Je leest:

Dino sloeg mineralen op in ‘botten’ in huid

Dino sloeg mineralen op in ‘botten’ in huid

Auteur: | 18 december 2011

Hoe overleefden dino’s perioden van grote droogte en voedseltekort in een semi-aride klimaat? Nieuw onderzoek vertelt dat een soort ‘holle botten’ in de huid van volwassen individuen van Rapetosaurus daarbij een cruciale rol speelden.

1244c
Opgraving van een skelet.
Kristi Rogers

Sommige dieren, waaronder krokodilachtigen, hebben verhardingen binnenin de huid, die in veel opzichten te vergelijken zijn met holle botten. Deze zogeheten osteodermen (ostis = bot; dermis = huid) zijn ook bekend van sommige sauropoden, de plantenetende dino’s met een zeer lange nek.

Tot de sauropoden behoren onder meer de titanosauriërs, de reusachtige kolossen zoals de bekende Apatosaurus (vroeger bekend onder de naam Brontosaurus). Een van de titanosauriërs waarvan nu osteodermen bekend zijn geworden is Rapetosaurus, een geslacht waarvan slechts één soort bekend is (R. krausei_). Deze dino leefde gedurende het Laat-Krijt%28periode%29 in Madagaskar, waar restanten gevonden zijn in de Maevarano Formatie.

1244a
De grootte van een volwassen Rapetosaurus, zijn osteoderm en een mens (1,80 m) ter vergelijking.
Kristi Rogers

Mileu

Het milieu waarin Rapetosaurus leefde, kende sterk wisselende seizoenen. In combinatie met het semi-aride klimaat wijst dat erop dat er langdurig droge perioden moeten zijn geweest, waarin waarschijnlijk veel dieren omkwamen.

Met name de enorme titanosauriërs moeten het vanwege gebrek aan voedsel vaak zwaar te verduren hebben gehad; vooral door een gebrek aan de mineralen die onder meer noodzakelijk waren voor het onderhoud van hun beenderstelsel en voor de vaak grote nesten eieren die ze legden. Daarbij kon gemakkelijk een tekort aan calcium en fosfor ontstaan.

Osteoderm

Hoe Rapetosaurus dat oploste, suggereert onderzoek van een team met zowel geologen en paleontologen als biomedici. Zij bestudeerden osteodermen die toebehoorden aan een volwassen en een jong (juveniel) individu van deze soort. Van beide dieren werd een gedeeltelijk skelet aangetroffen, evenals een osteoderm. Hoewel volledig ingesloten in de huid, waren dat grote ‘botten’, met een vorm die wat op een rugbybal lijkt. De osteoderm van de volwassen dino had een volume van bijna 100 cm3, maar iets meer dan de helft hiervan bestaat uit een holte. Daarentegen was de osteoderm van het juveniele exemplaar kleiner, maar wel massiever.

1244b
De osteoderm van het juveniele individu (links) en het volwassen exemplaar (rechts). N.B.: verschillende schalen.
Kristi Rogers

Door deze osteodermen in dunne plakjes te snijden en te onderzoeken, met onder andere een CT-scan, kon inzicht worden verkregen in de ontwikkeling van deze ‘huidbotjes’. Daaruit blijkt dat de osteodermen zich aanvankelijk als massieve voorwerpen ontwikkelen, maar dat later holtes worden gevormd, waarin mineralen – in de vorm van chemische verbindingen – worden opgeslagen. Zodra de omstandigheden leidden tot een tekort aan mineralen, werd uit de voorraad in de osteoderm geput. Zo konden de waarschijnlijk jaarlijkse perioden van grote droogte en voedseltekort (en dus ook gebrek aan mineralen) worden overleefd.

Bron:

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NGV Geonieuws.
© NGV Geonieuws, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 18 december 2011

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.