Je leest:

De erkenning van de Maori Koningsbeweging

De erkenning van de Maori Koningsbeweging

Auteur:

De Maori zijn de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-Zeeland. Toen de Europese kolonisten het land van de Maori veroverden, verenigden de verschillende stammen zich in de Maori Koningsbeweging. Hoewel haar politieke invloed beperkt is, speelt de Maori monarchie nog altijd een belangrijke, symbolische rol in de hedendaagse Maori samenleving. Zij verenigt de Maori in hun streven naar erkenning als de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-Zeeland.

De Maori Koningin overleed op 15 augustus 2006, na ruim 40 jaar aan de macht te zijn geweest. De ceremonie voorafgaand aan haar begrafenis duurde een week en werd door ruim 100.000 mensen bezocht. Haar begrafenis werd door tienduizenden mensen bijgewoond, onder wie vele staatshoofden, ministers en hoogwaardigheidsbekleders uit binnen- en buitenland. De ceremonie werd ook live uitgezonden op de Nieuw-Zeelandse televisie, en de belangrijkste verkeersweg tussen Auckland en Wellington, Nieuw-Zeelands grootste steden, werd bijna een hele dag afgesloten. Dit alles illustreert de grote symbolische betekenis van de Maori monarchie, ondanks haar beperkte politieke invloed. Wat is de historische achtergrond van het Maori koningschap, en waarom is deze nationale beweging nog altijd zo populair?

De bevolking van Nieuw-Zeeland en de rest van Polynesië. Ongeveer 1000 jaar geleden vestigden de Maori zich in Nieuw-Zeeland, nadat ze met kano’s uit centraal Polynesië waren gevaren. Het nieuwe land werd Aotearoa genoemd, land van de ‘lange witte wolk’. Er ontwikkelden zich kleinschalige samenlevingen verspreid over het hele eiland.

De Maori en ‘vreemde’ bezoekers

De Maori zijn de oorspronkelijke bewoners van Nieuw-Zeeland. In 1642 kregen de Maori voor het eerst bezoek uit Europa. De Nederlander Abel Tasman voer langs de westkust van Nieuw-Zeeland, maar een misverstand met een lokale groep weerhield hem ervan voet aan wal te zetten. Zodoende werden de eerste contacten tussen Maori en Europeanen pas gelegd door de Britse ontdekkingsreiziger kapitein James Cook. Dankzij zijn beschrijvingen van het land bezochten steeds vaker Europeanen het land van de Maori, vooral na de vestiging van een strafkolonie in Australië in 1788.

In 1769 verkende James Cook een groot deel van het land, bracht het geheel in kaart, en was hij ook de eerste die het leven van de Maori gedetailleerd beschreef. Illustratie: Kapitein James Cook (1728-1779).

Voor de komst van de Europeanen hadden de Maori geen naam voor zichzelf als volk. Ze leefden in stamverbanden die zich hadden ontwikkeld vanuit de bemanning van de verschillende kano’s die in Aotearoa waren aangeland. De identiteit van de inheemse inwoners van Aotearoa was daarom ook direct gekoppeld aan het stamverband. Nadat er steeds vaker en steeds meer Europeanen het land van de Maori bezochten gingen ze echter inzien dat ze ondanks tribale verschillen meer met elkaar gemeen hadden. Ze gingen zich omschrijven als tangata maaori, als ‘gewone mensen’, terwijl ze de Europese bezoekers aanduidden als tangata paakeehaa, als ‘vreemde mensen’. Na verloop van tijd werd dit verkort tot Maori and Pakeha. Zo werd ook de nationale identiteit van de Nieuw-Zeelandse Maori geboren.

De oprichting van de Maori Koningsbeweging

In het begin van de achttiende eeuw nam het aantal Europeanen dat zijn heil zocht in Nieuw-Zeeland zienderogen toe. Het land bood een aantrekkelijk klimaat, en de Maori bleken geïnteresseerde handelspartners te zijn. Op grote schaal werden dekens, zeep, metalen werktuigen en wapens geruild tegen voedsel en drinkwater. Ook werden afspraken gemaakt over de bebouwing van het land. Deze leidden echter vaak tot onenigheid tussen Maori en Pakeha omdat ze een andere kijk hadden op het bezit van land.

Om de onderlinge relaties duidelijk te regelen werd er in 1840 in Waitangi een verdrag getekend tussen een aantal Maori hoofdmannen en een delegatie van de Britse kroon. Afgesproken werd dat Maori alle land en natuurlijke hulpbronnen mochten behouden in ruil voor de soevereiniteit over het land. Op dat moment waren de Maori echer niet bekend met de term ‘soevereiniteit’, wat een groot misverstand met zich meebracht. Na een aantal jaren werd duidelijk dat de Britten bovendien niet van plan waren om zich aan het verdrag te houden. Op allerlei slinkse wegen werd de Maori land afhandig gemaakt om het grote aantal nieuwe kolonisten uit Groot-Brittannië het hun beloofde land te kunnen bieden. Foto: Het Verdrag van Waitangi 1840.

Maori verenigd

Na 1850 werd er in de Maori samenleving steeds vaker geroepen dat Maori zich zouden moeten verenigen om de toenemende overheersing door Britse kolonisten het hoofd te kunnen bieden. Daarbij gingen stemmen op om een van de stamhoofden tot koning te kronen. Het idee van een koningschap was een imitatie van de Britse monarchie, maar werd ook geïnspireerd door de Bijbel: “… uit het midden van uw broeders zult gij een koning over u stellen…” (Deuteronomium 17:15).

Potatau werd tot Maori Koning gekozen omdat hij vanwege zijn afstamming verwant was aan alle andere ’kano’s’ of stammen in Nieuw-Zeeland. Verder genoot hij veel gezag vanwege zijn hoge leeftijd en de daarmee samenhangende kennis van mondelinge tradities. Afbeelding: Potatau Te Wherowhero (±1800-1860).

De eerste koning

Na veel discussies werd op 2 juni 1858 de hoofdman van de Waikato stam Potatau Te Wherowhero tot eerste Maori koning gekroond. Het behoud van het land werd de belangrijkste taak van de koning. De Maori monarchie was echter niet anti-Europees. De Maori Koningsbeweging streefde eerder naar gelijkheid tussen Maori en Pakeha. Aanvankelijk werd de eerste Maori koning gesteund door de meeste Maori. De Europese regering van Nieuw-Zeeland daarentegen had grote moeite met de nieuwe koningsbeweging. Deze beschouwde de beweging als een rebelse beweging, zeker nadat Potatau handelstransacties in land verbood. Het werd daardoor immers steeds moeilijker om het groeiende aantal immigranten uit Groot-Brittannië een eigen stek te bieden.

Onteigeningen

Politieke schermutselingen tussen Maori en Europeanen leidden in 1860 uiteindelijk tot een serie oorlogen die tot 1864 duurde. Het was duidelijk dat het leger van de Europese regering vanaf het begin aanstuurde op de verovering van het Waikato gebied. De kolonisten wilden dit gebied innemen omdat het de residentie van de Maori koning was, maar ook omdat de vallei van de Waikato rivier het meest vruchtbare gebied van het land was. In 1864 werd het gehele thuisland van de Maori Koning tenslotte onteigend, om het vervolgens te verdelen onder Europese immigranten. De confiscaties van land waren dan ook niet bedoeld om de Maori ‘protestbeweging’ te straffen, zoals werd beweerd, maar meer om Europese immigranten tevreden te stellen.

Afbeelding: Te Paki o Matariki, symbool van de Maori monarchie.

De strijd tegen de confiscaties

Na de oorlogen werd het beleid van de Maori Koningsbeweging voornamelijk bepaald door de geschiedenis van de confiscaties. Koning Taawhiao volgde zijn vader Potatau na zijn dood in 1860 op. Na de onteigening van het land van zijn Waikato stam leefde hij 20 jaar in ballingschap bij een naburige stam, de Maniapoto. Na de oorlogen probeerde hij vorm te geven aan het centraal gezag van het koningschap, maar zijn aandacht leek vooral ook uit te gaan naar het terugkrijgen van het onteigende land van zijn eigen stam.

De Nieuw-Zeelandse regering bleef in haar maag zitten met de Maori monarchie, omdat deze het Maniapoto district had afgegrensd voor doorgaand verkeer. Hierdoor werd het onmogelijk om wegen aan te leggen tussen het noorden en zuiden. In 1883 werd de toegang tot het gebied van de Maniapoto stam uiteindelijk geforceerd. Op dat moment was het gezag van Koning Taawhiao bij andere Maori stammen al tanende, aangezien hij zich hoofdzakelijk had ingespannen om het land van zijn eigen Waikato stam terug te krijgen. De Maori monarchie leek zodoende slechts een ceremoniële institutie te worden.

De onteigende gebieden op het Noordereiland: het grootste gebied behoorde toe aan de Waikato Maori.

Afgewezen door Britse Koningin

Twee keer reisden Maori Koningen af naar Engeland om de hulp van de Britse Koningin in te roepen. In 1884 vroeg Koning Taawhiao om een teruggave van het geconfisqueerde land en beriep zich daarbij op het Verdrag van Waitangi. Maar Taawhiao kreeg geen toestemming om de Britse Koningin te ontmoeten. Hij werd terugverwezen naar de regering van Nieuw-Zeeland voor een oplossing. In 1914 herhaalde de vierde Maori koning, Koning Te Rata, Taawhiao’s gang naar Engeland. Hij kreeg weliswaar toestemming voor een audiëntie bij de Britse vorst, in dit geval Koning George V, maar werd niettemin ook terugverwezen naar de regering van Nieuw-Zeeland. Voor de Waikato Maori, de kern van de aanhang van de Maori monarchie, was het een goede reden om niet deel te nemen aan de Nieuw-Zeelandse gevechtstroepen, die in Europa meevochten tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ze weigerden om te vechten voor ‘Koning en Vaderland’, want ze hadden 50 jaar geleden al voor hun eigen koning en vaderland gevochten en daarbij alle land verloren…

Koning Taawhiao reisde in 1884 met een delegatie af naar de Britse Koningin. Hij wilde zijn ingenomen land terug, maar geen onafhankelijkheid: “Ik word niet Koning genoemd om de Maori af te scheiden, maar alleen om de inheemse bewoners van Nieuw-Zeeland te verenigen, waarbij we te allen tijde de suprematie van de Koningin erkennen om haar bescherming te kunnen verzoeken.” Afbeelding: Koning Taawhiao (1822-1894).

Onderzoekscommissie

De weigering van de Maori Koningsbeweging om deel te nemen aan de strijd in de Eerste Wereldoorlog was voor de Nieuw-Zeelandse regering aanleiding om na afloop van de gevechten een onderzoekscommissie in te stellen, die de confiscaties nog eens moest bekijken. Deze commissie presenteerde in 1928 haar conclusie dat de confiscaties niet alleen onrechtmatig waren geweest, maar bovendien ook buitensporig in omvang. De commissie adviseerde om jaarlijks een geldbedrag ter compensatie uit te keren. De Koningsbeweging weigerde echter geld in ruil voor land aan te nemen. Na 17 jaren van slopende onderhandelingen werd uiteindelijk een compensatieovereenkomst gesloten. Beter maar een klein beetje financiële compensatie dan helemaal niets, werd toen gedacht. De Waikato Maori ontvingen vervolgens een bedrag van 6000 pond per jaar, wat neerkwam op ongeveer 10 cent per hectare per jaar.

Een nieuwe schikking

Eind jaren 60, begin jaren 70 van de vorige eeuw hadden de Nieuw-Zeelandse Maori genoeg van het onrecht dat hen was aangedaan. De onvrede was zeker niet beperkt tot de Waikato Maori, want andere groepen waren op andere manieren veel van hun land kwijtgeraakt in de negentiende eeuw. Geïnspireerd door een wereldwijde protestbeweging ontstond zo in Nieuw-Zeeland de roep van de Maori voor erkenning van het Verdrag van Waitangi. Eerst werd de dag waarop het verdrag werd getekend een nationale feestdag, maar in 1975 werd er ook een tribunaal opgericht waarbij de Maori klachten konden indienen over schendingen van het verdrag. De belangrijkste beperking was toen nog dat het Waitangi Tribunaal alleen klachten in behandeling kon nemen van schendingen die hadden plaatsgevonden na 1975.

Het logo van het Waitangi Tribunaal

Tribunaal wordt belangrijker

In 1985 werden de bevoegdheden van het Waitangi Tribunaal uitgebreid door een progressieve regering onder leiding van de charismatische David Lange. Het Waitangi Tribunaal mocht klachten over schendingen van het Verdrag van Waitangi onderzoeken vanaf het moment dat het was getekend op 6 februari in 1840. Kort daarna boekten de Maori ook nog een belangrijke overwinning in de rechtszaal. David Lange was immers begonnen met een grootschalige privatisering van staatseigendommen, maar in de wet die dat mogelijk moest maken nam hij een clausule op waarin stond dat de privatisering niet in strijd mocht zijn met het Verdrag van Waitangi. Hierdoor liep de regering in 1987 tegen een gerechtelijk verbod op om de kolenmijnen te privatiseren, want de Waikato Maori beweerden dat dit in strijd was met het Verdrag van Waitangi. De grond waaronder de kolenmijnen zich bevonden was namelijk onrechtmatig onteigend in 1864 en werd op dat moment teruggeclaimd bij het Waitangi Tribunaal door de aanhangers van de Maori Koningsbeweging. Toen de rechter op 29 juni 1987 de regering gebood om een oplossing voor deze tegenstrijdigheid in haar beleid te zoeken kreeg het Verdrag van Waitangi voor het eerst in de geschiedenis van Nieuw-Zeeland een wettelijke status.

Na afloop van de rechtszaak ging de regering in onderhandeling met de Waikato Maori, de kern van de Maori Koningsbeweging. Er stond een volledige en definitieve schikking van de confiscaties uit 1864 op de agenda. Inmiddels waren ook ongeveer 1200 andere claims ingediend, deels bij het Waitangi Tribunaal, deels in rechtstreekse onderhandelingen met de regering, maar alom werd de claim van de Koningsbeweging als de grootste en meest urgente beschouwd. De regering zat in haar maag met alle Maori claims, want zij had zich niet gerealiseerd dat ze een grote beerput zou opentrekken met de verruiming van de bevoegdheden van het Waitangi Tribunaal. Tegelijkertijd begon het besef door te dringen dat Nieuw-Zeeland niet zou kunnen voortbestaan met 15% van haar bewoners die grieven met zich meedraagt over de grootschalige onteigening van hun land.

In 1995 tekenden Dame Te Atairangikaahu en Jim Bolger de compensatieovereenkomst. De Maori kregen 3% van het land terug, plus een aanzienlijk compensatiebedrag.

Excuses

In 1995 werd uiteindelijk een schikking getroffen tussen de Waikato Maori en de Nieuw-Zeelandse regering. Deze werd getekend door de Maori Koningin, Dame Te Arikinui Te Atairangikaahu en de toenmalige minister-president van het land, Jim Bolger. De parlementaire wet die de schikking legitimeerde werd bij uitzondering getekend door het staatshoofd, de Britse Koningin Elizabeth. Dit was symbolisch van groot belang voor de Koningsbeweging, aangezien met de eerste clausule van de wet excuses werden aangeboden voor het onrecht dat de Waikato Maori was aangedaan. Daarnaast kregen de Waikato Maori ongeveer 3% van het geconfisqueerde land terug, en NZ$ 170 miljoen ter compensatie voor het land dat niet meer kon worden teruggeven omdat het in de loop van de tijd privé-eigendom was geworden. De ziekenhuizen, scholen en een universiteit die op het teruggegeven land gebouwd zijn mogen blijven staan, maar deze organisaties betalen wel NZ$ 14 miljoen pacht per jaar aan de Waikato Maori.

Maori Koningsbeweging als model

De schikking werd ook beschouwd als een verlate erkenning van de Maori Koningsbeweging. Hoewel de beweging in de loop der jaren aan centraal gezag heeft ingeboet, was het charisma van de Maori Koningin belangrijk voor de groeiende invloed van de monarchie in de Maori samenleving. De strategie van de Waikato Maori om een schikking te treffen heeft ook veel respect afgedwongen, en staat model voor de onderhandelingen tussen de regering en andere grote stammen. Intussen zijn er meer compensatieovereenkomsten getekend om de historische grieven van de Maori recht te zetten, maar het proces van verzoening zal nog vele jaren in beslag nemen. Door het diplomatieke optreden van de Maori Koningin en haar familie heeft de Koningsbeweging opnieuw een centrale functie gekregen. Ondanks het ontbreken van politieke invloed buiten het stamverband van de Waikato Maori staat de Maori Koningsbeweging symbool voor de eenheid in de strijd van de Maori voor genoegdoening.

De inmiddels overleden Maori Koningin, Te Atairangikaahu (1931-2006).

Eenheid

De wederopstanding van de Maori Koningsbeweging is kenmerkend voor de grote overeenstemming die er onder Maori stammen bestaat om de grove schending van hun grond- en burgerrechten ongedaan te maken. Deze eenheid werd opnieuw onder de aandacht gebracht na het overlijden van de Maori Koningin in augustus 2006. Dit overlijden markeerde een einde, maar gaf de Koningsbeweging ook een nieuwe impuls. Tienduizenden mensen betuigden hun respect aan de Koningin. Tijdens de begrafenisceremonie werd de eenheid en de onverzettelijkheid van de Maori getoond aan de rest van Nieuw-Zeeland en de wereld. De Maori Koningsbeweging vervult een centrale rol in het verenigen van de Maori in hun gemeenschappelijke streven naar erkenning als inheemse bevolking van Nieuw-Zeeland.

Koning Tuheitia (geboren in 1955, gekroond op 21 augustus 2006)

De Koningin is dood! Leve de Koning

De heropleving van de Maori Koningsbeweging bleek ook kort na de dood van de Maori Koningin. Onmiddellijk begonnen de beraadslagingen tussen de Maori stammen over wie haar zou moeten opvolgen. Op de dag van haar begrafenis werd uiteindelijk haar oudste zoon Tuheitia gekroond tot koning. Hierbij werd dezelfde Bijbel gebruikt als tijdens de kroning van zijn bet-over-over-over-grootvader Potatau. En de zoon van Tuheitia stond naast hem. Het illustreerde de continuïteit van de monarchie vanaf het moment van oprichting in 1858. De massale aanwezigheid van vele Maori van andere stammen liet ook zien dat de monarchie nu veel meer respect afdwingt dan 100 jaar geleden, toen Taawhiao eenzaam had geprobeerd het historische onrecht dat hem was aangedaan terug te draaien. Het geheel was een indrukwekkend schouwspel, dat live werd uitgezonden op de Nieuw-Zeelandse televisie. Dit zou bij de kroning van de Maori Koningin in 1966 ondenkbaar zijn geweest. De Koningin is gestorven, maar de Maori Koningsbeweging is levendiger dan ooit tevoren.

Dr. Toon van Meijl is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Culturele Antropologie van de faculteit sociale wetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Zie over de Maori:

Dit artikel is een publicatie van Kennislink (correspondentennetwerk).
© Kennislink (correspondentennetwerk), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 03 januari 2008

Discussieer mee

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE