Je leest:

Een Duitser voor de klas

Een Duitser voor de klas

Niels Müller (30) volgt samen met zes andere Duitse studenten de lerarenopleiding Duits aan de Universiteit Leiden. Alleen al om de stroopwafels zou hij voorlopig niet meer weg willen.

Niels doet de lerarenopleiding bij de universitaire lerarenopleiding (ICLON) via het programma Van Assistent tot Docent Duits 1e-graads. Dat is een traject van het Europees Platform, dat native speakers uit Duitsland en Oostenrijk in twee jaar klaarstoomt voor het beroep van eerstegraads docent Duits.

Duits minder belangrijk

Het praktijkdeel van zijn opleiding vult Niels in op het Da Vinci College in Leiden. “Een heel leuke school, met veel aandacht voor cultuur en wetenschap. Duits lijken ze minder belangrijk te vinden.”

Makkelijke keuze

Voordat hij naar Leiden kwam deed Niels al ervaring op met lesgeven. Hij volgde in Duitsland een opleiding voor leraar Duits als tweede taal en werkte op een talenschool in Edinburgh. “Ik verzorgde onderwijs voor volwassenen, maar gaf ook bijles aan kinderen. Dat beviel me heel goed, dus toen ik van dit programma hoorde en mijn vrouw een promotieplek in Amsterdam vond, was de keuze snel gemaakt.”

Aardig en beleefd

Of Nederlandse en Duitse scholieren verschillen, vindt Niels moeilijk te zeggen: “Ik heb in Duitsland nooit als docent gewerkt en weet dus niet hoe scholieren daar tegenwoordig zijn. Mijn leerlingen zijn heel aardig en helemaal niet onbeleefd. We kunnen heel goed met elkaar opschieten. Dat vind ik wel belangrijk.”

Weinig spreken

De manier waarop het Duits bij ons op school wordt onderwezen zou in Niels’ ogen wel anders mogen: “Sommige deelnemers aan het programma verbazen zich erover dat er in de lessen Duits veel aandacht wordt besteed aan grammatica, en minder aan het spreken van de taal. Ik kan begrijpen dat leerlingen dan niet zo gemotiveerd zijn.”

Grappig

Het Nederlands moest hij zich in korte tijd eigen maken. “Ik ben pas in augustus begonnen, maar het valt mee. Ik vind het een ontzettend leuke taal. En het is soms ook wel grappig als ik tijdens de les iets in het Nederlands zeg en het dan raar klinkt. Dan hebben we weer iets waar de leerlingen en ik om kunnen lachen.”

Stroopwafels

Voor de toekomst heeft Niels geen vastomlijnde plannen. “Misschien blijf ik een jaar of drie, vier. Hangt ervan af hoe het werk me dan bevalt. Het is goed om te weten dat je er als leraar Duits min of meer van uit kunt gaan dat je een baan vindt. Aan de andere kant: Schotland, Nederland – de lijst is nog heel kort. Misschien willen mijn vrouw en ik ook nog andere landen leren kennen. Heimwee naar Duitsland heb ik nu nog niet echt. Daar hebben ze niet van die lekkere stroopwafels!”

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van Universiteit Leiden.
© Universiteit Leiden, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 17 april 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.