licht, als het kind achterblijft met praten. Prof. dr. Anne Marie Oudesluys- Murphy (Kindergeneeskunde): “Ouders gaan er in eerste instantie vanuit dat er met het gehoor van hun kind niets mis is. De uitslag van de gehoorscreening vlak na de geboorte was tenslotte normaal.”

Medium
85 procent van de kinderen die in de baarmoeder besmet raakt met CMV wordt zonder symptomen geboren. Bij bijna één op de acht ontstaat later gehoorschade.

Hielprik

Die late ontdekking is spijtig, want de eerste jaren zijn cruciaal voor de taalontwikkeling. “Om die reden zou het nuttig kunnen zijn om een test op CMV standaard toe te voegen aan de hielprik”, denkt De Vries. “Dan kun je de kinderen die besmet zijn geweest in de baarmoeder in de gaten blijven houden. En eventueel preventief behandelen.” De onderzoekster doelt daarmee op antivirale middelen, die mogelijk het ontstaan van gehoorproblemen kunnen remmen. Deze medicijnen worden al regelmatig gebruikt bij kinderen die heel ziek ter wereld komen. Korver: “Daar zie je ook een effect op het gehoor.”

De onderzoekers hopen nu te gaan onderzoeken of het zinvol en financieel haalbaar is om een CMV-test toe te voegen aan de hielprik die alle pasgeborenen toch al krijgen. De kinderen die voor de geboorte een CMV-infectie doormaakten kunnen dan regelmatig gecheckt worden op de gevolgen hiervan. Als het nodig is, kunnen de behandelaars snel gehooraanpassingen aanbieden.

Ook behandeling met antivirale middelen behoort tot de mogelijkheden. Maar het preventief behandelen daarmee van een grote groep kinderen heeft ook nadelen, erkent De Vries. “Er zijn bijwerkingen, met name een daling van het aantal witte bloedcellen.” De eerder genoemde afdelingen zullen samen met Oogheelkunde, Medische Besliskunde, Klinische Farmacie en Toxicologie een studie gaan uitvoeren naar de effectiviteit van screening en behandeling van pasgeborenen met aangeboren CMV-infectie.

Onwetendheid

Voorlopig kunnen artsen en zwangere vrouwen alvast wél veel doen om CMV-besmetting bij ongeboren kinderen te voorkomen. De virusdeeltjes komen vooral in hoge concentraties voor in speeksel en urine. Oudesluys-Murphy: “Aangezien het virus veel rondwaart onder jonge kinderen, kunnen zwangeren met nauw contact met die groep besmet raken. Daarom zouden deze vrouwen hun handen goed moeten wassen als ze een luier hebben verschoond, bijvoorbeeld van hun oudere kind. Ze moeten geen lepeltje delen met hun baby en oppassen met kwijlende kinderen.”

Medium
Zwangere vrouwen kunnen CMV-besmetting bij ongeboren kinderen voorkomen. Bijvoorbeeld door goed de handen te wassen na het verschonen van de luier van een ouder kind.

Dat de meeste zwangere vrouwen deze informatie niet krijgen, komt doordat veel artsen niet genoeg weten van CMV. “We hebben enquêtes verspreid onder 246 artsen die betrokken zijn bij de zorg voor moeder en kind”, licht Korver toe. “Zo hebben we vastgesteld dat de kennis over symptomen, verspreiding, besmettingswijze en behandelingsopties tekortschieten.” De onderzoekers verwachten dat meer kennis bij artsen zal leiden tot betere voorzorgsmaatregelen bij zwangere vrouwen. Die groep krijgt er dan wel meteen nóg meer regeltjes bij. Maar handen wassen na het verschonen is gelukkig minder erg dan die lekkere hapjes laten staan. Misschien wil iemand anders die luiers voortaan zelfs wel verschonen…

Dit artikel is een publicatie van Cicero (LUMC).
© Cicero (LUMC), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 07 december 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.