Je leest:

Bodemdiertjes bouwen aan natuur

Bodemdiertjes bouwen aan natuur

Auteur: | 8 maart 2004

Er wordt druk geprobeerd de natuur en de bijbehorende biodiversiteit te herstellen op de Nederlandse akkers en weilanden. Om natuur te kunnen herstellen moeten we weten hoe die in elkaar steekt. Kennis is dus het sleutelwoord, maar die ontbreekt veelal.

Er wordt druk geprobeerd de natuur en de bijbehorende biodiversiteit te herstellen op de Nederlandse akkers en weilanden. Om natuur te kunnen herstellen moeten we weten hoe die in elkaar steekt. Kennis is dus het sleutelwoord, maar die ontbreekt veelal.

In de afgelopen eeuw zijn in Nederland meer en meer natuurgebieden gecultiveerd, en zijn de cultuurgebieden ook intensiever gebruikt door de mens. Ontginning van ‘woest natuurgebied’ was noodzakelijk om de sterk groeiende bevolking van Nederland te voeden en om werkgelegenheid in de landbouw te garanderen. Bos- en heidegebieden op van nature voedselarme bodem werden ontdaan van vegetatie, omgeploegd, ontwaterd en zwaar bemest.

Momenteel echter is er een kentering aan de gang: vergane flora en fauna moeten weer hersteld. Dat heeft te maken met een aantal factoren. Allereerst is er sprake van overproductie in de landbouw, waardoor de producten goedkoop en de inkomsten voor de boeren laag zijn. Daarbij komt dat een aantal (Oost-Europese en Zuid-Amerikaanse) landen veel goedkoper kunnen produceren en daardoor de Nederlandse concurrentiepositie van de landbouw ondermijnen. Ook bestaat er een maatschappelijke druk om natuur in ere te herstellen en het landelijk gebied in te richten voor recreatie. Vanwege deze ontwikkelingen probeert men nu landbouwgronden als natuurgebied te herstellen en geschikt te maken voor de planten en dieren die er ooit leefden.

Dit gebeurt door landbouwgronden op te kopen, uit productie te nemen en in beheer te geven bij natuurbeheerders, zoals Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer of een van de twaalf Provinciale Landschappen. Daarnaast worden boeren gestimuleerd hun land anders te beheren waardoor de biodiversiteit kan toenemen.

Hoe je precies te werk moet gaan om natuurgebied te maken, is niet bekend. Onderzoek moet vragen hierover beantwoorden. Bekend is bijvoorbeeld wel dat bodemorganismen een positieve invloed kunnen hebben op het herstel van vegetatie, maar hoe dat werkt is onduidelijk. Daarom wordt dit nu uitgezocht zodat we gebruik kunnen maken van bodemorganismen om de natuur te herstellen en de biodiversiteit beter te beschermen.

Is er een weg terug?

Het is de vraag of het cultiveren van land wel helemaal omkeerbaar is; of de natuur zich weer wil vestigen in gebieden waar lange tijd landbouw is bedreven. Grondgebruik door de mens heeft bijvoorbeeld invloed op de bodemsamenstelling en die is lastig terug te brengen in de originele staat.

Uit onderzoek is gebleken dat het aantal plantensoorten (de diversiteit) het hoogst is op gronden die matig voedselrijk zijn. Op voedselarme gronden en op zeer voedselrijke gronden is het aantal plantensoorten per oppervlakte het geringst (afbeelding 1). Deze relatie tussen de voedselrijkdom in de bodem en het aantal plantensoorten heeft beleidsmakers de afgelopen decennia geïnspireerd de juiste strategie uit te stippelen voor herstel van de natuur. De vegetatie van voormalige landbouwgronden wordt regelmatig gemaaid en het hooi afgevoerd, om te voorkomen dat gemaaide of dode planten als voedingsstof in de bodem terechtkomen. Op de lange duur verarmt de bodem hierdoor en krijgen zeldzame planten die hiervan houden een kans een kans om zich te vestigen en te overleven.

De relatie tussen voedselrijkdom van de bodem en het aantal plantensoorten per oppervlakte land (naar: Al-Mufti en anderen 1977, Journal of Ecology, 65, 759-791).

De uitkomsten van activiteiten die natuurherstel moeten bevorderen, zijn vaak onvoorspelbaar. De ontwikkeling van natuur laat in veel gevallen lang op zich wachten. Verarming van de voedselrijkdom in de bodem mag dan wel een voorwaarde zijn voor zeldzame planten, maar als de juiste zaden niet in de grond of in de nabije omgeving aanwezig zijn, dan zullen die soorten er niet snel groeien en neemt de plantendiversiteit ook niet toe. Deze redenering heeft geleid tot het besluit om ecologische verbindingszones aan te leggen, die bestaande natuurgebieden met elkaar en met nieuwe natuurgebieden verbinden. Zo kunnen planten en dieren zich gemakkelijk verspreiden en op nieuwe natuurgebieden vestigen.

Het is nog steeds onduidelijk of het wel mogelijk is natuur te ontwikkelen door maatregelen als het uit productie nemen van landbouwgrond, het verlagen van de voedselrijkdom van de bodem en het verbinden van natuurherstelgebieden onderling. Daarom wordt dit nu veel onderzocht. Met name de rol van organismen in de bodem heeft de interesse van onderzoekers (zie ook de projecten zoals vermeld op genoemde websites).

Bodemorganismen sturen natuurontwikkeling

Het Nederlands Instituut voor Ecologie onderzoekt samen met de Universiteit Utrecht, de Vrije Universiteit van Amsterdam en de universiteit van Wageningen de rol die het bodemleven speelt bij natuurherstel. Het onderzoek liep goed en de eerste resultaten zijn onlangs gepubliceerd in het tijdschrift Nature. Uit het artikel blijkt waarom bodemfauna in graslanden belangrijk is voor natuurherstel.

De bodemdiertjes bestaan uit nematoden (wormen), springstaarten, mijten en insectenlarven (afbeelding 2). De beestjes vreten van plantenwortels, waardoor de planten minder snel groeien. Aangezien de bodembeestjes een voorkeur hebben voor snelgroeiende planten, belemmeren ze vooral deze snelle groeiers. De langzaam groeiende planten, die concurrentie ondervinden van de snelle groeiers (vooral concurrentie om licht, voedingsstoffen en water), krijgen dan meer kans om te overleven op de graslanden. En dat is mooi, want langzaam-groeiende planten zijn juist de soorten die het meest zeldzaam zijn en die natuurbeschermers graag zien ontwikkelen. Het is namelijk een teken van ontwikkeling van de natuur richting de oorspronkelijke staat.

Van klein naar groot: Nematoden (tussen de 50-200 micrometer groot), springstaarten (100-500 micrometer groot), mijten (100-1000 micrometer groot) en kniptorlarven (1-3 centimeter groot)

In het onderzoek was ook nagegaan of – en zo ja, hoe – de staat van oude landbouwgronden invloed heeft op het functioneren van de bodembeestjes. Hiervoor vergeleken de onderzoekers verschillende ontwikkelingsstadia van verschillende oude landbouwgronden met die van een natuurgebied. De bodembeestjes in de gronden die twintig jaar geleden uit productie waren genomen bleken de meeste invloed te hebben. Ofwel: het duurt lang voordat de bodemdiertjes hun gunstige invloed kunnen uitoefenen op de vegetatie. Vergelijking van landbouwgronden in verschillende stadia liet bovendien zien dat grasbodembeestjes op de lange termijn inderdaad een negatieve invloed uitoefenden op de snel groeiende planten uit hun omgeving. Gevolg van de selectieve vraat is dat de groeikracht van de ‘snelle’ planten geremd wordt, waardoor de zeldzamere plantensoorten een gunstigere concurrentiepositie hadden dan in gronden waar die bodemdiertjes niet aanwezig waren. Zodoende hebben de bodembeestjes een versnellend effect op het natuurherstelproces.

Ook ziekteverwekkende bodemschimmels kunnen een positieve invloed uitoefenen op de groei van zeldzame planten, op dezelfde manier als de bodemdiertjes. Sommige schimmels zijn echter juist actief tegen de zeldzame planten in de vegetatie. En er zijn schimmels die planten niet opeten maar juist de zeldzame planten helpen door de opname van fosfaten (een voedingsstof voor planten) te bevorderen; de diversiteit van de vegetatie neemt hierdoor dus toe.

Kortom, het is best druk in de bodem; herstel van soortenrijke vegetatie wordt mede bepaald door een combinatie van soorten bodemorganismen die positieve en negatieve invloed uitoefenen.

Hier worden plaggen uitgezet op een akker die uit productie is genomen. De plaggen komen van een natuurgebied en zo worden de bodemorganismen die in de plag zitten verplaatst om de natuurontwikkeling te versnellen.

Toepassing

Op dit moment zijn onderzoekers het onderzoek aan het uitbreiden. Op voormalige landbouwgronden en graslanden worden veldproeven uitgevoerd waarbij wetenschappers proberen de natuurontwikkeling te helpen door planten en bodemorganismen uit natuurgebieden over te brengen naar die proefvelden. De zaden van gewenste plantensoorten voeren onderzoekers aan met maaisel afkomstig uit natuurgebieden en bodemorganismen komen er terecht door bodemtransplantatie (zie afbeelding 3). Op deze wijze komt een hele reeks proefvelden in gebruik, waarop duidelijk zal worden wat effect is van het zaaien van planten en het transplanteren van bodemorganismen op een echte praktijksituatie. Gunstige uitkomsten (ofwel: succesvolle natuurontwikkeling) leveren veel kennis op en bevorderen herstel van biodiversiteit in Nederland.

Bronnen:

De Deyn G.B., Raaijmakers C.E. & van der Putten, W.H. (2004) Bodemfauna bevordert herstel van soortenrijke graslanden. De Levende Natuur 105 januari De Deyn, G.B., Raaijmakers, C.E., Zoomer, H.R., Berg, M.P., De Ruiter, P.C., Verhoef, H.A., Bezemer, T.M. and Van der Putten, W.H. 2003 Soil invertebrate fauna enhances grassland succession and diversity. Nature 422: 711-713. Korthals, G.W. and Van der Putten, W.H. (2001) Strooien met natuur: de cruciale rol van het bodemleven. De Levende Natuur 102: 3-6 Van der Heijden, M.G.A., Klironomos, J.N., Ursic, M., Moutoglis, P., Streitwolf-Engel, R., Boller, R., Wiemken, A. & Sanders, I.R. (1998b) Mycorrhizal fungal diversity determines plant biodiversity, ecosystem variability and productivity. Nature, 396, 69-72.

Voor vragen of opmerkingen n.a.v. dit artikel kunt u mailen met:

Dit artikel is een publicatie van Nederlands Instituut voor Biologie (NIBI).
© Nederlands Instituut voor Biologie (NIBI), sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 08 maart 2004

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.