Je leest:

Eerder Arabisch dan islam in Egypte

Eerder Arabisch dan islam in Egypte

Toen de Arabieren in 642 Egypte veroverden werd het Grieks en het Koptisch al vrij snel vervangen door het Arabisch. Het islamitische geloof dat de veroveraars meenamen, werd pas vele eeuwen later door de meerderheid van de bevolking aangehangen. De Leidse hoogleraar Petra Sijpesteijn onderzoekt aan de hand van papyri de verspreiding van het Arabisch in Egypte.

De Arabische verovering van Egypte was geen waterscheiding. Het duurde nog eeuwen voordat de meerderheid van de inwoners moslim was. Veel sneller ging de verspreiding van de Arabische taal. Dat zegt prof.dr. Petra Sijpesteijn in haar oratie op maandag 6 april.

Prof.dr. Petra Sijpesteijn: “Het gaat niet alleen om het rondtrekken van mensen en ideeën, maar ook om het letterlijk reizen van teksten. Waarom vinden we een Arabische brief in een Chinese oase?”

Verspreiding

Onderzoek naar de verspreiding van taal en teksten past volgens Sijpesteijn goed in het profileringsgebied ‘Global interaction of people, culture and power through the ages’, waarvan ze een van de trekkers is. “Het gaat niet alleen om het rondtrekken van mensen en ideeën, maar ook om het letterlijk reizen van teksten. Waarom vinden we een Arabische brief in een Chinese oase?” Sijpesteijn ziet vele mogelijkheden tot samenwerking. “Bij de School of Middle East Studies loopt er een project over oraliteit en het doorgeven van tradities voor het schrijven van teksten door professionele schrijvers. En met collega’s van Chinees en Japans kun je kijken naar hoe teksten functioneerden binnen bureaucratische rijken.”

Verovering

Sijpesteijns onderzoek richt zich op de verspreiding van het Arabisch in Egypte. In het jaar 642 werd Egypte door Arabische legers veroverd. Tachtig jaar later werd er in Egypte op grote schaal Arabisch geschreven. Uit die periode zijn Arabische teksten bewaard gebleven, over privézaken, bestuurlijke aangelegenheden en commerciële transacties, en zowel van moslims als van christenen. Het intrigeert Sijpesteijn dat de veroveraars meteen Arabisch gebruikten in de communicatie met de lokale bevolking. Sijpesteijn: “Waarom deden ze dat? Ze moeten er rekening mee gehouden hebben dat de bevolking geen Arabisch sprak. Het ging hun dus niet om de inhoud van die documenten, of in ieder geval niet alleen daarom. Ze hadden een andere boodschap; het Arabisch stond symbool voor de nieuwe heersers en de nieuwe religie.”

Grafsteen uit Egypte uit het jaar 31 AH/652 AD (Museum voor Arabisch kunst in Cairo)

Geletterdheid

In deze vroege periode waren er al allerlei Arabische teksten in omloop, waaronder papyri, Sijpesteijns onderzoeksterrein. Sijpesteijn: “Kleine briefjes om iemand de groeten te doen, maar ook betalingsbewijzen. Overeenkomsten, commerciële transacties, alles werd op schrift gesteld. Daarnaast waren er inscripties: deze brug is gesticht door die en die, vanaf dit punt is het tot Damascus zoveel mijl.” Sijpesteijn wil bestuderen hoe die teksten functioneerden. “Wat zeggen al die teksten over de mensen die ze gebruikten? Mensen vroegen zelfs bij hele kleine bedragen een bewijs dat ze hadden betaald, bijvoorbeeld voor een paar kilo graan als belastinggeld. Mensen waren zich er dus van bewust dat teksten belangrijk waren.”

Natuurlijk kon niet iedereen al die teksten lezen. Maar Sijpesteijn noemt 7e-8e-eeuws Egypte wel een geletterde maatschappij. “Mensen kwamen voortdurend met geschreven tekst in aanraking. Ze waren zich ervan bewust wat voor boodschap die meedroegen, soms zonder ze te kunnen lezen. Sommige mensen herkenden alleen dat iets Arabisch was, anderen hun naam. Weer anderen konden wel lezen maar niet schrijven.”

Arabisering

Het Arabisch verdrong in Egypte uiteindelijk het Grieks en het Koptisch, de laatste vorm van het Egyptisch. Sijpesteijn wil deze ontwikkeling in kaart brengen. “De Grieken zijn duizend jaar in Egypte geweest, maar het Grieks is nooit zo dominant geworden als het Arabisch. Binnen twee tot drie generaties na de Arabische verovering gebruikten christenen het Arabisch. Tegelijkertijd werden Grieks en Koptisch nog een paar eeuwen lang gebruikt voor administratieve doeleinden en in de privésfeer. Zo waren er recent tot de islam bekeerde handelaren die in het Koptisch schreven. En er waren christenen die in de tiende eeuw een Arabisch document op lieten stellen volgens islamitisch recht, maar dat lieten vertalen naar het Koptisch omdat een van hen geen Arabisch kende.”

Oudste Arabische papyrus, uit 22 AH/ 643 AD (Österreichische Nationalbibliothek)

Islamisering

Uit de laatste voorbeelden blijkt al dat de Arabisering van Egypte niet gelijk op ging met de islamisering, in tegenstelling tot bijvoorbeeld in Andalusië. Terwijl het gebruik van het Arabisch in Egypte vanaf de 9e eeuw sterk toenam, was pas in de 14e eeuw de bevolking in meerderheid moslim. Tegen die tijd was Egypte allang Arabisch-sprekend. Sijpesteijn: “De Mamlukken hebben er toen ook alles aan gedaan om de bevolking tot de islam te bekeren. Daarvoor kon het de heersers niet zoveel schelen. Men denkt vaak dat de veroveraars met de koran in de ene hand en het zwaard in de andere de islam verspreidden, maar lange tijd interesseerde het de heersers niet wat mensen geloofden. Op vele terreinen betekende de komst van de moslims helemaal geen waterscheiding.”

De vroege islam is onderwerp van een hevige discussie: sceptici menen dat de islam pas in de 9e eeuw is ontstaan, en niet zoals de islamitische historiografie wil in de 7e eeuw. Hoe staat Sijpesteijn in dat debat? ‘Misschien zou ik daar nog eens een boek over moeten schrijven. Maar ik vind het eigenlijk nog heel moeilijk om te zeggen hoe het nu precies zit. De soennitische islam die we kennen uit de 9e-eeuwse juridische boeken was er niet in al zijn vormen en aspecten al van het begin af aan. Maar er was wel iets daarvoor, met bepaalde elementen die we later weer terugvinden. Dat is waar ik naar kijk.’

Opgraving in de Fayyum in Egypte waarbij papyri werden gevonden

Dagelijks leven

Sijpesteijn richt de aandacht liever op het dagelijks leven van mensen. ‘Natuurlijk betrek je ook religie daarbij. Als ik lees “stuur me een schaap voor het offerfeest” dan weten we dat er zo’n feest was. Maar hoe mensen dat theologisch zagen en hoe dat zich verhoudt tot de pre-islamitische pelgrimage, dat is dan een heel ander verhaal. Ik wil eerst maar eens kijken naar hoe mensen leefden. Daarom wil ik papyri ook bekijken als objecten, niet alleen naar wat ze over de geboorte van de profeet Mohammed vertellen.’

Dit artikel is een publicatie van Universiteit Leiden.
© Universiteit Leiden, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 april 2009

Discussieer mee

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE