Je leest:

Bomen over het weer

Bomen over het weer

Bomen ondergaan niet alleen het weer, ze hebben zelf ook invloed op het klimaat. Ze brengen niet alleen schaduw, maar vangen en breken ook de wind. Achter een lage bomenrij liggen de wegen in de luwte. Bovendien zijn bomen verzamel- en verdeelplaatsen voor neerslag, nemen ze vocht op en zorgen ze ook voor verdamping. Bomen in blad verdampen veel water, vooral alleenstaande bomen, waardoor het in de buurt van een boom koeler is.

Bomen hebben het door het weer ook zwaar te verduren. Hun scheve stand verraadt het overheersende windklimaat. Storm bevrijdt bomen weliswaar van dode takken, maar een zware storm kan een kaalslag aanrichten. Ook droogte en bliksem eisen slachtoffers. Bij een inslag verliest de loofboom zijn schors, terwijl naaldbomen versplinteren. Dat houdt verband met de sapstroom die door de bliksem wordt verhit. Bij een naaldboom ligt het sap dieper in de stam dan bij een loofboom. Ook ijzel kan schade aanrichten die lang zichtbaar blijft.

Herfst, foto H. de Heus

Weersomstandigheden spelen ook een belangrijke rol bij het verkleuren van het blad. In het najaar krijgt het blad steeds minder zon. Door minder zon en door lagere temperaturen neemt ook de productie van bladgroenkleurstoffen af. Verkleuring treedt op bij afbraak van deze stoffen. Daarna begint de aanmaak van een kurkachtige stof die de steel van het blad uiteindelijk afsluit van de tak.

Onderdeel van KNMI-dossier Herfst De kurkachtige stof zorgt er uiteindelijk ook voor dat het bladsteeltje gemakkelijk van de tak breekt. Bomen in een gematigd klimaat bereiden zich op die manier voor op de winter. Bij vorst vindt er in de boom geen watertransport meer plaats en zouden de bladeren verdorren. Om dat voor te zijn werpen loofbomen in het najaar hun bladerdek af. De meeste bladeren verdwijnen bij de eerste flinke najaarsstorm. Na de winter reageren bomen meteen op de hogere temperatuur vooral als de grond opwarmt. In de wortels neemt dan de druk van de sapstroom toe, waardoor het water naar takken en twijgen wordt gepompt en de bomen weer uitlopen.

Bron:

B. Zwart: ‘t is het licht dat de bladval bepaalt. In Spiegel der Natuur. Jaargang 12, no. 10 (1981), pagina’s 374-377. B. Zwart en P.P. Hattinga Verschure. Kleuren in de atmosfeer. In: Zenit, jaargang 21, no 10 (1994), pagina’s 409-414.

Onderdeel van KNMI-dossier Herfst

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI).
© Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI), alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 19 september 2006
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.