Je leest:

Europa ziet nadelen van biobrandstoffen

Europa ziet nadelen van biobrandstoffen

Auteur: | 19 januari 2008

In 2020 moet 10 procent biobrandstof worden bijgemengd. Zelfs de Europese Commissie twijfelt nu openlijk of dat wel milieuwinst gaat opleveren.

De Europese Commissie handhaaft vooralsnog de doelstellingen voor het gebruik van biobrandstoffen. Dat zei energiecommissaris Andris Piebalgs afgelopen week in reactie op kritische uitlatingen van zijn collega, milieucommissaris Stavros Dimas. Dimas wees in een interview met de BBC op de mogelijk nadelige effecten van dit beleid voor het milieu en voedselprijzen. Als die schade optreedt zou het volgens Dimas beter zijn om de doelstelling niet te halen. Een week eerder had Europees commissaris voor ontwikkeling en internationale hulp, Louis Michel, gewaarschuwd dat het biobrandstofbeleid geen schade mag toebrengen aan ontwikkelingslanden.

Deze openlijke onenigheid tussen eurocommissarissen over biobrandstof loopt vooruit op de aankondiging van nieuwe certificeringregels voor biobrandstoffen. De Europese Commissie zal naar verwachting op 23 januari de voorstellen bekend maken van de duurzaamheideisen waaraan biobrandstoffen moeten voldoen. Zo zou bijvoorbeeld biobrandstof afkomstig van landbouwgrond die voor mei 2003 nog oerwoud was niet aan de criteria voldoen.

De Britse Royal Society kwam deze week met een kritisch rapport (‘Sustainable Biofuels’). Biobrandstofbeleid stelt tot nu toe alleen een doel voor het percentage bijmenging en niet voor de mate van reductie van de CO2-uitstoot. Bij de productie van biobrandstof worden namelijk grote hoeveelheden fossiele brandstof gebruikt; voor biodieselproductie lopen de schattingen uiteen van 0,2 tot 1,3 liter aardolie per liter biodiesel. Die fossiele brandstof wordt verbruikt in de landbouw, bij de productie van kunstmest en in de fabrieksmatige opwerking van oliehoudende zaden.

Landbeslag

‘Prachtig dat deze discussie over de nadelen van biobrandstoffen eindelijk op dit niveau wordt gevoerd’, zegt de Wageningse hoogleraar duurzame ontwikkeling Rudy Rabbinge. ‘Lange tijd geloofde men in de politiek dat biobrandstof heel goed zou zijn voor het milieu. Dat is een illusie. Je krijgt onherroepelijk conflicten met grondgebruik, met waterverbruik en je treft de armen.’

Rabbinge waarschuwt naar eigen zeggen al sinds 1981 voor de problemen die grootschalige inzet van biobrandstof kan veroorzaken. Simpele rekensommen laten volgens de hoogleraar zien dat landbouw niet de weg kan bieden om het energievraagstuk en de klimaatproblematiek op te lossen. Zo is bijvoorbeeld voor de Nederlandse biobrandstofdoelstelling – 5,75 procent bijmenging in 2010 – 1,4 miljoen hectare koolzaad nodig. Dat is een landbouwareaal gelijk aan eenderde van Nederland. Daarmee wordt direct duidelijk dat de Nederlandse biobrandstofdoelstelling alleen gehaald kan worden door import uit Azië en Zuid-Amerika.

Volgens Rabbinge is dat astronomische landbeslag het gevolg van de grote energiehonger van auto’s en vrachtwagens. Een gemiddelde auto verbruikt per dag zeven maal meer energie dan een mens. Een volwassen mens heeft per dag genoeg aan de energie van driehonderd milliliter slaolie. ‘Van de kilocalorieën in een volle SUV-tank met biobrandstof kun je een Indiaas gezin een heel jaar voeden.’

Rabbinge ziet wel mogelijkheden voor de tweede generatie biobrandstoffen, maar dan op kleinere schaal en gewonnen uit bijvoorbeeld plantenafval in plaats van voedselgewassen. ‘Ook dan is het geen panacee en er is nog veel ontwikkeling nodig om ze aan de criteria te laten voldoen Het echte alternatief is besparen op energieverbruik en veel meer inzetten op zonne-energie.’

Dit artikel is een publicatie van Bionieuws.
© Bionieuws, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 19 januari 2008

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.