Je leest:

Bij overschrijding van de norm: verdunnen

Bij overschrijding van de norm: verdunnen

Auteur: | 3 december 2004

Dioxine duikt met enige regelmaat in de voedselketen op. Recent belandde dit gif via aardappelschillen van fritesfabrikant McCain in veevoer en daarna in melk. Tijdelijke overschrijding van de norm is geen reden tot paniek, maar over die normen zijn de deskundigen het niet eens.

Alsof dioxine een besmettelijk virus is, zo verspreidde de verontreiniging zich de afgelopen tijd door de Nederlandse voedselketen. Eind oktober werd bij een routinecontrole in de melk van één boerderij bij Lelystad een zesvoudige overschrijding van de wettelijke norm geconstateerd. De Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) blokkeerde het bedrijf, wat betekent dat melk of dieren niet meer van het terrein af mogen. In de week daarna werden nog ruim 160 boerderijen geblokkeerd.

Zoals gebruikelijk stonden de autoriteiten in de rij om te verklaren dat er geen gevaar voor de volksgezondheid geweest is. De melk van de als eerste geblokkeerde boerderij moet in de supermarkt zijn terechtgekomen, maar was toen vermengd met zoveel andere melk dat de norm in het schap niet overschreden is.

Dat zal best kloppen, maar als het een exportproduct was geweest, had de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) waarschijnlijk alle zuivel en vlees uit de Benelux in de ban gedaan, net als in 1999 gebeurde, toen een overdosis dioxine in veevoer te wijten was aan een Belgische vetsmelter.

Sorteren

De geblokkeerde bedrijven gebruikten in hun veevoer aardappelschillen van frites-producent McCain, die de bron van de dioxine bleek. De schillen kregen het weer van mergelklei uit Duitsland. Water vermengd met klei heeft namelijk het juiste soortelijk gewicht om aardappels te sorteren. Goede aardappels zinken daarin nog net, terwijl aardappels die ongeschikt zijn voor menselijke consumptie blijven drijven.

McCain gebruikte de klei in de vestiging in Lelystad sinds 1 augustus. Volgens de fabrikant is het gif nooit verder gekomen dan de aardappelschil, en inderdaad wezen testen uit dat de frites zelf onbezoedeld gebleven zijn. Inmiddels is door het ministerie van Landbouw via het Rapid Alert System een waarschuwing Europa ingestuurd, omdat de klei ook aan bedrijven in Frankrijk, België en mogelijk nog andere landen is geleverd. Inmiddels gebruikt het McCain weer zout water om z’n aardappels te sorteren.

In de mergelklei zat 910 nanogram dioxine per kilo. Voor dioxine is dat torenhoog, honderden malen hoger dan in voedsel mag voorkomen. Al sinds 1999 is bekend dat in sommige klei-afzettingen natuurlijke dioxinen voorkomen, dus het is op z’n minst opmerkelijk dat dit materiaal zonder testen vooraf in de voedingsindustrie gebruikt mag worden.

Dioxine komt vrijwel uitsluitend door menselijke activiteit in ons leefmilieu terecht. Het ontstaat bij de verbranding van chloorhoudend materiaal. Het gaat altijd om beperkte hoeveelheden: zelfs het keukenzout (natriumchloride) in voedselresten kan al genoeg chloor leveren om de rook uit slecht afgeregelde afvalverbrandingsovens met dioxine te vervuilen.

Dioxine wordt vrijwel niet afgebroken in de natuur en verspreidt zich via water en lucht door complete ecosystemen, zodat de toename van de uitstoot sinds de jaren twintig zelfs in jonge sedimentlagen is terug te vinden. Mens en dier slaan dioxine op in hun vetlaag, waar het door de jaren heen kan opstapelen.

Bij consumptie van dioxines hopen deze stoffen zich op in het lichaamsvet en worden dan bijna niet meer afgebroken. Hoogstwaarschijnlijk kan dioxine geboorteafwijkingen veroorzaken, kanker bevorderen en de hormoonstofwisseling beïnvloeden. De stof hoopt zich op in vet, zoals melk- en lichaamsvet. We krijgen dioxine voornamelijk binnen via ons voedsel door het eten van vlees, zuivel, kip en vis. Een klein gedeelte van de dioxine is afkomstig uit andere bronnen, bijvoorbeeld door roken of door het verkeer.Het verhaal is daarmee echter niet compleet. Dioxines blijken ook tegen kanker te kunnen beschermen. Ze bevorderen kanker als ze na een andere kankerverwekkende stof het lichaam binnenkomen, maar ze beschermen als we ze vóór een andere kankerverwekkende stof binnenkrijgen. Een dergelijk effect wordt ook gevonden bij andere, aan dioxines verwante stoffen, bijvoorbeeld bij indoolcarbinol in kool en spruitjes, en bij de polycyclische aromaten die ontstaan bij het bakken van vlees. Bron: AgriHolland

Weegfactor

‘Dioxine’ is een verzamelnaam voor een assortiment stoffen waarvan 2,3,7,8-tetrachlorodibenzo-p-dioxine (TCDD) het meest giftig is. Daaronder vallen ook de PCB’s. Ze grijpen allemaal ongeveer als TCDD in op de biochemie van een levende cel, reden waarom ze toxicologisch op een hoop gegooid worden, maar met een weegfactor voor de relatieve giftigheid. Van een mengsel kan zo toch een eenduidige TEQ (toxisch equivalent) worden bepaald.

Bij ratten en apen veroorzaken blootstellingen van een paar miljardste grammen dioxine per kilogram lichaamsgewicht per dag (nanogram TEQ/kg/dag) al prenatale sterfte en verminderde vruchtbaarheid. Ook is dioxine bij hogere doses en chronische blootstelling waarschijnlijk kankerverwekkend, al is dit effect bij de mens nog niet onomstotelijk vastgesteld.

De grootste angst voor dioxine lijkt inmiddels alweer voorbij, mede omdat de uitstoot sinds de jaren zeventig door allerlei milieumaatregelen (betere verbrandingsovens, loodvrije benzine) sterk afgenomen is. Nog niet zo lang geleden overwogen deskundigen in dit land serieus om het geven van borstvoeding te ontraden. Zogende moeders ‘dumpen’ namelijk in een paar maanden tijd zo’n tien procent van hun in dertig jaar opgespaarde dioxinen in hun melk, en dus in de zuigeling.

Nederlandse moedermelk bevatte in de jaren negentig gemiddeld 68 nanogram TEQ per kilogram melkvet, met uitschieters boven de honderd. Ter vergelijking: de melk die de veeteelt rond Lelystad lamlegde bevatte negentien nanogram, terwijl de norm voor melk op drie nanogram ligt. Een liter moedermelk zou je dus moeten verdunnen met ruim twintig liter brandschone koeienmelk om het in het schap van de supermarkt te mogen zetten.

Moedermelk kan dioxines en/of PCB’s bevatten die van moeder op kind worden overgedragen. Omdat kinderen maar een korte periode van hun leven borstvoeding krijgen, is het effect daarvan heel beperkt. De positieve eigenschappen van borstvoeding zoals de voedingswaarde, de beschermende werking en de positieve emotionele effecten, dragen sterk bij aan de gezondheid van het kind. In de praktijk worden bij jonge kinderen (ouder dan 3,5 jaar) geen schadelijke effecten gevonden van de blootstelling aan dioxine-achtige stoffen via moedermelk. Daarnaast zijn de gehaltes dioxines en PCB’s in moedermelk de afgelopen jaren gehalveerd. Borstvoeding blijft dan ook altijd de voorkeur genieten boven (al dan niet dioxine-vrije) flesvoeding. bron: Voedingscentrum

Onenigheid

Uiteraard zijn in wettelijke normen voor potentieel schadelijke stoffen ruime veiligheidsmarges ingebouwd. Het komt er meestal op neer dat wie niet méér binnenkrijgt dan de norm, nog een factor honderd onder het laagste niveau van blootstelling blijft waarop bij proefdieren net geen effect van de desbetreffende stof meer is gevonden.

Voor dioxine geldt in de dagelijkse praktijk dat niet zozeer de acute inname, als wel de totale in het lichaamsvet opgeslagen concentratie toxicologisch relevant is. Alleen door jarenlang dioxine op te nemen, stijgen de hoeveelheden in het lichaam tot een niveau dat schadelijk kan zijn. Als de dagelijkse opname afneemt, neemt ook de voorraad in het lichaam langzaam weer af. De karakteristieke verblijfstijd van dioxine in het lichaam wordt geschat op een jaar of tien.

Incidentele overschrijdingen van de norm hebben weinig te betekenen zolang men niet chronisch teveel binnenkrijgt. Helaas spreekt ook dat in Nederland niet vanzelf, maar mede omdat de deskundigen elkaar internationaal tegenspreken. De Gezondheidsraad pleit in haar dioxine-advies uit 1996 voor een maximale blootstelling ( tolerable daily intake, TDI) van 0,001 nanogram per kilogram lichaamsgewicht per dag. Iemand van zeventig kilo mag dan dagelijks 0,07 nanogram dioxine binnen krijgen, overeenkomend met bijna acht liter volle melk die nog net aan de norm voldoet.

De Gezondheidsraad concludeert echter dat de modale Nederlander uit vlees, vis en overige voeding al ongeveer het dubbele binnenkrijgt. Wie dat beangstigend vindt, kan emigreren naar Groot-Brittannië, waar de TDI precies het dubbele is, of z’n vertrouwen stellen in de World Health Organization, want die hanteert een TDI van 0,004, vier keer zo hoog dus.

Dit is een sterk ingekorte, onvolledige versie van het artikel uit nummer 12 (jaargang 2004) van Natuurwetenschap & Techniek. Wil je het complete, rijk geïllustreerde artikel lezen, neem dan een abonnement of koop het nummer in de winkel of kiosk.

Dit artikel is een publicatie van Natuurwetenschap & Techniek.
© Natuurwetenschap & Techniek, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 03 december 2004
NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.