Je leest:

Gammacanon (2): Geluk

Gammacanon (2): Geluk

Auteur: | 9 januari 2010

Mensen uit rijke landen zijn gelukkiger. Maar binnen een land maakt geld niet zo veel uit.

Wat geld is weten we wel, maar wat is ‘geluk’ precies? Het woord geeft verschillende betekenissen. Er is voorbijgaand geluk zoals ‘mazzel’ of ‘extase’, en meer duurzaam geluk zoals voldoening met het leven als geheel. Bij de vraag of geld gelukkig maakt, gaat het over dat laatste: geluk in de zin van levensvoldoening.

Levensvoldoening is iets wat je in gedachten hebt. Geluk kan daarom gemeten worden door ernaar te vragen. Een veelgebruikte enquêtevraag luidt: ‘Alles bij elkaar genomen, hoe tevreden of ontevreden bent u met uw leven als geheel? Geef aan met een cijfer van 1 tot 10, waarbij 1 staat voor ontevreden en 10 voor tevreden.’ Deze vraag is ook voorgelegd bij een steekproef uit de Nederlandse bevolking. Mensen blijken geen moeite hebben met de beantwoording van deze vraag. Ze hoeven er niet lang over na te denken, en minder dan 1 procent kruist de optie ‘weet niet’ aan. De meeste Nederlanders beoordelen hun leven positief. Het gemiddelde is 7,9. Dat wil niet zeggen dat alle Nederlanders zo gelukkig zijn; 2 procent beoordeelt het eigen leven met een 4 of minder en 25 procent met een 9 of meer.

Maar maakt geld nu gelukkig?

Word je hier gelukkig van?

Nu terug naar de vraag of geld gelukkig maakt. Daarbij zijn twee vragen in het geding. Eén vraag is of de rijkdom van het land bijdraagt aan het geluk van de inwoners, en daarbij moeten we vergelijken tussen landen. Een andere vraag is of persoonlijke rijkdom bijdraagt aan geluk, en daarvoor moeten we vergelijken binnen landen.

Inmiddels weten we al van 150 landen hoe gelukkig de mensen er gemiddeld zijn, en van alle landen weten we ook het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking. Als die gegevens tegen elkaar worden afgezet, blijkt zonneklaar dat mensen in rijke landen gelukkiger zijn.

Betekent dat ook dat de rijkdom van het land gelukkig maakt? Als dat zo is, zouden we gelukkiger moeten worden als de welvaart stijgt en minder gelukkig als de welvaart daalt. In arme landen blijkt dat vaak het geval, maar in rijke landen vaak niet. In Nederland bijvoorbeeld is de welvaart sinds 1970 aanzienlijk gestegen, maar is het geluk vrijwel op hetzelfde (hoge) niveau gebleven. Het effect zit dus kennelijk niet alleen in de materiële welvaart als zodanig, maar in allerlei zaken die daarmee gepaard gaan, zoals vrijheid, gelijkheid, rechtszekerheid en goed bestuur. Dat alles is weer onderdeel van de moderne maatschappij die gekenmerkt wordt door een hoge graad van arbeidsverdeling en een ongekende keuzevrijheid. Dat type samenleving sluit kennelijk goed aan op de aard van de mens, want we leven nu langer en gelukkiger dan ooit. Het is niet goed mogelijk het effect van materiële welvaart uit dit complex te isoleren.

Het maakt maar voor vijf procent uit…

Rijkelui zijn niet per se gelukkiger omdat ze meer geld hebben. Erfelijkheid speelt ook een rol.

In alle landen zijn veelverdieners meestal gelukkiger dan mensen die weinig verdienen. Die verschillen zijn groter binnen arme landen dan binnen rijke landen. In Nederland gaat nog geen 5 procent van de verschillen in geluk gepaard met verschil in inkomen. Dat verband is verder nog deels het gevolg van een effect van geluk. Geluk houdt ons gezond en actief; daardoor verdienen gelukkige mensen meer. Het geringe effect van geld op geluk in rijke landen blijkt ook uit Engels onderzoek waarbij dezelfde mensen elk jaar werden ondervraagd. Deelnemers die een financiële meevaller hadden gehad, zoals een erfenis, bleken in het jaar van de meevaller wel een tikje gelukkiger te zijn, maar in het jaar daarop niet meer.

Als geld zo weinig uitmaakt in landen als Nederland, wat verklaart de verschillen in geluk dan wel? Ruim 30 procent zit in erfelijke factoren, zoals aangeboren gezondheid en persoonlijkheid. Dat weten we uit analyses van het Nederlandse tweelingenregister. Zo’n 10 procent van het verschil zit in sociale relaties, en ook rond de 10 procent in opleiding en beroep. Toeval verklaart in een geordende samenleving als die van Nederland nog eens 10 procent van de verschillen in geluk. Verder weten we het nog niet.

Dan nog een laatste vraag: als geld zo weinig bijdraagt aan ons geluk, waarom werken we dan nog zo hard? Het spel is kennelijk belangrijker dan de knikkers. Geluk is een bijverschijnsel van het gebruik van onze vermogens. We voelen ons daarom prettig als we lekker bezig zijn.

Socioloog prof. Ruut Veenhoven is hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zijn specialiteit is geluk. Hij is ook directeur van de World Database of Happiness.

Meer lezen?

Groter geluk voor een groter aantal

Ruut Veenhoven

Geld maakt wél gelukkig – zolang het maar groeit

Materialisme maakt niet gelukkig

Asha ten Broeke

Geluksadviezen gewogen

Eline Wubbels

De laatste artikelen over geluk

Oeps: Onbekende tag `feed’ met attributen {"url"=>"https://www.nemokennislink.nl/kernwoorden/geluk/index.atom", “max”=>"5", “detail”=>"normaal"}

Dit artikel is een publicatie van Volkskrant.
© Volkskrant, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 09 januari 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.