Je leest:

Een toekomst onder bezetting

Een toekomst onder bezetting

Politieke betrokkenheid van jonge Palestijnse vluchtelingen

Auteur: | 14 april 2012

Het hebben doorstaan van oorlogsgeweld maakt Palestijnse jongeren in vluchtelingenkampen niet slechts tot slachtoffers, zij putten hieruit ook de ervaring van politieke slagkracht. Dit concludeert Gijs Verbossen in zijn masterscriptie waarvoor hij deze week de NGIZ Scriptieprijs ontving.

Antropoloog Gijs Verbossen onderzocht in een vluchtelingenkamp op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever het effect van het langdurige Palestijns-Israëlisch conflict op het dagelijks leven van jonge Palestijnen. Hij stelt dat de ervaringen die deze generatie Palestijnse vluchtelingen opdoen het vredesproces zeker niet ten goede komen. Zijn scriptie hierover werd donderdag 12 april bekroond met de Scriptieprijs van het Nederlands Genootschap voor Internationale Zaken, voorloper en medeoprichter van het Instituut Clingendael dat de bevindingen van Verbossen deze zomer in haar tijdschrift de Internationale Spectator publiceert.

Leven in oorlog

De oorlog van 1948, waarin Israël zich onafhankelijk verklaarde, bracht een stroom van Palestijnse vluchtelingen op gang. Hun problematische situatie is nog altijd niet opgelost. Op dit moment bevinden zich bijna één miljoen Palestijnse vluchtelingen in kampen op de, sinds 1967 door Israël bezette, Westelijke Jordaanoever.

De Arabisch-Israelische oorlog van 1948 noodzaakte veel mensen tot vluchten: Joodse vluchtelingen uit Arabische landen trokken met name naar Israël, terwijl Palestijnse vluchtelingen het land juist verlieten. De groep Palestijnse vluchtelingen op deze foto uit 1948 is op weg naar Libanon.
Fred Csasznik, Wikicommons

Antropoloog Gijs Verbossen woonde vier maanden in zo’n kamp en interviewde tientallen jongeren die tijdens de tweede Palestijnse opstand van 2000 opgroeiden. Hun verhalen en ideeën, onlosmakelijk verbonden met de jaren van hevige gevechten die zij meemaakten en de politieke impasse waarin zij leven, vormen de basis voor zijn conclusies.

De jongeren van het kamp zijn ervan overtuigd dat de geschiedenis zich zal herhalen en zien geen andere toekomst dan dood en vernietiging. Het oorlogsgeweld houdt immers al sinds 1948 aan. Als gevolg daarvan hechten zij weinig waarde aan het leven. “Wij zijn praktisch toch al dood”, is een veel gehoorde uitspraak. Slachtofferschap en een verlies aan waardering van het leven definiëren hun zelfbeeld.

Niettemin vinden zij politieke slagkracht in deze voorstelling. De jonge vluchtelingen stellen zich namelijk voor ongevoelig te zijn voor het geweld “dat zeker nog gaat komen”. In een poging een gevoel van waardigheid en zelfredzaamheid te herwinnen wordt het doorstaan van ellende geïnterpreteerd als een teken van veerkracht en doorzettingsvermogen.

Palestijns vluchtelingenkamp Balatah.
Adnanmuf, Wikicommons

Vitale littekens

“Hier ging de kogel naar binnen, en hier kwam hij er weer uit”, vertelde Sahl wijzend naar de littekens op zijn schouder. “Natuurlijk is er meer gebeurd. In elkaar geslagen door Israëlische soldaten, weet je wel, maar Israël krijgt ons niet klein, Palestijnen hebben een sterk hart”, vervolgde hij. Een meerderheid van de jongeren in het kamp leggen dergelijke getuigenissen af.

Littekens zijn een tastbaar bewijs van slachtofferschap, maar een nog sterker bewijs van vitaliteit tegenover het doorstane leed. Deze tegenstelling wordt keer op keer benadrukt door de jonge vluchtelingen onderling en zij creëren daarmee, ondanks de bezetting, een gevoel van kracht.

Straten en muren kenmerken zich door kogelgaten, bomschade en vermeldingen van door geweld omgekomen familieleden. Huizen zijn koude vochtige bouwvallen, keer op keer provisorisch hersteld na bombardementen of vernielingen door het Israëlische leger. Activistische leuzen van verzet en politieke betrokkenheid zijn alomtegenwoordig.

Deze materiële staat van het kamp verhult eenzelfde boodschap als het lichaam van Sahl. Het kamp herinnert aan dood en vernietiging maar is tegelijkertijd een bewijs voor hun standvastigheid. De aanwezigheid van Israëlische soldaten in en om het kamp ondersteunt deze boodschap. In iedere windrichting zijn militaire bases zichtbaar en met regelmaat betreden soldaten zowel het kamp als woningen. Dit ontegenzeggelijke teken van militaire bezetting herinnert de jonge vluchtelingen desondanks dagelijks aan hun trotseren van die bezetting.

Israëlische soldaten betreden een Palestijnse woning, in het vluchtelingenkamp waar Gijs Verbossen onderzoek deed, door over de erfafscheiding te klimmen.
Gijs Verbossen

Internationale impasse

Zelfs de abstracte internationale politiek baant zich een weg naar het dagelijkse leven van jonge Palestijnse vluchtelingen en vergroot hun gevoel van slachtofferschap en toekomstloosheid.

“Hoor je dat, ze zullen nooit stoppen, de hele wereld is bevriend met Israël, en de Palestijnen staan er alleen voor”, reageerde Azam op een toespraak van Hillary Clinton. Zij bevestigde de “rotsvaste steun” van Amerika voor Israël ten overstaan van de internationale pers.

De jonge vluchtelingen hebben het idee dat zij niet kunnen rekenen op internationale hulp om de bezetting te beëindigen. Niettemin ervaren zij een gevoel van politieke daadkracht wanneer zij memoreren dat al vier generaties lang de annexatie van hun kamp en de Westelijke Jordaanoever is tegengehouden.

De Palestijnse jongeren die Gijs Verbossen interviewde zijn zelf niet concreet politiek actief. Zij zijn geen lid van een politieke partij en hebben geen deel in verzetsactiviteiten. Of zij daadwerkelijk politieke slagkracht hebben is dan ook te betwijfelen.

Echter, hun gevoel van onoverwinnelijke standvastigheid, als resultaat van de omstandigheden waarin het leven weinig waarde lijkt te hebben, zal wél de basis zijn voor hun toekomstige politieke betrokkenheid. In geval van een nieuwe geweldsgolf zullen zij geen moeite hebben hun leven te geven, noch zullen zij snel onder de indruk zijn van veelbelovende vredesbesprekingen. Deze houding draagt fundamenteel bij aan de impasse waarin het Israëlisch-Palestijns conflict zich bevindt.

Gijs Verbossen studeerde cum laude af als Master of Science in de Sociale en Culturele Antropologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Na werk als adviseur voor de Pax Ludens Foundation en het Nuffic NESO is hij momenteel PhD kandidaat Internationale Betrekkingen aan de La Trobe Universiteit in Melbourne in Australië. Zijn scriptie ‘A Future under Occupation’ kreeg de NGIZ Scriptieprijs 2010 en zal in bewerkte vorm gepubliceerd worden in het zomernummer van de Internationale Spectator, het maandblad van het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen Clingendael.

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van Kennislink (correspondentennetwerk).
© Kennislink (correspondentennetwerk), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 14 april 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.