Je leest:

Fossiel bewijs voor dinogevechten

Fossiel bewijs voor dinogevechten

Auteur: | 28 januari 2009

Gehoornde Triceratops dinosaurussen verwondden de kop van hun soortgenoten in gevechten. Paleontologen van het Raymond M. Alf museum in Amerika komen tot die conclusie na het analyseren van fossiel materiaal. Hierin zijn littekens te zien van onder meer ontstekingen en botbreuken. Bij een andere gehoornde soort, de Centrosaurus, werden geen sporen van gevecht op de kop aangetroffen. Wellicht richt deze dino zich tijdens een ruzie sterker op het lichaam van zijn tegenstander.

Paleontologen van het Raymond M. Alf museum in Amerika hebben ontdekt dat gehoornde Triceratops dinosaurussen de kop van hun soortgenoten tijdens gevechten verwondden. Zij publiceren het fossiele bewijs van die gevechten deze week in vakblad PLoS ONE.

Dinogevechten reconstrueren

We kennen het allemaal wel: het beeld van vechtende, gehoornde dinosaurussen die elkaar op de kop aanvallen. Tot voor kort was helemaal niet bekend of dit beeld wel op waarheid berustte. Niemand heeft immers ooit een dinogevecht ‘live’ kunnen volgen. Paleontoloog Andrew Farke besloot dat het wel mogelijk moest zijn om het gebruik van hoorns te reconstrueren aan de hand van fossiel materiaal. Daartoe onderzocht hij de schedels van de gehoornde soorten Triceratops en Centrosaurus in de collecties van Noord-Amerikaanse natuurhistorische musea.

Reconstructie van een gevecht tussen twee Triceratops. Afbeelding: Lukas Panzarin, Raymond M. Alf Museum of Paleontology

De kop van beide dinosoorten ziet er net iets anders uit. De Triceratops heeft twee grote hoorns boven op zijn kop en één kleine hoorn op zijn neus. Bij de Centrosaurus is het juist net andersom. Deze dino heeft twee kleine hoorns op zijn kop en één grote hoorn op zijn neus. De gevechtstijl van moderne, gehoornde dieren wordt sterk bepaald door uiterlijke kenmerken van de hoorns en hun positie op de kop. Hierop afgaande verwacht Farke dat het gebruik van de hoorns bij beide dinosoorten ook heel verschillend zal zijn.

Schedels van de Triceratops (A) en de Centrosaurus (B). De grijze stukken zijn de botten die de onderzoekers bekeken hebben. Het linker cijfer geeft daarbij steeds aan hoeveel verwondingen zij op die plek vonden en het rechter cijfer geeft het totaal aantal onderzochte botten. Afbeelding: Farke et al.

Gevecht op kop of lichaam

Verspreid over de fossiele koppen komen vooral ontstekingen en ook een aantal (al dan niet geheelde) botbreuken voor. Vooral het meest uitstekende deel van de kraag van de Triceratops had het zwaar te voorduren. Dit gedeelte werd maar liefst tien keer zo vaak getroffen als hetzelfde stukje kraag bij de Centrosaurus. Door gevechten tussen Triceratops te simuleren, zag Farke dat de gevonden verwondingen zich precies bevinden op plaatsen waar de hoorn van een soortgenoot zou raken.

Voorbeeld van ontstekingsschade op de kraag van een Triceratops (bij de pijlen). De ontsteking is zichtbaar als een richeltje (extra botvorming) op de kraag. Afbeelding: Farke et al.

Pas geleden ontdekten wetenschappers dat de Centrosaurus is ontstaan uit een voorouder met de hoornconfiguratie van een Triceratops. Farke denkt dan ook dat de Centrosaurus zijn vechtstijl heeft aangepast om schade aan de kop te verminderen. Waarschijnlijk speelden gevechten binnen deze dinosoort zich meer af op het lichaam dan op de kop. Aanwijzing hiervoor is het relatief grote aantal gebroken ribben dat je in Centrosaurus fossielen vindt.

Bronnen

Evidence of combat in Triceratops (Andrew Farke, Ewan Wolff en Darren Tanke), PLoS ONE, 28 januari 2009

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 28 januari 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.