Je leest:

De Griekse sprong voorwaarts

De Griekse sprong voorwaarts

Auteur: | 30 november 2007

De groei van de Griekse economie ligt al jaren boven het gemiddelde van het eurogebied. Desalniettemin is de welvaartskloof met de oude EU ­lidstaten nog altijd fors. Dit artikel gaat in op de oorzaken van de kloof en geeft beleidsaanbevelingen om deze te dichten.

De Griekse economie groeit al jaren sterk. Zo groeide het bruto binnenlands product (bbp) over de periode 2000-2007 met gemiddeld 4,3 procent per jaar, tegenover gemiddeld 1,8 procent in het gehele eurogebied. Ook de vooruitzichten voor 2008 zijn met een verwachte groei van 3,8 procent positief.

Feitelijk heeft het Griekse groeitempo in de afgelopen jaren zelfs nog wat hoger gelegen. Doordat Griekenland tot voor kort een verouderde methode voor het berekenen van de economische groei toepaste, werd de groei onderschat. Het overgaan op een moderne meetmethode is dan ook de reden dat Eurostat (statistisch bureau van de EU) eind oktober het Griekse bbp met 9,6 procent opwaarts heeft bijgesteld. De bijstelling is vooral het gevolg van het beter kunnen meten van de Griekse dienstensector. Slechts een klein deel van de verhoging komt door het mee gaan tellen van de informele sector.

Dankzij de fraaie groei is het bbp per hoofd in de afgelopen jaren behoorlijk gestegen. Op Ierland na kende Griekenland tussen 1994 en 2006 zelfs de hoogste inkomenstoename van alle OECD-lidstaten. Tevens nam de werkgelegenheid behoorlijk toe (zie Tabel 1), waardoor de werkloosheid is teruggelopen van 11,4 procent van de beroepsbevolking begin 2000 tot 8,1 procent dit jaar. Volgend jaar daalt zij volgens de OECD (Organisation for Economic and Cultural Development) tot 7,9 procent. Wel is door de voorspoedige economische ontwikkeling het inflatietempo aan de hoge kant. De gemiddelde jaarlijkse prijsstijging in de periode 2004-2007 bedraagt 3,2 procent; duidelijk meer dan de 2,1 procent voor het eurogebied.

Tabel 1: Economische kerncijfers Bronnen: OECD, 2001; OECD, 2002; OECD, 2005; OECD 2007b; World Bank 2007

Dankzij de economische groei en een stringenter begrotingsbeleid is het financieringstekort van maar liefst 7,3 procent van het bbp in 2004 gedaald tot 2,4 procent dit jaar. Ook de overheidsschuld is afgenomen, maar deze ligt met 95,3 procent van het bbp nog altijd op een hoog niveau.

Oorzaken hoge groei

De voorspoedige economische ontwikkeling is terug te voeren op zowel tijdelijke als structurele factoren, zoals deelname aan de EMU, de Olympische Spelen van 2004 en diverse structurele hervormingen. Deze laatste, waarvan de verlaging van de winstbelasting en de liberalisatie van de financiële sector twee voorbeelden zijn, hebben de aanbodkant versterkt. Door de hervormingen is het ondernemingsklimaat verbeterd, wat mede heeft bijgedragen aan de flinke groei van de bedrijfsinvesteringen. Verder ontvangt Griekenland omvangrijke EU-subsidies; afgelopen jaar bedroegen deze 6,8 miljard euro (2,7 procent bbp). Alhoewel de subsidies uit hoofde van het Europese cohesiebeleid zeker niet per definitie de economische structuur versterken, stuwen ze wel de binnenlandse vraag op.

Inmiddels loopt de Griekse economie tegen haar capaciteitsgrenzen aan, zoals op de arbeidsmarkt het geval is. De feitelijke werkloosheid ligt een procentpunt onder de structurele werkloosheid, die de OECD op 9,1 becijfert (zie Tabel 1). De krapte vertaalt zich in opwaartse prijsdruk, waardoor de concurrentiepositie van het Griekse bedrijfsleven verslechtert. En die positie is al niet best, doordat de Griekse inflatie sinds de start van de euro hoger ligt dan in de andere deelnemende landen. Hierdoor zijn Griekse producten sindsdien zo’n twintig procent duurder geworden ten opzichte van concurrerende producten uit het eurogebied. De slechte concurrentiepositie is ook terug te zien in het al jaren hoge tekort op de lopende rekening. Dit jaar bedraagt het tekort 10,5 procent van het bbp. Voor volgend jaar beloopt het circa tien procent.

Er is in Griekenland dan ook nog het nodige werk te verrichten. Dit geldt te meer omdat de welvaartskloof met bijvoorbeeld Italië, Frankrijk en Nederland nog altijd groot is (zie tabel 1).

…De voorspoedige economische ontwikkeling is terug te voeren op zowel tijdelijke als structurele factoren, zoals deelname aan de EMU, de Olympische Spelen van 2004 en diverse structurele hervormingen…

Potentie wordt niet benut

Een belangrijke oorzaak van het welvaartsverschil zit in de relatief lage benutting van de potentiële beroepsbevolking. Hoewel Griekse werknemers relatief veel uren per jaar maken (door een relatief lange werkweek, weinig vakantiedagen en weinig deeltijdwerk) en de participatiegraad rond het gemiddelde in het eurogebied ligt, is deze duidelijk lager dan in Denemarken, Nederland en Portugal. Vooral bij jongeren, vrouwen en 55-64-jarigen zit nog veel onbenut potentieel. De lage participatiegraad weerspiegelt zich in een hoge werkloosheid, waaronder zich naar verhouding veel langdurig werklozen bevinden.

Griekse werknemer minder productief

Een tweede oorzaak van het forse welvaartsverschil is de arbeidsproductiviteit. Hoewel de arbeidsproductiviteitsgroei een belangrijke drijfveer was achter de sterke economische groei in de afgelopen tien tot vijftien jaar, is een gemiddelde Griekse werknemer per uur nog altijd beduidend minder productief dan zijn Deense of Nederlandse collega. Een belangrijk gedeelte hiervan is terug te voeren op het lage opleidingsniveau van de Griekse beroepsbevolking (zie Tabel 2). In vergelijking met andere OECD-lidstaten brengen Grieken weinig jaren in een school of aan een universiteit door.Griekenland neemt hierbij binnen de OECD zelfs de op twee na laatste (27ste) plaats in. Het is dan ook niet verwonderlijk dat relatief weinig Griekse jongeren een tertiaire opleiding afronden. Hierbij bungelt Hellas zelfs onderaan.

Wel neemt het opleidingsniveau van jongere generaties in snel tempo toe. Verder wordt de gemiddelde productiviteit negatief beïnvloed door het omvangrijke overheidsapparaat. Dit is in vergelijking met andere OECD-landen groot, terwijl hier niet een navenant hogere output tegenover staat. Ook bedrijven waarvan de overheid grootaandeelhouder is, drukken de productiviteit. Zo zijn Griekse staatsbedrijven overstaffed, weinig innovatief en kennen ze structureel hogere loonstijgingen dan het bedrijfsleven, terwijl de productiviteitsgroei juist lager ligt. Illustratief is dat de verliezen van de twintig grootste staatsbedrijven in zowel 2006 als ook dit jaar zo’n half procent van het bbp beslaan. Hun aantal neemt wel af omdat de overheid bedrijven geheel of gedeeltelijk privatiseert. Daarbij behoudt zij dan echter vaak doorslaggevende zeggenschap in een bedrijf.

Beleidsaanbevelingen

Om het welvaartscheppende vermogen van de Griekse economie te verhogen, zou de overheid een beleidsagenda moeten opstellen die rust op de volgende drie pijlers:

Ten eerste, het verhogen van de arbeidsparticipatie. Hierbij moet het kabinet zich met name richten op de relatief weinig participerende ouderen (zie de derde pijler), vrouwen en jongeren. Die laatste groep kan aan het werk worden geholpen door hun loonkosten meer in lijn te brengen met hun arbeidsproductiviteit, bijvoorbeeld door de introductie van een minimum jeugdloon. Ook het versoepelen van het ontslagrecht is een geschikt instrument om nieuwkomers op de arbeidsmarkt en herintredende vrouwen aan de slag te helpen.

Ten tweede, het vergroten van de arbeidsproductiviteit door het verhogen van het opleidingsniveau, het beter laten aansluiten van opleidingen op de wensen van werkgevers en het vergroten van het innovatievermogen van het Griekse bedrijfsleven. Dit laatste is relatief gering (zie Tabel 2). Qua Onderzoeks- en Ontwikkelingsuitgaven en het aantal patenten, wetenschappelijke onderzoekers en publicaties behoort Griekenland tot de OECD-hekkesluiters. Het innovatievermogen kan worden vergroot door onder meer de ordening van productmarkten te moderniseren.

Concurrentie wordt nu veelal belemmerd door onvoldoende toegeruste mededingingsautoriteiten en overregulering. Regulering van bijvoorbeeld Griekse netwerksectoren is zelfs nog strikter dan in Frankrijk, Italië en Portugal. Het niet goed functioneren van de markt is een belangrijke reden waarom relatief weinig Grieken internet hebben, het aantal breedbandaansluitingen gering is en er sprake is van een hoog prijsniveau.

Tabel 2: economische kerncijfers (vervolg) Bronnen: OECD, 2007d; ProInno, 2007; World Bank 2007; Transparency International 2007

Tenslotte het op orde brengen van de overheidshuishouding. Hierbij moet het kabinet zich als eerste richten op budgettaire consolidatie. Belangrijke onderdelen hierbij zijn het verbreden van de belastinggrondslag (door te snijden in het omvangrijke aantal aftrekposten) en het hervormen van het Griekse pensioensysteem. Dit laatste geldt in het bijzonder omdat de verwachte vergrijzingskosten tot de hoogste van alle OECD-landen behoren. De OECD spreekt in de Griekse situatie zelfs van een “budgettaire tijdbom”. Het is essentieel om de prikkels om vroeg te stoppen met werken (deze zijn het hoogste van alle OECD-lidstaten) te verminderen en tegelijkertijd alternatieve uittreedroutes aan te pakken.

Ten tweede zou het kabinet de administratieve lastendruk moeten verminderen en de kwaliteit van het overheidsapparaat moeten verhogen, want het is volgens de Wereldbank in Griekenland niet gemakkelijk zaken doen (zie Tabel 2). De Grieken nemen hierbij binnen de EU een uitzonderlijk slechte positie in; zelfs Bulgarije en Roemenië scoren aanzienlijk beter. Het gaat dan bijvoorbeeld om het starten van een bedrijf, hethandhaven van eigendomsrechten, het invoeren van goederen en de complexiteit van fiscale regelgeving.

Verder moeten vriendjespolitiek en corruptie hard worden aangepakt, want het is niet ongewoon dat Griekse overheidsdienaren, inclusief rechters, op eigen gewin uit zijn. Griekenland staat op de Global Corruption Index 2008 op de 56e plaats (zie Tabel 2; hoe lager, hoe corrupter); een positie waarbij het Jordanië, Zuid-Afrika en menig Aziatisch en Latijns-Amerikaans land voor moet laten gaan.

…Verder moeten vriendjespolitiek en corruptie hard worden aangepakt, want het is niet ongewoon dat Griekse overheidsdienaren, inclusief rechters, op eigen gewin uit zijn…

Griekse regering wil hervormen

Het is positief dat het eind september aangetreden nieuwe Griekse kabinet heeft aangegeven de Griekse economie te willen hervormen, al heeft het ook minder hervormingsgezinde plannen gelanceerd. Zo wil het kabinet pensioenen voor boeren met bijna twintig procent en werkloosheidsuitkeringen met tien procent verhogen. In de komende tijd werkt het zijn plannen nader uit. Daarbij is het voor de Griekse regering een tegenvaller dat Eurostat het Griekse bbp met 9,6 procent opwaarts heeft bijgesteld en niet met de door Griekenland gevraagde 26 procent. Het fundament onder de onlangs gepresenteerde ontwerpbegroting voor 2008 is hierdoor weggeslagen. Dat maakt het extra belangrijk dat de regering langs de bovengenoemde drie pijlers aan de slag gaat. Dit zal echter niet gemakkelijk zijn, want de eerste felle demonstraties zijn reeds gehouden. En er zullen er beslist meer volgen. Naast goede plannen heeft het kabinet dan ook doorzettingsvermogen nodig.

…de eerste felle demonstraties zijn reeds gehouden en er zullen er beslist meer volgen. Naast goede plannen heeft het Griekse kabinet dan ook doorzettingsvermogen nodig…

Conclusie

De Griekse economie laat, mede dankzij forse EU-subsidies, al jaren fraaie groeicijfers zien. Toch is er nog een grote welvaartskloof met de oude EU-lidstaten. Om deze achterstand verder te reduceren, moet de regering inzetten op het verhogen van de arbeidsparticipatie, het vergroten van de arbeidsproductiviteit en zelf een forse slag maken door onder meer af te slanken, het pensioenstelsel te hervormen en de administratieve lastendruk te verminderen. Dit is essentieel om de Griekse economie om te vormen tot een moderne westerse economie en de inkomenskloof te dichten. Het is nu het moment om dit te doen. De economie groeit uitbundig en de werkloosheid ligt op het laagste niveau sinds jaren.

Het zou in ieder geval bijzonder te betreuren zijn als de oplopende krapte op de arbeidsmarkt en de stijgende bezettingsgraden zich enkel vertalen in prijsstijgingen. Hierdoor verslechtert de concurrentiepositie van het Griekse bedrijfsleven, waardoor de kansen om meer mensen aan het werk te helpen en de welvaartskloof te dichten, snel verkleinen.

Literatuur

Economist intelligence Unit (2006) Greece – Country Profile 2006. Londen: EiU. Economist intelligence Unit (2007) Greece – Country Report. Londen: EiU. Eurostat (2007) Euro-indicators – news release. 142/2007. CPB (2005) Macro Economische Verkenning 2006 – Europa: financiële perspectieven in perspectief. Den Haag: Sdu Uitgevers. De Pers (2007) Grieks studentenprotest tegen privatisering. 19 oktober 2007. IMF (2006) Greece-2006 – Article IV Consultation. Washington: iMF. Ministry of Economy and Finance (2006) National Strategic Reference Framework – 2007-2013. Athene: MEF. OECD (2001) Economic Outlook. 2(70). Parijs: OECD. OECD (2002) Economic Outlook. 2(72). Parijs: OECD. OECD (2005) Economic Outlook. 1(77). Parijs: OECD. OECD (2006) OECD Science, Technology and Industry Outlook. Parijs: OECD. OECD (2007a) Economic Surveys – Greece, 2007(5). Parijs: OECD. OECD (2007b) Economic Outlook. 1(81). Parijs: OECD. OECD (2007c) OECD Employment Outlook 2007. Parijs: OECD. OECD (2007d) Education at a glance 2007. Parijs: OECD. Proinno (2007) European Innovation Scoreboard 2006 – Comparative Analysis of Innovation Performance. Brussel: Proinno. Transparency international (2007) Global Corruption Report 2007 – Corruption in Judicial Systems. Cambridge: Cambridge University Press. World Bank (2007) Doing Business 2008. Washington: World Bank.

Ron Hogenboom is econoom te De Zilk.

Dit artikel is een publicatie van Economisch Statistische Berichten (ESB).
© Economisch Statistische Berichten (ESB), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 30 november 2007

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.