Je leest:

De tijdreizigers

De tijdreizigers

Auteurs: en | 29 december 2005

Tijdreizen is kinderspel. Ieder mens springt met het grootste gemak van heden naar verleden naar toekomst – maar alleen in ons hoofd. Waarom kruipt de tijd soms, en kunnen we ook écht terug naar het verleden? Lees erover in de tijdreisspecial van Kennislink.

Wij auteurs leven op dit moment in de toekomst. Een paar uur, om precies te zijn: dan is dit artikel af en gaan we genieten van onze vakantie. Jammer dat we niet met de teletijdmachine vooruit kunnen springen om het al ingevoerde stuk te kopiëren. Jatten van jezelf is geen plagiaat. Maar wie schrijft het stuk dan, als we het alleen maar uit de toekomst stelen en nu snel invoeren? Misschien is er wel een tijdpolitie die ons op de vingers tikt – “waar gaan wij met ons artikel naartoe?”

Het idee van tijdreizen kom je overal tegen: van Wells’ Time Machine en talloze Star Trek-afleveringen tot in de meesterlijke film Twelve Monkeys. Daarin leeft de toekomstige mensheid ondergronds om zich te beschermen tegen een virus dat in 1996 door een misdadige organisatie werd verspreid. Vanuit de toekomst sturen geleerden expedities naar het verleden om te proberen de verspreiding van het virus te verijdelen.

Astronoom Stephen Hawking, bekend van bestseller Het Heelal ( A Brief History of Time) heeft serieus over tijdreizen nagedacht. Hij denkt dat er oneindig veel alternatieve werelden bestaan. Normaal zijn ze strikt gescheiden, maar een tijdreiziger kan tussen twee ‘heelallen’ op en neer springen. Net als de alternatieve Eline en Gieljan klaar zijn met hun artikel, dagen wij op uit een ander heelal en grissen het uit hun handen. Leuk, maar misschien geeft het meer voldoening het werk zelf te doen; eenmaal bezig vliegt de tijd en zijn we zo klaar.

Hoe merk je eigenlijk dat de tijd vliegt? Terwijl we ons artikel schrijven zien we de tijd niet voorbij vliegen, maar we horen de tijd ook niet echt tikken. Ook als je je oren, je neus en je ogen dichthoudt, weet je dat de tijd voorbij gaat, al is het maar omdat je steeds andere gedachten hebt.

Druk druk druk, geen tijd!! In de huidige samenleving hebben mensen steeds meer haast.

Tijd is door de tijd heen niet hetzelfde gebleven. Wat wij nu een stapje verder in de tijd noemen, werd vroeger heel anders beleefd. De klok, de agenda en de kalender zijn allemaal uitvindingen van een moderne tijd waarin tijd schaars is en maar voortdendert. Elke seconde is kostbaar, want verspilde tijd krijg je nooit meer terug. In een cyclische tijdbeleving lopen verleden, heden en toekomst echter door elkaar. Een tijdreis zou dan ook heel raar zijn, want dan zou je gewoon weer in het ‘nu’ terecht komen!

Nu is tijd zo belangrijk en schaars dat het zelfs veel geld waard is. En vrije tijd, die hebben we altijd veel te weinig en veel te veel om er in te doen!

Tijd vliegt – waarom eigenlijk? De Nederlandse psycholoog Douwe Draaisma schreef daarover het boek “Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt”. Draaisma’s verklaring is dat mensen geen klokje in de hersens hebben en dat we tijdsverloop moeten schatten aan de hand van wat ons overkomen is. Een korte vakantie vol leuke gebeurtenissen vliegt voorbij omdat je zelden stil zit en de wijzers van de klok in de gaten houdt. Maar kijk je na de vakantie terug, dan lijkt die wel een eeuwigheid lang: zóveel leuks gedaan in vijf dagen? Dat kan bijna niet…

Of misschien was de ‘vijfdaagse’ vakantie geen vijf volle dagen lang. In die week naar het westen gevlogen en nog niet teruggekeerd? Dan zijn er tijdzones in het spel en moest je je horloge vooruit draaien. Zulke flauwe verloren tijd haal je in tijdens de terugreis naar het oosten, maar op een snelle vliegreis betaal je ook een andere tijdstol en die krijg je nooit meer terug.

Einstein voorspelde al in 1905 dat de klok van een snelle reiziger langzamer loopt dan die van een stilstaande thuisblijver: de bekende tweelingparadox. Een snelle reis betekent dat je minder tijd meemaakt dan de thuisblijvers: tijdsvertraging. Dat is zelfs aan boord van een lijnvliegtuig te meten. Dat bewezen Hafele en Keating in 1971 door vier atoomklokken rond de wereld te vliegen. Na afloop van het experiment hadden de klokken een duidelijk meetbare tijdsvertraging opgedaan.

De F1-atoomklok van het Amerikaanse National Institute of Standards and Technology (NIST) is een van de nauwkeurigste ter wereld. Deze klok heeft een relatieve fout van ongeveer 1×10-15; dat komt neer op één seconde verkeerd tellen in zo’n 10 miljoen jaar! bron: NIST

Precisie zoals een atoomklok komt in de natuur niet voor. Zo schommelt de draaisnelheid van de aarde om haar as het hele jaar door. In de loop van een jaar verschuiven aardplaten, beweegt water van of naar de evenaar en zijn er allerlei andere effecten waardoor de daglengte groeit of krimpt. Gemiddeld eens in de anderhalf jaar is er een schrikkelseconde nodig om klokken en echte aardbeweging in de pas te houden. Even houdt de wereldklok stil en reizen we zonder het te weten allemaal een seconde terug in de tijd.

Dit jaar was er onenigheid in de werkgroep die bepaalt of schrikkelseconden wel nodig zijn. Opsparen tot er een verschil van een uur is zou ook kunnen, maar astronomen waren fel tegen. De opkomsttijden van zon en sterren zouden langzaamaan door de dag verschuiven! Da’s pas tijdreizen, en niet echt handig. De schrikkelseconde blijft voorlopig. Op 31 december wordt er weer een ingevoegd: 2005 duurt een seconde langer dan 2004. Nog éven genieten van het afgelopen jaar!

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 29 december 2005

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.