Je leest:

De hardware van het horen

De hardware van het horen

Auteur: | 30 juli 2006

Hersenen filteren nuttige informatie uit geluidspaletten door specifiek af te stemmen op betekenisvolle klanken. In Current Biology van 7 februari 2006 melden biologen uit Oxford dat de zenuwcellen van fretten extra gevoelig zijn dezelfde melodieën die mensen aangenaam vinden klinken. De voorliefde voor Bach en Mozart zit blijkbaar al in knaagdierhersens ingebakken.

Al sinds de jaren zeventig is bekend dat mensen een voorkeur hebben voor geluiden met 1/f spectra. Bij deze spectra komen grote en plotselinge veranderingen in toon of volume proportioneel minder vaak voor dan geleidelijke en kleine veranderingen. Mensen vinden normale (1/f1) muziek mooier dan sneller (1/f0) of langzamer (1/f2) fluctuerende geluiden: het ene is te snel en chaotisch, het andere te traag en saai. De Britse biologen gaven de fretten via oortelefoontjes deze verschillende geluiden te horen. In de primaire gehoorschors reageerden de A1 zenuwcellen zeer sterk op de ‘gewone’ 1/f tonen, terwijl zowel sneller als langzamer variërende muziekjes veel minder activiteit veroorzaakten.

Al eerder is aangetoond dat dieren de tonen van muziek herkennen met speciale zenuwcellen in hun primaire auditieve hersenschors. Deze toongevoelige cellen worden actief wanneer ze bijvoorbeeld een A ‘horen’, onafhankelijk van hoe hoog die A is. Dit mechanisme maakt waarschijnlijk dat concertbezoekers herkennen dat een A uit een cello dezelfde basistoon is als de A uit een piccolo, ondanks dat die een paar octaven hoger is.

Onvoorspelbare kaskraker

De mening van anderen is belangrijker dan de kwaliteit van het product als het gaat om het succes van cultuurgoederen zoals muziek, boeken en films. Amerikaanse onderzoekers experimenteerden met een gesimuleerde muziekmarkt en vonden dat sociale invloeden hits maken of breken Science, 10 februari 2006). Wanneer consumenten wisten welke liedjes door anderen het meest gedownload waren bepaalde de ‘objectieve’ kwaliteit van de plaat niet langer hun voorkeuren maar lieten ze zich leiden door het gedrag van anderen.

De ruim veertienduizend tieners die meededen aan het experiment waren automatisch ingedeeld in een markt zonder of met informatie over het downloadgedrag van anderen. De controlegroep kreeg alleen de titels te zien en daarna de liedjes te horen, en bepaalde zo de ‘objectieve’ kwaliteit van de muziek. Het succes van platen in de controlegroep had nauwelijks verband met welke liedjes doorstoomden tot megahits bij de groep die wist wat anderen hadden gedownload. Wel deden hele goede liedjes het bijna nooit heel slecht, en werden de meest waardeloze nummers nooit een hit. Tijdens verschillende parallelle experimenten met de geïnformeerde groep werden bovendien steeds andere liedjes een kaskraker. Platenmaatschappijen kunnen dus volstaan met matige artiesten en invloedrijke reclamegoeroes.

Kabbelende geluiden

Dit onderzoek is nog niet wereldschokkend voor de muziekwetenschappen, vindt dr. Henkjan Honing, hoofd van de Muziek Cognitie onderzoeksgroep van de Universiteit van Amsterdam. ‘Het is natuurlijk leuk dat zenuwcellen 1/f spectra herkennen, maar muziek is veel complexer. We gebruiken inmiddels Markov transitiemodellen die melodieën maken op basis van de analyse van muziek. Zo heb je de Continuator, een kunstmatig intelligent programma dat halverwege een muziekstuk het spelen over kan nemen zonder dat mensen het merken, en we zijn nu bezig met het maken van een drumcomputer die actief met een band kan meespelen. Toonseries met 1/f karakteristieken zijn nog lang geen muziek, hoogstens acceptabel kabbelende geluiden.’

Toch helpen deze muzikale fretten om neurobiologisch te verklaren waarom atonale moderne muziek weinig liefhebbers heeft. De vondst van zenuwcellen met een voorkeur voor de specifieke muziekpatronen helpt te verklaren hoe de hersenen uit de veelheid aan stimuli de nuttige informatie kunnen filteren. De auteurs claimen dan ook dat patroonherkenning via 1/f tuning evolutionair essentieel is en mogelijk voor alle zintuigen geldt.

Dit artikel is een publicatie van Bionieuws.
© Bionieuws, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 30 juli 2006

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.