Je leest:

CO2-gehalte in Alaska niet eerder zo hoog

CO2-gehalte in Alaska niet eerder zo hoog

In Alaska hebben onderzoekers van het Amerikaanse onderzoeksinstituut NOAA dit voorjaar van het broeikasgas kooldioxide een gemiddelde maandconcentratie gemeten van 400 ppm. Het is voor het eerst dat zulke hoge waarden van CO2 worden gemeten in een afgelegen gebied, ver weg van menselijke activiteit.

De 400 ppm (parts per million, ofwel het aantal deeltjes per miljoen andere deeltjes) kooldioxide die in Alaska in april dit jaar werd gemeten, geldt als voorbode van de mondiale CO2-concentratie in 2016, aldus de onderzoekers. In 2011 was dat nog 390,4 ppm en in april 2012 werd een globaal gemiddelde gemeten van 394,01 ppm. Het meetnetwerk van de National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA) bevindt zich op meerdere afgelegen locaties op het noordelijk halfrond. De 400 ppm werd al eerder lokaal gemeten in het Arctisch gebied, maar het betrof toen incidentele waarden en geen maandgemiddelde.

Noaa alaska
Het onderzoeksstation van NOAA in Alaska. Metingen worden, behalve in Alaska, op nog vijf andere afgelegen plaatsen op het noordelijk halfrond gemeten: in Canada, IJsland, Finland, Noorwegen en op een eiland in de Stille Oceaan. Wereldwijd zijn er meer dan zestig meetlocaties.
NOAA

Op basis van deze meetresultaten verwacht het Amerikaanse onderzoeksinstituut dat de CO2-concentratie op afgelegen locaties in 2013 verder zal stijgen tot 402 ppm. Zij houden daarbij rekening met het relatief hogere gehalte aan kooldioxide in de atmosfeer aan het begin van de lente, wanneer de planten weer massaal beginnen met de productie van zuurstof. Ook wordt gecorrigeerd voor de opname van kooldioxide in de oceanen, die als belangrijke buffer van broeikasgassen dienst doen.

Mauna loa carbon dioxide en copy
De ‘jaarcyclus’ van CO2 in de aardse atmosfeer werd voor het eerst geobserveerd door Charles David Keeling, vandaar de naam Keeling Curve. Deze beroemde grafiek toont niet alleen de CO2- toename in de aardatmosfeer (de rode lijn), maar ook de seizoensfluctuaties.
NOAA

Ademende aarde

Modern klimaatonderzoek bouwt voort op de revolutionaire Keeling-curve, die de ‘ademende aarde’ zo duidelijk laat zien: met hoge CO2-waarden aan het begin van de lente en lage CO2-waarden aan het einde van de zomer. De jaarcyclus wordt op hoge breedtegraden het sterkst gemeten.

Het aantal ppm’s CO2 is de leidraad geworden voor beleidsmakers en politici die emissienormen moeten vaststellen met het oog op klimaatverandering. In veel toekomstige klimaatscenario’s wordt uitgegaan van een doelstelling van 450 ppm, wat neerkomt op een maximale globale temperatuurstijging van 2 graden Celsius. Dus zou je verwachten dat we nog wel even mogen doorgaan en nog 50 ppm te gaan hebben. Maar dat is helaas niet het geval.

Noaa sampling flasks
Flessen waarin monsters CO2 worden opgeslagen in NOAA’s Earth System Research Laboratory in de Amerikaanse staat Colorado. De luchtmonsters worden wereldwijd verzameld op meer dan 60 locaties, door zowel professionals als vrijwilligers.
NOAA

CO2-equivalenten

De NOAA-onderzoekers benadrukken dat het bij de 400 ppm-‘mijlpaal’ uitsluitend gaat om kooldioxide, dus exclusief andere broeikasgassen, zoals methaan. Als de andere broeikasgassen in de berekening worden meegenomen, in de vorm van CO2-equivalenten, haalden we de 400 ppm al in 1985 en zijn we 450 ppm al tien jaar geleden voorbijgestreefd.

450 ppm CO2-equivalenten (2 graden Celsius temperatuurstijging op mondiale schaal) geldt voor veel beleidsmakers als ‘acceptabel’. Het Internationale Energie Agentschap (IEA) berekende dat we om dit 450 ppm-scenario na te streven vooral veel energie zullen moeten besparen, naast het uitvoeren van een mix van andere maatregelen.

Weo2011c
In de meest recente World Energy Outlook (2011), waarvan eind dit jaar weer een update zal verschijnen, wordt ons voorgerekend dat we een mix van maatregelen zullen moeten uitvoeren, zoals energiebesparing, gebruik van duurzame energiebronnen en CO2-opslag. De broeikasgassen blijven in dat geval onder de kritische grens van 450 ppm CO2-equivalenten.
IEA

Bron:

Zie ook:

Meer over aardwarmte en klimaatverandering op Wetenschap24:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 04 juni 2012

Discussieer mee

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE