Je leest:

Eindsprint Obama ontkracht het lame duck-syndroom

Eindsprint Obama ontkracht het lame duck-syndroom

Obama is eerder een herrezen feniks

Menig Amerikaanse president die in zijn tweede termijn zit valt ten prooi aan het lame duck-syndroom, waarbij de leider van een natie slechts kreupel en lamgeslagen de eindstreep haalt. Deze ‘wet’ geldt echter niet voor president Obama: die boekt momenteel het ene succes na het andere. Hoe kan dat nou?

De dadendrang van president Obama is indrukwekkend de afgelopen tijd. Neem alleen al zijn activiteiten de afgelopen maand. In augustus gaf hij de hoogste berg in de VS haar controversiële Indiaanse naam terug, was hij de eerste zittende Amerikaanse president die het Noordpoolgebied in Alaska bezocht om daarmee de aandacht te vestigen op het klimaatprobleem, en verbeterde hij de rechten van arbeiders. Verder herstelde hij onlangs de banden met Cuba en Iran, en ondernam hij ferme stappen op het gebied van immigratie en het tegengaan van klimaatverandering. Zo bepaalde hij dat in de toekomst de CO2-uitstoot van energiecentrales met dertig procent verminderd dient te zijn in vergelijking met 2005.

Mount mckinley
Ain’t no mountain high enough. Obama besloot om Mount McKinley voortaan Mount Denali (“de hoge” in het Athabaskisch) te laten noemen. Dit tot woede van Republikeinse tegenstanders.
Wikimedia Commons

Voeg daaraan toe dat hij eind juni het Witte Huis in een regenboog kleurde vanwege de legalisering van het homohuwelijk in alle Amerikaanse staten en zijn successen rondom de invoering van Obamacare vierde. Denk ook nog aan zijn indrukwekkende optreden tijdens de herdenking van de schietpartij in de kerk in Charleston en het is duidelijk: deze president wil een erfenis achterlaten en is nog lang niet uitgeregeerd.

Obamacare
Obama’s hervorming van het gezondsheidsverzekeringenstelstel in de VS heet officieel de Patient Protection and Affordable Care Act. Tegenstanders spraken minachtend van Obamacare. Inmiddels geldt Obamacare als dé naam voor het nieuwe verzekeringsstelsel. Hierdoor zal Obama nog lang na zijn aftreden herinnerd worden als de invoerder ervan.
Flickr.com

Gevreesde tweede termijn

Dat valt extra op, omdat Obama inmiddels aan de eindfase van zijn presidentschap is begonnen. In de politicologie wordt een Amerikaanse president in zijn tweede termijn wel omschreven als een zogenaamde lame duck, een kreupele eend. Officieel beslaat deze term slechts zo’n twee maanden. Van de dag in november waarop de verkiezingen voor een nieuwe president zijn tot de inauguratie van zijn opvolger in januari het jaar daarop. Maar volgens onder meer Karen Johnson-Cartee, emeritus professor aan de Universiteit van Alabama, wordt een president feitelijk al als aangeschoten wild beschouwd na de tussentijdse Congresverkiezingen, halverwege zijn tweede termijn. Dat is helemaal het geval als de president na die verkiezingen geen meerderheid meer in het congres heeft.

Obamalameduck
Spotprent van Obama en aanhangers als lame ducks, na de voor Obama desastreus verlopen presidentsverkiezingen in 2008, waarbij de Democraten hun meerderheid in het Congress verloren.
Flickr.com

Zo’n ‘kreupele eend’ zou hoegenaamd weinig tot niets meer voor elkaar krijgen bij het Congres en ook steeds minder aandacht in de media krijgen. Er wordt zelfs beweerd dat de tweede termijn voor presidenten een waar ‘trauma’ is, waarbij dan de voorbeelden van Richard Nixon of Bil Clinton worden genoemd.

Onderzoek van Michael Nelson, een Amerikaanse hoogleraar politicologie aan Rhodes College gespecialiseerd in Amerikaanse verkiezingen en presidenten, laat inderdaad zien dat Amerikaanse presidenten in hun tweede termijn haast altijd minder succesvol zijn dan tijdens hun eerste termijn.

Ze moeten het bij voorkeur hebben van de eerste ‘honderd dagen’, een term (Hundred Days) die verwijst naar het succes van voormalig president Franklin D. Roosevelt bij de start van zijn presidentschap in 1933. In zijn eerste honderd dagen loodste hij maar liefst zestien nieuwe wetten door het Congres.

Lameduckpowerlessness
Het idee achter een lame duck is een beetje hetzelfde als dat van ‘aangeschoten wild’ in het Nederlands. Een president is vleugellam en daardoor nog gemakkelijker te raken.
Flickr.com

Hersteld vertrouwen

Maar Obama lijkt het lame duck-fenomeen dus te ontkrachten. Sterker nog, zijn optreden laat zien dat hij het juist moet hebben van zijn laatste periode als president. Bekende voormalige criticasters van Obama zoals econoom en Nobelprijswinnaar Paul Krugman (2014) hebben hun oordeel over hem als een zwakke president zonder ruggengraat dan inmiddels ook herzien. Zo prees Krugman hem in een stuk in tijdschrift Rolling Stone onder meer voor het feit dat zijn plan om de Amerikaanse economie te stimuleren ervoor zorgde dat de Verenigde Staten de crisis sneller achter zich kon laten dan Europa. Terwijl Obama’s blik op het klimaat bovendien getuigt van staatsmanschap dat ook de lange termijn in de gaten houdt.

Dt.common.streams.streamserver
Lamme eend? Welnee, eerder een herrezen feniks.
Flickr.com

Niets te verliezen

Hoe kan het nou dat het met Obama in tegenstelling tot veel van zijn voorgangers niet bergafwaarts gaat, maar hij juist veel successen boekt? Vleugellam zijn kent niet alleen nadelen maar ook voordelen. Weliswaar kan aangeschoten wild gemakkelijker tot stilstand gebracht worden, maar de andere kant van het verhaal is dat je als lame duck niet meer zoveel te verliezen hebt. Hierdoor is het mogelijk je te richten op wat je belangrijk vindt zonder teveel rekening hoeven te houden met de consequenties daarvan, zoals stemmenverlies en protesten in de eigen of oppositiepartij.

Bevrijd van de druk om het anderen naar de zin te maken, lijkt Obama zich vrijer dan ooit te voelen. Tijdens zijn speech bij de herdenking van de negen Afro-Amerikaanse kerkgangers die door een blanke racist doodgeschoten werden, verbaasde Obama niet alleen door met success de gospel song Amazing Grace aan te heffen. Hij kaartte ook het probleem aan van ‘blijvend en structureel racisme’ tegen Afro-Amerikanen en pleitte voor een hervorming van ‘te soepele’ wapenwetten in de Verenigde Staten. Eerder ging hij dergelijke beladen onderwerpen juist uit de weg of bediscussieerde ze slechts in heel algemene termen. Inmiddels heeft hij openlijk de strijd aangebonden met het Congres, dat hij verwijt eerder naar de wapenlobby dan naar de burger te luisteren.

Obama’s speech in Charleston.

Hij is misschien wel eindelijk de leider geworden die hij in 2008 al beoogde te zijn, toen hij de verkiezingen voor de eerste keer won met de slogan Change we can believe in. Maar daarop zo voorzichtig opereerde dat er volgens veel van zijn (voormalige) aanhangers onvoldoende van die beoogde veranderingen terecht kwam. Nu hij minder de druk voelt om bepaalde partijden niet tegen zich in het harnas te jagen, lijkt zijn nalatenschap hem vooral te interesseren, zo denkt politiek analyst van CNN/IBN Ayushman Jamwal. Gaat hij de boeken in als een succesvolle hervormingsgezinde president?

Obamaforwardagain
In zijn tweede ambtstermijn lijkt Obama’s verkiezingsslogan in 2008 Change, we can believe in meer en meer waarheid te worden.
Flickr.com

Toch een grote president?

Herkomst

De term lame duck werd voor het eerst gebruikt op de aandelenbeurs in London in de achttiende eeuw, om te verwijzen naar failliete effectenhandelaren. Letterlijk slaat het op een eend die niet meer mee kan komen met zijn soortgenoten. Hierdoor wordt hij een gemakkelijke prooi voor roofdieren. In de negentiende eeuw werd de term voor politici gebruikt. Zo berichtte de Congressional Globe op 14 januari 1863 over afgebrande politici “oftewel lame ducks”. De term kan voor elke gekozen gedragsdrager gelden wiens periode van regeren afloopt. Bron: Wikipedia

Amerikaanse presidenten worden al decennia lang door politicologen en historici gescoord op Presidential Greatness. Daarbij wordt gebruik gemaakt van vragenlijsten om deskundigen maar ook het grote publiek een rangorde te laten aangeven van de Amerikaanse presidenten tot nu toe.

Politicologen Marc Landy van Boston College en Sidney M. Milkis van de University of Virginia beschrijven in hun boek Presidential Greatness dat het uiteindelijke succes van een president vooral wordt bepaald door het getoonde leiderschap, want een van de belangrijkste criteria is volgens hen het hebben van visie. De meest recente poll in 2015 onder politicologen gaf aan dat tot nu toe Abraham Lincoln de grootste president is, en Bill Clinton de grootste onder de nog levende oud presidenten.

De geschiedenis zal moeten uitwijzen of Obama ook in dit opzicht korte metten maakt met het verschijnsel van de lame duck, en door zijn leiderschap aan het eind van zijn tweede en laatste termijn juist hoog gaat eindigen op de Presidential Greatness Index. De voorspellers van de grootheid van een president zijn met name zijn bereikte successen en mislukkingen. Of Obama nu eindigt bij de ‘groten’ onder de presidenten of niet, hij laat hoe dan ook zien hoe je, met het eind van je regeerperiode in zicht, niet als lame duck hoeft te eindigen – maar juist in een machtige eindspurt nog verrassend veel voor elkaar kan krijgen.

Over de auteurs

Janka Stoker werkt als hoogleraar Leiderschap en Organisatieverandering aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen. Ze onderzoekt onder meer wat cruciale factoren zijn voor effectief leiderschap en hoe je die kunt ontwikkelen. Daarnaast is ze directeur van leiderschapcenter In the Lead, dat onder meer elke week interessante nieuwtjes plaatst over leiderschap.

Harry Garretsen is hoogleraar Economie aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Rijksuniversiteit Groningen. Naast internationale economie en bedrijfskunde, heeft hij een passie voor alles wat met leiderschap te maken heeft. Ook hij is actief in In the Lead.

Bronnen

  • Egan, T., Obama Unbound. The New York Times. 19 december 2014.
  • Johnson, K.S., The Portrayal of Lame-Duck Presidents by the National Print Media. Presidential Studies Quarterly, 16 (1) (1986), 50-65.
  • Krugman, P., In Defense of Obama, Rolling Stone, (8 oktober 2014).
  • Landy, M. & Milkis, S.M., Presidential Greatness. (Kansas 2000).
  • Nelson, M., Bill Clinton and the politics of second terms. Presidential Studies Quarterly, 28 (4), 786-792 (1998).
  • Scheiber, N., “As His Term Wanes, Obama Champions Workers’ Rights, New York Times. (31 augustus 2015)”http://www.nytimes.com/2015/09/01/business/economy/as-his-term-wanes-obama-restores-workers-rights.html?_r=0
  • Simonton, D.K., Presidential Greatness, The Historical Consensus and Its Psychological Significance, Political Psychology, pp. 259-283 (1986).
Dit artikel is een publicatie van Me Judice.
© Me Judice, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 22 september 2015

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE