Je leest:

Engels in advertenties werkt niet statusverhogend

Engels in advertenties werkt niet statusverhogend

Anders dan de literatuur doet vermoeden, worden Engelse termen in personeelsadvertenties door lezers niet als statusverhogend gezien. Maar wanneer mensen buiten personeelsadvertenties om een Engelse functienaam zien, hebben ze de neiging de functie hoger te waarderen. Zo denken ze dat een ‘maintenance engineer’ meer verdient dan een onderhoudstechnicus. Dat blijkt uit onderzoek waarop taalonderzoeker Frank van Meurs op 29 november promoveert aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Small

Frank van Meurs onderzocht personeelsadvertenties uit Nederlandse kranten en van de vacaturesite Monsterboard. Hij wilde weten waarom organisaties Engelstalige advertenties of Engelse termen kiezen voor hun personeelswerving. Verder was hij benieuwd naar hoeveel Engels er gebruikt werd in advertenties en hoe de lezers Engelstalige advertenties beoordelen.

Hoofd PZ is history

Engelse termen in onze taal vinden we heel gewoon. Voor sommige functienamen bestaan ook geen Nederlandse tegenhangers; denk aan controller, callcenter agent of ICT-consultant. Of ze zijn erg gedateerd. “Hoofd PZ: daar komt geen kip meer op. Dat is history”, aldus één van de ondervraagden. Zo’n 40 procent van de personeelsadvertenties in de Volkskrant en ruim 87 procent van de advertenties op Monsterboard bevatten Engelse termen. De gedeeltelijk Engelstalige advertenties in de Volkskrant bevatten 1,8 procent Engelse woorden, op Monsterboard was dat tien keer zoveel: 18 procent. Deze verschillen hebben te maken met de diverse beroepssectoren die de twee media bedienen waarin het Engels in meer of minder mate gemeengoed is.

Maintenance engineer of onderhoudstechnicus

Voor de lezers van de advertenties maakt het weinig uit of een advertentie helemaal in het Engels, gedeeltelijk in het Engels of helemaal in het Nederlands is gesteld: dat heeft geen invloed op hun oordeel over de baan, de organisatie en de advertentie. Maar als lezers losse functiebenamingen beoordelen, zorgt een Engelse benaming er vaak wel voor dat ze een baan hoger waarderen. Zo schatten lezers het salaris van een maintenance engineer of een sales engineer hoger in dan dat van een onderhoudstechnicus of een technisch verkoper. De Engels klinkende banen vinden ze ook zwaarder en interessanter.

Large

Internationale consistentie

De meest voorkomende Engelse termen zijn: senior, professional en control. Van Meurs vroeg P&O-medewerkers van organisaties waarom ze Engelse termen gebruikten in hun personeelswerving. De redenen waren divers en praktisch. Van Meurs: "Soms heb je eenvoudigweg geen Nederlandse benaming (‘after sales’), of bij een bepaalde functie-aanduiding geen sekseneutrale benaming (‘house manager’ versus ‘huismeester’).

Maar vaker zie je dat Engelstalige termen binnen de organisatie of branche gewoon gebruikelijker zijn (‘Human resource management’, ‘executive search’). Een organisatie met buitenlandse vestigingen kiest dan voor internationale consistentie. Of een organisatie wil een bredere doelgroep bereiken dan alleen Nederlandstaligen. “Nederland is te klein voor ons,” zo vertelde een geïnterviewde. Slechts een enkele organisatie noemde prestige een reden om de Engelse taal te gebruiken.

Bewust kiezen voor Nederlandse termen

Aan de andere kant kiezen sommige organisaties ook juist bewust voor het gebruik van Nederlandse benamingen en vertalen ze Engelse termen, zoals helikopterblik. Personeelsadvertenties zijn weliswaar primair gericht op banenzoekers, maar de organisatie presenteert zich via de advertenties ook naar de buitenwereld. Een personeelsmanager in de zorg noemde dat als argument om Engelse termen te weren.

Small

Frank van Meurs (Schiedam, 1961) studeerde Engels aan de Universiteit Leiden en gaf les aan onder meer de Radboud Universiteit Nijmegen, sinds 2003 aan de opleiding Bedrijfscommunicatie. In 2003 startte hij met zijn promotieonderzoek, dat is begeleid vanuit het Centre for Language Studies van de Radboud Universiteit.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van Radboud Universiteit Nijmegen.
© Radboud Universiteit Nijmegen, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 15 november 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE