Je leest:

Fruitvlieg met afstandsbediening

Fruitvlieg met afstandsbediening

Auteur: | 7 april 2005

Onderzoekers hebben fruitvliegjes ontwikkeld die met een ‘afstandsbediening’ bestuurd kunnen worden. Het is mogelijk om de beestjes bepaald gedrag te laten vertonen onder invloed van licht. Het artikel waarin dit beschreven wordt verschijnt deze week in het Amerikaanse tijdschrift Cell.

Onderzoekers hebben fruitvliegjes ontwikkeld die met een ‘afstandsbediening’ bestuurd kunnen worden. Het is mogelijk om de beestjes bepaald gedrag te laten vertonen onder invloed van licht. Het artikel waarin dit beschreven wordt verschijnt deze week in het Amerikaanse tijdschrift Cell.

De fruitvliegen zijn door de wetenschappers genetisch veranderd, zodat delen van de hersenen lichtgevoelig werden. Daarna konden ze met behulp van licht bepaalde zenuwen in de hersenen activeren, en zo een bepaald gedrag veroorzaken. Hiervoor werden smalle, gerichte laserstralen gebruikt, om precies op de goede cellen te kunnen richten. In sommige van de experimenten werden de hersenen zo veranderd dat de onderzoekers de vliegen konden laten springen en vliegen. In andere ging het om cellen die bij activatie het lopen van de vliegjes stimuleerden. Door de sterkte en de richting van de lichtbundel te variëren, kon ook de activiteit van de vliegjes en de richting waarin ze bewogen veranderd worden.

Bij 1 loopt een fruitvliegje in een petrischaaltje. Bij 2 zie je de lichtflits. Bij 3 zie je hoehet vliegje probeert uit het (dichte) petrischaaltje weg te vliegen. Alle drie de foto’s zijn genomen binnen een seconde na elkaar. Bron: Cell.Klik op de afbeelding voor een grotere versie.

Het nut van deze ontdekking is dat nu duidelijk zichtbaar te maken is dat een specifieke hersencel een specifiek gedrag veroorzaakt. Het handige van de gebruikte methode is dat het hiermee mogelijk is de werking van de hersenen te onderzoeken zonder in een dier te hoeven snijden. Gewoonlijk gebeurt dit soort gedragsonderzoek met elektroden die in de hersenen aangebracht moeten worden. Dankzij de genetische veranderingen waar in dit onderzoek gebruik van gemaakt is, kan het voortaan ook zonder operaties. Dit opent veel nieuwe mogelijkheden voor gedragsonderzoek.

Het lastigste onderdeel voor de onderzoekers was het bedenken van de meetmethode. Hoe kan je namelijk in een levend, bewegend, organisme bepalen of een hersencel wel of niet geactiveerd is? Als oplossing hebben ze gekozen voor het aanpassen van het hersengedeelte dat vluchtgedrag veroorzaakt. Als ze dan de vliegjes met licht zouden beschijnen, zouden deze duidelijk herkenbaar gedrag vertonen. Dit bleek inderdaad te werken, in 60-80% van de gevallen begonnen de dieren weg te vliegen en ander ontwijkend gedrag te vertonen. Naast toepassingen binnen het gedragsonderzoek, zou dit onderzoek in de wat verdere toekomst mogelijk ook kunnen leiden tot nieuwe behandelmethodes voor mensen met hersen- of zenuwbeschadigingen.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 07 april 2005

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink Agenda

NEMO Kennislink vertoont op deze plaats normaal gesproken wetenschappelijke activiteiten uit heel Nederland. Door de maatregelen tegen het nieuwe coronavirus zal daarvan een groot gedeelte worden afgelast. Omdat we geen achterhaalde informatie willen verspreiden, laten we voorlopig geen activiteiten zien.
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.