Je leest:

De nieuwslezer blijft toonaangevend

De nieuwslezer blijft toonaangevend

Auteur: | 21 november 2012

Elk jaar neemt de Nederlandse Taalunie een enquête af over de Nederlandse taal, dit jaar onder 800 Nederlanders en Vlamingen. Zij kregen vragen voorgelegd over het taalgebruik in de media: moet een nieuwslezer accentloos praten? Is de berichtgeving in kranten neutraal? En: hoe denkt men over het taalgebruik op internet?

Als nieuwslezer was Harmen Siezen voor veel Nederlanders de modelspreker van het ‘Algemeen Beschaafd Nederlands’ (ABN).

De nieuwslezer heeft een voorbeeldfunctie als het gaat om goed taalgebruik. Daarover denken Nederlanders en Vlamingen nu niet veel anders dan vroeger. Een nieuwslezer spreekt vooral rustig en goed verstaanbaar. Tegelijkertijd mag hij best een regionaal of buitenlands accent laten horen, volgens een grote groep Nederlanders. Zij zijn in dit opzicht een stuk toleranter dan hun zuiderburen: bij de Nederlanders schommelt het percentage rond de zestig procent, bij de Vlamingen zit het iets boven de veertig procent.

Hoe komt het dat Nederlanders in dit opzicht toleranter zijn dan Vlamingen? Volgens Jürgen Jaspers, docent Nederlandse Taalkunde aan de Université Libre de Bruxelles, hebben Vlamingen hier nooit anders over gedacht: “Zeer recent nog werden plannen van de VRT-taaladviseur Ruud Hendrickx om wat meer accentvariatie toe te laten op de VRT weggehoond door het grote publiek, en die reactie was historisch gesproken typisch: Vlamingen staan al zo’n honderd jaar weigerachtig tegenover accenten bij nieuwslezers.”

Marc van Oostendorp, taalkundige aan het Meertens Instituut zegt er het volgende over: “De hele discussie over Verkavelingsvlaams heeft pas de afgelopen jaren zijn beslag gekregen sinds de VRT in 2011 de teugels iets heeft laten vieren. Omgekeerd kijkt in Nederland inmiddels geloof ik niemand meer echt op van een accent.”

Tussentaal

Met de term Verkavelingsvlaams wordt de informele Nederlandse spreektaal aangeduid zoals die in Vlaanderen wordt gesproken. Nog vaker gebruikt men de term tussentaal. Deze term werd bedacht door Gentse academici. Daarnaast zijn nog andere benamingen in omloop, zoals Soapvlaams, Schoon Vlaams of gewoon Vlaams. De Vlaamse omroep VRT hanteert het Standaardnederlands als norm. In 2011 ontstond discussie toen men meer variatie toe wilde laten in sommige televisiegenres. Toch blijkt uit onderzoek van Evelien Levefere dat op de Vlaamse televisie veel meer tussentaal wordt gebruikt dan door de taaladviseurs wordt voorgeschreven.

4eleven

Dj’s praten te snel

Overigens hebben Vlamingen weinig problemen met Nederlandse nieuwslezers, net zoals Nederlanders positief staan tegenover Vlaamse nieuwslezers. Hoe beschrijven Nederlanders en Vlamingen elkaars taal? Nederlanders vinden de Vlaamse taal op televisie vooral ‘grappig’, ‘gemoedelijk’ en ‘gezellig’. Ook Vlamingen gebruiken de kwalificaties ‘gezellig’ en ‘grappig’ voor Nederlandse films en series, maar tegelijkertijd vinden sommigen het ook ‘schreeuwerig’ en ‘te snel’. Dat laatste geldt ook voor de radio, zowel in Nederland als in Vlaanderen. Bijna 40 procent van de Vlamingen en 50 procent van de Nederlanders vindt dat daar te snel gepraat wordt. En het zijn vooral de dj’s die zich hieraan schuldig maken.

Nieuwslezers geven vaak het goede voorbeeld, maar voor andere televisieprogramma’s geldt dat niet. Hoewel de meeste Nederlanders wel van mening zijn dat de taal op televisie ‘vlot’ is en ‘van deze tijd’, vindt de helft van de geënquêteerden in Nederland dat taal op tv geen voorbeeldfunctie heeft: 33 procent van de Nederlanders vindt de taal op televisie slordig, tegenover 17 procent van de Vlamingen. Ook vindt 40 procent van de Nederlanders de taal op televisie vaak te grof; in Vlaanderen ligt dat percentage een stuk lager (9 procent). Voor Vlamingen heeft de taal op televisie daarom nog veel vaker een voorbeeldfunctie (66 procent).

Anderen schrijven slordiger

Ook de krant dient een voorbeeld te zijn van goed taalgebruik. Ruim 80 procent van de geënquêteerden vindt taalfouten in de krant heel ergerlijk. Toch vindt nog steeds een meerderheid (65 procent) dat het meevalt met die taalfouten. Wel is zo’n 40 procent van mening dat berichtgeving in de krant niet meer zo neutraal is: krantentaal zou lijden onder sensatiezucht.

Bijna de helft van de ondervraagden is door de sociale media (e-mail, Twitter, Facebook) meer gaan schrijven. Opvallend is dat een meerderheid vindt dat er op internet en in e-mails minder zorgvuldig geschreven wordt (77 procent), terwijl deze groep tegelijkertijd aangeeft zelf wél zorgvuldig te zijn (89 procent). Een derde van de gebruikers van sociale media maakt zich niet zo druk om verzorgd taalgebruik: snel kunnen reageren is belangrijker.

Bron:

Taalpeil 2012, de jaarlijkse krant van de Nederlandse Taalunie. De krant is te downloaden of te bestellen via de website van de Nederlandse Taalunie.

Lees verder op Kennislink:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 21 november 2012

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.