Je leest:

Botreparatie met eigen stamcellen

Botreparatie met eigen stamcellen

Auteur: | 22 mei 2008

Het is onderzoekers van de universiteit Twente, het UMC Utrecht en het Erasmus Medisch Centrum Rotterdam gelukt om volwassen stamcellen uit te laten groeien tot botweefsel. Door de stamcellen in het laboratorium te stimuleren, is er na implantatie bij muizen duidelijke botvorming zichtbaar. Op die manier wordt het mogelijk om reparaties aan het bot uit te voeren met lichaamseigen materiaal. De resultaten van het onderzoek werden deze week gepubliceerd in vakblad Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS).

Transplantaties uitvoeren met lichaamseigen materiaal staat zo in de belangstelling vanwege de heftige reacties die kunnen optreden bij het gebruik van donorweefsel. Stamcellen zijn bovendien interessant omdat zij nog niet gespecialiseerd zijn. Ze zijn nog in staat om tot verschillende weefseltypen uit te groeien, met andere woorden ze zijn ‘multipotent’. Voor het maken van botweefsel lijken de zogenaamde ’mesenchymale’stamcellen bijzonder geschikt. Met dierlijke stamcellen is het al gelukt om ze na transplantatie aan te zetten tot botvorming. In stamcellen afkomstig van menselijke patiënten was dat tot nu toe echter niet mogelijk.

Volwassen stamcellen zijn multipotent, ze kunnen slechts in een beperkt aantal weefsels veranderen. Mensenchymale stamcellen lijken zeer geschikt voor het vormen van botweefsel. Met menselijke stamcellen is dat tot nu toe echter nog niet goed gelukt.

Optimaliseren van botvorming

De Nederlandse onderzoekers wilden proberen de menselijke stamcellen al in het laboratorium gedeeltelijk te laten specialiseren door het stimuleren van botvorming. Hiertoe voegden zij het stofje cyclisch AMP (cAMP) aan de gekweekte cellen toe. Dit bevordert niet alleen de uitrijping tot botcel door activatie van het enzym PKA, maar zorgt er ook voor dat stamcellen elkaar gaan stimuleren. In aanwezigheid van cAMP gaat elke stamcel een aantal botstimulerende stoffen uitscheiden. Doordat stimulatie al in het laboratorium plaats vindt, kan cAMP voor transplantatie naar de patiënt al verwijderd worden. Op die manier kan het stofje ook geen schade aanrichten.

Na stimulatie transplanteerden de onderzoekers de menselijke stamcellen naar muizen. De botgroei kwam in deze dieren goed op gang. Deze uitkomsten geven hoop voor de behandeling van patiënten die letsel aan het bot hebben opgelopen dat onmogelijk kan genezen door natuurlijke botvorming. Eerder rapporteerden de onderzoekers al dat er goede vooruitzichten waren voor de reparatie van dit letsel met embryonale stamcellen. Maar omdat er in de samenleving nogal wat discussie is omtrent de ethiek rond stamcellen afkomstig uit embryo’s, hebben volwassen stamcellen waarschijnlijk meer toekomst.

Botgroei zichtbaar in het bovenbeen. Door het stimuleren van stamcellen met cAMP wordt botgroei gestimuleerd. Hiermee kan letsel, wat niet door natuurlijke botgroei hersteld wordt, behandeld worden

De botvorming met behulp van volwassen menselijke stamcellen is dus op gang, maar kan volgens de onderzoekers nog beter. Door verbeteringen aan te brengen in de deling van stamcellen voordat stimulatie plaatsvindt en door het vinden van de optimale balans tussen deze celdeling en het in gang zetten van stimulatie, kan de botvorming verder geoptimaliseerd worden.

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 22 mei 2008

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.