Je leest:

Dodelijke schimmel profiteert van klimaatverandering

Dodelijke schimmel profiteert van klimaatverandering

Auteur: | 15 augustus 2012

Een schimmel die wereldwijd de dood van duizenden amfibieën op zijn geweten heeft, maakt mogelijk handig gebruik van temperatuurschommelingen die veroorzaakt worden door de opwarming van de aarde. Dat schrijven wetenschappers deze week in Nature Climate Change.

De parasitaire schimmel Batrachochytrium dendrobatidis werd in 1998 aangewezen als de veroorzaker van de infectieziekte Chytridiomycose die (worm)salamanders en kikkers treft. “De ziekte heeft wereldwijd al voor het uitsterven van naar schatting 200 amfibieënsoorten gezorgd en vormt een grotere bedreiging voor de biodiversiteit dan welke andere pathogeen ook”, vertelt Thomas Raffel, als bioloog verbonden aan de Oakland University in Michigan in de VS, en hoofdauteur van het Nature-artikel.

De schimmel infecteert de huid van de amfibieën waarbij de bovenste huidlagen worden aangetast en er verdikkingen ontstaan. Bij kikkervisjes infecteert de schimmel de bek, waardoor deze misvormt. Door de misvormingen van de huid kunnen de dieren niet goed meer ademhalen en zullen ze uiteindelijk overlijden.

Deze Cubaanse boomkikker uit het experiment van Thomas Raffel en zijn collega’s is besmet met de Batrachochytrium dendrobatidis schimmel.
Raffel, et al.

Onvoorspelbare temperatuurschommelingen

De schimmel kan zich, afhankelijk van de temperatuur, in vier tot tien dagen voortplanten. Vergeleken met zijn gastheer is hij klein, heeft hij een snellere stofwisseling en minder cellen en celprocessen die aangepast moeten worden als de temperatuur verandert. En daar maakt hij slim gebruik van. Uit onderzoek van Oakland University en de University of South Florida blijkt nu dat kikkers sneller bezwijken aan de infectieziekte als de temperatuur in hun leefgebied onvoorspelbaar schommelt.

Eerder onderzoek dat de schimmel onder de loep nam, keek vooral naar het effect van verschillende (constante) temperaturen. Het onderzoek van de Amerikaanse wetenschappers, bekeek het effect van de schimmel op de tropische Cubaanse boomkikker (Osteopilus septentrionalis) onder wisselende omstandigheden. In een deel van het experiment werd de temperatuur constant gehouden op 15°C of 25°C. In een ander deel veranderde de temperatuur volgens de dag-nachtcyclus tussen 15°C en 25°C. In een laatste deel wisselde de temperatuur ook tussen 15°C en 25°C, maar op een onvoorspelbare manier.

Hoe simpeler, hoe sneller

Uit eerder onderzoek bleek dat de schimmel meer van koude en regelmatige temperaturen houdt, maar de wetenschappers zagen in hun nieuwe onderzoek een omgekeerd patroon. Eenmaal op de huid van de kikker groeide de schimmel het snelst als de temperatuur onvoorspelbaar schommelde. Dat komt volgens Raffel en zijn collega’s doordat de schimmel een relatief simpel organisme is, en zich daardoor sneller aan de nieuwe temperaturen aan kan passen dan het immuunsysteem van de kikker. Deze laatste heeft er drie tot zes weken voor nodig.

Er zijn 7000 amfibiesoorten en iedere soort reageert op zijn eigen manier op de schimmel. “Het is dus lastig om conclusies te trekken die voor alle amfibiesoorten opgaan. In mijn volgende onderzoek wil ik gaan kijken of de gevonden resultaten ook voor andere soorten opgaan. Daarnaast wil ik voorspellende modellen ontwikkelen voor de relatie tussen temperatuurschommelingen en het voorkomen van amfibieziektes”, aldus Raffel.

Bron:

  • Thomas R. Raffel e.a., Disease and thermal acclimation in a more variable and unpredictable climate, Nature Climate Change (12 augustus 2012)

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 15 augustus 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.