Je leest:

De doe-het-zelf-uitvaart: rouwcultuur in hedendaags Nederland

De doe-het-zelf-uitvaart: rouwcultuur in hedendaags Nederland

Auteur: | 5 november 2010
dood (53)
Thema: Dood

De manier waarop we omgaan met de dood verandert. Religieuze tradities verdwijnen en nieuwe rituelen ontstaan. De afgelopen decennia zagen sociale wetenschappers de Nederlandse rouwcultuur steeds gevarieerder worden. Niet alleen door ontkerkelijking en immigratie, maar ook doordat rouwrituelen steeds persoonlijker zijn geworden.

Culturele antropologen en sociologen vreten begrafenissen, crematies en rouwrituelen; het bestuderen van rituelen rond de dood is sociaalwetenschappelijke standaardkost. De dood behoort immers tot de Belangrijke Momenten van de mens. Ze is omringd met allerlei betekenisvolle rituelen die niet alleen wat vertellen over de overledene, maar ook waar de gemeenschap in gelooft en waarde aan hecht. Wie een cultuur wil bestuderen, doet er goed aan om de blik op het einde te richten.

Eindeloze opties

Neem Nederland. Tot in de jaren vijftig kregen de meeste Nederlanders een katholieke of protestantse begrafenis, met een priester of pastoor die bad en preekte. Veel ruimte om zelf invulling te geven aan het afscheidsritueel was er niet. Nu lijken de mogelijkheden eindeloos. Je kunt je lichaam laten begraven, cremeren, invriezen of naar een anatomisch instituut sturen; je kunt je eigen uitvaart tot in de puntjes regisseren, een digitale herdenkplek inrichten of de uitvaart juist helemaal overslaan. Er zijn katholieke en protestantse begraafplaatsen, maar ook islamitische, hindoeïstische en natuurbegraafplaatsen.

Die diversiteit zegt wat over onze samenleving: de invloed van de kerk is afgenomen en de rouwcultuur van immigranten heeft hier een plek gekregen. Maar daarnaast zien wetenschappers nog een belangrijke kenmerkende trend: Nederlanders zijn veel waarde gaan hechten aan een individuele, persoonlijke en informele uitvaart. Dat blijkt onder andere uit werk van de onderzoeksgroep ‘Refiguring Death Rites’ van de Radboud Universiteit. Onder leiding van hoogleraar antropologie Eric Venbrux wordt er onderzoek gedaan naar de uitvaart- en rouwcultuur in hedendaags Nederland.

jfin.ch

De uitvaart: een overgangsritueel

Rituelen rond de dood zijn ‘rites de passage’: rituelen die de overgang van de ene levensfase naar een volgende levensfase begeleiden. Er wordt afscheid genomen van het oude en de nieuwe situatie wordt gevierd. De term is een klassieker, bedacht door de Franse antropoloog Arnold van Gennep.

Overgangsrituelen vind je nog altijd overal: van beschuit met muisjes tot de promotieceremonie. De meeste samenlevingen vieren in ieder geval vier overgangsmomenten: de geboorte van een kind, het bereiken van de puberteit (en daarmee de volwassenheid), het huwelijk en de dood. Dit zijn niet alleen belangrijke momenten voor het individu, maar ook voor de hele sociale omgeving. Bij de geboorte van een kind worden er opeens ook papa’s, mama’s, ooms, tantes en grootouders geboren. Als iemand sterft, heeft dat net zulke gevolgen: een echtgenoot verandert in een weduwnaar, een kind verandert in een (halve) wees. Bij een uitvaart wordt dus niet alleen afscheid genomen van de overledene, maar ook van de sociale rollen die de nabestaanden eerst hadden. Daarnaast hebben overgangsrituelen ook een bindende functie: mensen komen samen, waardoor bestaande sociale relaties bevestigd worden. “We zien elkaar alleen maar bij begrafenissen!” is een veelgehoorde kreet in de koffie- en cakeruimte. En zo is het vaak maar net.

Persoonlijk, zelfs in de kerk

“Bij de nieuwe rituelen ligt een sterke nadruk op de biografie van de overledene,” schrijven Venbrux en zijn collega’s. In de Nederlandse uitvaartcultuur praten familie en vrienden over het leven, het gezin en het werk van hun overleden geliefde. Bovendien zijn er vaak persoonlijke symbolen aanwezig: een foto, kunstwerk, lievelingsvoorwerp of ander object dat aan de overledene doet denken. Ook graven, urnen en andere gedenkmonumenten worden steeds persoonlijker; een graftekst hoort te passen bij de overledene, grafkunst weerspiegelt persoonlijkheid en smaak. Voor Nederlanders lijkt dat bijna vanzelfsprekend. Maar dat is het niet.

In Japan bijvoorbeeld, liggen uitvaartrituelen in veel gevallen vast en is er weinig ruimte voor een afwijkende personal touch. Maar ook dichter bij huis is aandacht voor het persoonlijke leven van de overledene niet zo normaal als hier, zo laat godsdienstwetenschapper Thomas Quartier zien. Hij bestudeerde katholieke rituelen en kwam tot de conclusie dat Duitse katholieke uitvaartceremonies minder persoonlijk zijn dan Nederlandse. Volgens de officiële richtlijnen van de Rooms-Katholieke Kerk hoort de begrafenisceremonie te draaien om geloof, liturgie en de wederopstanding van Jezus Christus, en niet om diegene die in de kist ligt. Hedendaagse Nederlandse priesters en kapelaans lappen die traditie eigenlijk een beetje aan hun laars: ook binnen katholieke diensten staat het persoonlijke leven van de overledene de afgelopen jaren steeds meer centraal.

Commercieel uniek

De nadruk op een persoonlijk en uniek afscheid is een gevolg van de individualisering in onze samenleving. Maar ze wordt ook gevoed door de ondernemingsdrift van onze uitvaartbranch. In tegenstelling tot in de rest van Europa, heeft tweederde van de Nederlanders een uitvaartverzekering. Dat betekent dat Nederlanders van tevoren voor hun begrafenis of crematie betalen en dat zij ook van tevoren nadenken over wat ze willen, zo schrijven de Nijmeegse onderzoekers.

Sterven in het digitale tijdperk

De opkomst van internet, blogs en sociale media hebben geleid tot nieuwe rituelen. Facebook heeft memorialpagina’s, een digitaal herdenkingsmonument voor verloren vrienden; ouders geven hun overleden kindjes een plek op websites en fora; en ondernemers bieden herdenkingssites aan.

Daarnaast laten blogs en geuploade foto’s hun sporen na, lang nadat iemands lichaam in rook is opgegaan. Er bestaan inmiddels bedrijven die zich specialiseren in online post-mortem communicatie, zodat nabestaanden ook na iemands dood berichten kunnen blijven ontvangen. Onze online identiteit kan doorleven terwijl hart en brein er allang mee gestopt zijn. Dat levert nieuwe filosofische vragen op. Want ben je er niet eigenlijk nog als je online doorleeft? Ga je wel echt dood als je voortleeft in de inbox van een ander?

Uitvaartverzekeringen moeten zich dan ook van elkaar onderscheiden en bovenop de nieuwste ontwikkelingen op de sterfmarkt duiken. Net zoals H&M steeds met andere truien en tassen op de markt komt, moeten ook uitvaartondernemingen steeds nieuwe producten ontwikkelen; producten die mensen willen kopen omdat ze daarmee uiting geven aan hun identiteit. Een uitvaart-op-maat vervult dan ook twee behoeftes: die van mensen om op unieke wijze de grond of het vuur in te gaan, en die van ondernemers om daar zoveel mogelijk aan te verdienen.

Samen uniek

Dat de dood big business is, betekent natuurlijk niet dat moderne rouwrituelen daardoor minder waarde hebben. Integendeel: in plaats van tradities te volgen, knutselen we zelf rituelen bij elkaar. Venbrux en co noemen dit ‘rituele bricolage’, een duur woord voor knip- en plakwerk waarbij we allerlei verschillende symbolen en tradities door elkaar husselen en een nieuwe betekenis geven. Een uitvaart met katholieke spreuken, boeddhabeeldjes, cafémuziek, filmpjes en oma’s lievelingskoekjes creëren samen iets nieuws.

Daarbij spelen we ook leentje-buur bij de uitvaartceremonies van anderen, vooral van Bekende Nederlanders. Zo zagen Venbrux en zijn collega’s de laatste jaren een nieuwe gewoonte de kop opsteken: we klappen als de rouwstoet arriveert. Dat hebben we overgenomen van televisie, van de publieke rouwspektakels van Pim Fortuyn en André Hazes. Die spectaculaire collectieve rouwceremonies van BN-ers zijn op zichzelf ook nieuw; ze zijn een goed voorbeeld van onze zoektocht naar betekenisvolle collectieve rituelen.

Ondanks de ontkerkelijking blijven mensen behoefte houden aan rituelen, zo leert de sociale wetenschap ons. Geen loze gebaren volgens het boekje, maar nieuwe rituelen die we -met een beetje hulp van de uitvaartverzekering- zelf maken.

Op deze foto zie je hoe verschillende religieuze tradities vandaag de dag door elkaar gebruikt worden, een goed voorbeeld van rituele bricolage. “Een boeddhabeeld waakt over het graf, met kiezels in de handen die herinneren aan de joodse traditie om steentjes op een begraafplaats achter te laten. Tot slot is er een christelijke uitvaartkaars op het graf geplaatst,” aldus Meike Heessels, een van de Nijmeegse wetenschappers die nieuwe rouwrituelen onderzoekt.
Meike Heessels

Bronnen:

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 05 november 2010

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.