Je leest:

Gammacanon (26): Nationalisme

Gammacanon (26): Nationalisme

Auteur: | 26 juni 2010

In de natie-staat zijn macht en identiteit met elkaar verbonden. Verwarring troef.

‘Nationalisme’ wordt in veel betekenissen gebruikt. Naast de vage, alledaagse betekenis (‘liefde voor het vaderland’) is er ook een preciezere. Daarin slaat nationalisme op een politieke ideologie: de soevereiniteit van de staat is geworteld in de collectieve identiteit van het volk. De vage ‘liefde voor het vaderland’ is van alle tijden. Maar het nationalisme als politieke ideologie is ontstaan in het Europa van 1760-1820, tijdens een ingrijpende intellectuele en staatkundige revolutie. De ‘natie-staat’ – die wij zo vanzelfsprekend vinden, die de nationale politiek en de internationale betrekkingen blijft bepalen – is een betrekkelijk recent verschijnsel. Waar is hij uit voortgesproten?

Om te beginnen uit een verandering in de verhouding tussen staat en volk. In het ancien régime moest het volk alleen maar werken en gehoorzamen; tijdens de Amerikaanse Revolutie van 1776 en de Franse Revolutie van 1789 verklaart het volk zich soeverein. Dat is wat democratie betekent: de gedachte dat de staatsmacht onder de soevereiniteit van het volk als geheel valt.

Het soevereine volk verbeeld door Delacroix’ in Vrijheid leidt het volk (1830).

Tevens veranderde de verhouding tussen volk en identiteit. Tijdens de Verlichting werden cultuurverschillen tussen Europese volkeren weggewuifd als anekdotische bijkomstigheden. Maar vanaf de Romantiek geldt culturele eigenaardigheid als datgene wat aan ieder volk zijn eigen onverwisselbare plaats in de schepping garandeert; kortom: een ‘identiteit’.

Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog werd het ‘zelfbeschikkingsrecht der volkeren’ een leidend principe in de westerse visie op de internationale betrekkingen. Maar wat is dat ‘volk’ dat recht kan claimen op zelfbeschikking? De Nederlanders, allicht, en de Ieren; maar hoe zit het met Friezen, of protestantse Ulster-Ieren? Zijn ‘de’ Belgen of Britten trouwens wel een volk?

Waar begint een volk, en waar houdt het op? Aan de wortel van het nationalisme ligt een grote dubbelzinnigheid. ‘De natie’ wordt nu eens als sociaal-politieke bevolkingslaag aangesproken (‘volkssoevereiniteit’), en dan weer als overerfde taal/cultuurgemeenschap (‘volksaard’). De wetenschap gebruikt daarvoor wel het Griekse begrippenpaar demos en ethnos.

Ook het nationalisme vertoont die twee gezichten. Het ene beklemtoont burgerschaps- en gemeenschapsgevoel, waarbij de staat als een afspiegeling wordt gezien van de natie als demos (ook wel civiel nationalisme genoemd). Gemeenschapsgevoel is in principe kleinschalig, en ontstaat waar mensen over en weer weet van elkaar hebben. De moderne staat is zo grootschalig, dat zulk gemeenschapsgevoel er niet vanzelf kan zijn; maar dankzij de massamedia wordt er wel iets opgeroepen waarbij inwoners van Vlissingen en Maastricht allemaal meeleven met een ramp in Volendam of Enschede. Daardoor wordt een nationaal wij-gevoel als virtueel gemeenschapsgevoel bewerkstelligd.

Etnisch nationalisme is niet identiek aan racisme.

Etnisch nationalisme – het andere gezicht van nationalisme – ziet de natie als ethnos, cultuurgemeenschap. Etnisch-nationalisten (‘volksnationalisten’) willen dat de staat een culturele traditie belichaamt, en zich daarmee afbakent ten opzichte van andere cultuurtradities. Etnisch nationalisme kan grote culturele eenkennigheid teweegbrengen.

Daar moeten twee nuanceringen bij worden aangebracht. Ten eerste: etnisch nationalisme kan weliswaar overvloeien in racisme, maar is er niet identiek aan. Racisme wordt ook buiten de nationalistische ideologie aangetroffen. Ten tweede: civiel en etnisch nationalisme zijn wetenschappelijke typeringen; in de praktijk zien we in elke nationale beweging of nationalistische groepering een mengeling van de twee, in verschillende gradaties.

Nationalisme legt een verband tussen de macht van de staat en de identiteit van het volk; het plaatst het verbindingsstreepje in de ‘natie-staat’. Maar de natie wordt nu eens als politiek-economische samenleving van belastingbetalers gedefinieerd, en dan weer als cultuurgemeenschap die haar identiteit ontleent aan de erfenis van een historische traditie. De kortste definitie van ‘nationalisme’ is dus wellicht deze: de ideologie die demos en ethnos met elkaar verwart.

Joep Leerssen is hoogleraar Moderne Europese Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam.

Jongeren vinden woonland belangrijk

Nationale identiteit verandert voortdurend

Beter wat minder beleefd?

Ralph Aarnout

Waarom heeft Amerika geen Mohammed B.?

Robbert Woltering

Stereotypen in de reiskoffer

Kahliya Ronde

De laatste artikelen over nationalisme en nationale identiteit

Oeps: Onbekende tag `feed’ met attributen {"url"=>"https://www.nemokennislink.nl/kernwoorden/nationalisme/nationale-identiteit/index.atom?m=of", “max”=>"5", “detail”=>"normaal"}

Dit artikel is een publicatie van Volkskrant.
© Volkskrant, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 26 juni 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.