Je leest:

Door armoede uitverkoren

Door armoede uitverkoren

De kinderkruistocht van 1212

Auteur: | 1 mei 2012

In 1212 vond er in Duitsland en Frankrijk iets bijzonders plaats. Duizenden kinderen verenigden zich om op kruistocht naar Jeruzalem te gaan. Vrijwel iedere Nederlander kent dit verhaal dankzij het populaire kinderboek Kruistocht in spijkerbroek uit 1973. Dat er ooit een kinderkruistocht is geweest is echter een mythe. Maar een mythe die al in de dertiende eeuw is ontstaan.

Lemniscaat

Een half miljoen exemplaren werden verkocht van Thea Beckmans jeugdroman Kruistocht in spijkerbroek. Het kreeg Nederlandse en Europese prijzen voor jeugdliteratuur en is nog steeds verkrijgbaar, in een 77e druk.

Beckman laat de 20e-eeuwse jongen Dolf met een tijdmachine katapulteren naar de stad Spiers in het jaar 1212. Hij komt terecht in een leger kinderen op kruistocht naar Jeruzalem. De kinderen geloven heilig in hun missie. Ze hebben er ontberingen voor over, maar worden misleid en bijna op slavenschepen weggevoerd. Dolf verijdelt dat plan. Hierna raakt het kinderleger verspreid en gaat Dolf naar zijn eigen tijd terug.

Een mooi verhaal, maar helaas niet helemaal waar; en niet alleen omdat tijdmachines niet bestaan. Ook een kinderkruistocht heeft niet bestaan. Thea Beckmans boek past in een hele reeks boeken, gedichten, toneelstukken en muziekcomposities over deze legende: literaire echo’s van tientallen middeleeuwse kronieken die zelf vaak ook al de werkelijkheid verdraaiden.

Van Keulen naar Brindisi

Een kinderkruistocht was het niet, maar er was wel degelijk een kruistocht in 1212. Verschillende kroniekschrijvers vonden die zelfs het enige vermeldenswaardige voorval in dat jaar. De kwestie werd enkele jaren geleden uitgezocht door de mediëvist Peter Raedts. Zijn analyse van de beschikbare bronnen en reconstructie van de gebeurtenissen zijn in grote lijnen onomstreden.

Er zijn geen ooggetuigen die de hele tocht hebben meegemaakt, maar het volgende staat toch min of meer vast: in het voorjaar van 1212 lieten rond Keulen plotseling groepjes mensen hun ploegen en kudden in de steek en trokken op eigen initiatief zuidwaarts langs de Rijn richting Jeruzalem. Volgens de kroniekschrijvers riepen ze dat zij, eenvoudigen en armen, het graf van Christus gingen bevrijden nu koningen en vorsten in eerdere kruistochten hadden gefaald.

Houtsnede van de pelgrim in de open lucht; op de achtergrond huizen en torens; boven zijn hoofd in een cirkel het hemels Jeruzalem met muren en torens (Het boek van de pelgrim door Jacob Bellaert, Haarlem 1486).
KB

De ‘knecht’ Nicolaas, die een visioen had gehad dat hij de zee zou doen splijten om met zijn volgelingen naar het Heilige Land over te kunnen steken, trok de leiding naar zich toe. Langs de route kregen de duizenden pelgrims voedsel en drinken omdat de bevolking vurig geloofde in de goddelijke inspiratie van de pelgrims. Volgens de kronieken betwijfelde de kerk die echter.

Velen bezweken echter al onderweg. Via de Brennerpas arriveerden ze in Genua. Een ooggetuige beschreef de stoet als: “ongeveer 7000 man; mannen, vrouwen, knechten en meiden”. Over de profetie van Nicolaas die niet doorging, het pad door de zee, schrijft deze man niets. Wel dat een kerngroep de volgende dag vertrok maar dat velen in Genua achterbleven.

Andere kroniekschrijvers melden dat er later pelgrims opduiken in Marseille, Rome en Brindisi. Hier wilden ze scheep gaan. De bisschop daar verbood dit omdat hij vreesde dat ze heimelijk verkocht waren aan de moslims. Een bron meldt dat sommigen toch gingen, overvallen werden door piraten en eindigden als slaven.

In de vroege zomer was ondertussen ook in Frankrijk een menigte op de been gekomen, opgeroepen door de herder Steven uit de buurt van Chartres. Hij had een visioen gehad van Christus als arme pelgrim die hem om brood vroeg. Ook hier religieus enthousiasme bij duizenden. Er zijn echter geen aanwijzingen dat de groep daadwerkelijk richting Jeruzalem is vertrokken. De Franse beweging verliep snel en wekte veel minder sensatie en nabeschouwingen dan de Duitse.

Plattelandsproletariaat

Cruciaal is dat deze oudste en betrouwbaarste bronnen vooral de Latijnse term ‘pueri’ gebruiken voor de pelgrims. Kroniekschrijvers van een of twee generaties later die de oude verhalen opnieuw vertelden, interpreteerden dit als ‘kinderen’: de klassieke betekenis. Hierdoor kwam de legende van een kinderkruistocht in omloop. Maar het is veel waarschijnlijker dat er oorspronkelijk geen leeftijdscategorie mee bedoeld werd, maar een maatschappelijke rang. Men sprak in de 12e eeuw van ‘pueri’ om een nieuwe bevolkingsgroep aan te duiden, een soort plattelandsproletariaat van landarbeiders, dagloners, bedelaars en herders.

Deze groep was tegen 1200 sterk gegroeid door economische en demografische ontwikkelingen. De bevolkingsgroei na circa 950 en de herleving van handel en geldeconomie veranderden de situatie op het platteland. Kleine boeren redden het niet en moesten hun land verkopen. Ze verhuurden zich aan de rijkere boeren als landarbeider, herder of klusjesman. Ze vormden een nieuwe groep ontwortelde armen die rondzwierven op zoek naar werk.

Opvallend genoeg was deze ontwikkeling het ingrijpendst in Noord-Frankrijk en het Rijnland, waar volgens de bronnen de kruistochtbeweging van 1212 ontstond. De pelgrims van 1212 waren geen kinderen, maar arme volwassenen. En dat zij op kruistocht gingen, had alles te maken met hun marginale positie.

Verovering van Jeruzalem in 1099, afbeelding uit 14e eeuw.
wiki commons

Er waren al eerder volkskruistochten geweest. Massa’s die onder leiding van een charismatische visionair na een oproep van de paus in het kielzog van de ridders meetrokken naar het oosten.

In hun apocalyptische overtuiging dat de bevrijding van Jeruzalem het begin van de eindtijd inluidde waarin God de armen uit hun ellende verlost, hielpen ze de toekomst een handje mee door onderweg vast duivelse tegenstanders te vermoorden, namelijk ‘corrupte’ geestelijken en joden.

De beweging van 1212 past in deze traditie, maar heeft ook nieuwe elementen die verklaren waarom deze pelgrims zoveel opzien baarden en waarom zoveel kroniekschrijvers het nodig vonden er vaak tendentieus over te berichten.

Ten eerste was er al een eeuw geen echte volkskruistocht meer geweest. Ten tweede wachtten de pelgrims in 1212 geen pauselijke oproep af maar besloten zelf te gaan. Kennelijk waren kerkelijke gebruiken voor hen niet zaligmakend. Ten derde waren ze veel minder geobsedeerd door apocalyptische fantasieën. Moordpartijen worden rond deze kruistocht namelijk niet gemeld.

Fransiscus van Assisi.
wiki commons

Niet als tweede keus

Deze pelgrims wensten niet het einde der tijden, maar een einde aan de reeks mislukkingen op kruisvaartgebied. Zelfverzekerd en vol van hun heilige taak, zo verschijnen de pelgrims in de ooggetuigenverslagen. De rijke vorsten en ridders lukte het steeds maar niet Jeruzalem te bevrijden, dus moesten zij, de armen, het overnemen. Maar niet als tweede keus: God had hen juist om hun armoede voor deze taak uitverkoren.

Deze nieuwe invulling van het kruistochtideaal werd vanaf eind 12e eeuw gepredikt door Franciscus van Assisi en andere leden van de zogeheten ‘armoedebeweging’ die circa 1100 begonnen was en rond 1200 een hoogtepunt kende. Deze hervormers beschouwden de rijkdom van de kerk als de kiem van het verval. Zij zagen heil in een terugkeer naar de eenvoud en armoede van de eerste christengemeenten. De kerk zowel als de kruisvaart moest terug naar de oorsprong. Niet vorstelijk vertoon maar het godsvertrouwen van weerloze armen zou Jeruzalem binnen bereik brengen.

Het is zeer begrijpelijk dat arme mensen dit ideaal oppikten. Het gaf hun armoede zogezegd een gouden randje. En het verklaart ook waarom zoveel kroniekschrijvers – veelal monniken uit welvarende kloosters – er minder positief over waren. Zolang ze de deelnemers aan de kruistocht van 1212 afschilderden als ‘malle kinderen’, konden ze ook hun idealen wegzetten als ondoordachte dommepraat.

Verder lezen

  • Gary Dickson, “The Children’s Crusade”, Londen, 2008
  • Peter Raedts, “The Children’s Crusade of 1212” in Journal of Medieval History 3 (1977), 279-234
  • Peter Raedts, “De kinderkruistocht” in Spiegel Historiael, 13 (juni 1978), 445-452
Dit artikel is een publicatie van Geschiedenis Magazine.
© Geschiedenis Magazine, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 01 mei 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.