Je leest:

Bij moeheid vier weken wachten

Bij moeheid vier weken wachten

Auteur: | 21 juli 2009

‘Dokter, ik ben zo moe’. Die klacht zal de gemiddelde huisarts bekend in de oren klinken. Maar wat is de oorzaak? Vaak wordt ook na anamnese en lichamelijk onderzoek geen verklaring gevonden. De moeheid is, zoals dat heet, onbegrepen. Meteen bloedonderzoek aanvragen, zoals veel huisartsen doen, is echter weinig zinvol. Vier weken wachten is veilig en werkt in de praktijk beter, blijkt uit onderzoek.

Een aanzienlijk deel van de consulten in de huisartsenpraktijk (tussen de drie en de veertig procent) draait om onbegrepen klachten. Moeheid scoort hoog, naast bijvoorbeeld buikpijn en spier- en gewrichtsklachten, weet AMC-onderzoeker Hèlen Koch, wetenschappelijk medewerker bij het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) en onder andere betrokken bij richtlijnontwikkeling voor onbegrepen klachten. Bij de dokter kan dat leiden tot onzekerheid over de diagnose. In een poging die te bestrijden, vraagt hij niet zelden meteen bloedonderzoek aan. Vaak een strategische keuze, aldus Koch. ‘Huisartsen testen soms in plaats van te verwijzen naar een specialist – een soort ruilmiddel. En ze kopen er tijd mee. De moeheid krijgt als het ware de kans om vanzelf over te gaan zonder dat de patiënt het gevoel heeft dat hij met een kluitje in het riet is gestuurd.’

Vermoeidheid is een veel gehoorde klacht in de huisartsenpraktijk. Een dokter vraagt vaak meteen bloedonderzoek aan, maar heeft dat wel medisch nut?
Michael Cornelius, Wikimedia Commons

Onnodige onrust

Maar heeft zo’n bloedonderzoek ook medisch nut? Die vraag stond centraal in het VAMPIRE-onderzoek (VAgue Medical Problems In Research), uitgevoerd door de afdelingen Huisartsgeneeskunde van het AMC en de Universiteit Maastricht. De resultaten daarvan stonden in april in het British Journal of General Practice. Koch: ‘Vroeger hadden we een richtlijn, de standaard Bloedonderzoek, waarin onder meer werd geadviseerd om in dit soort situaties te wachten. En om, als je dan tóch bloedonderzoek aanvraagt, het aantal tests te beperken. Aanbevelingen gebaseerd op consensus, niet op de resultaten van onderzoek. VAMPIRE moest ons van wetenschappelijk bewijs voorzien. Belangrijkste vraag van de studie: is uitstel van bloedonderzoek bij onbegrepen moeheid veilig en zinvol?’

Het antwoord is ja, weten we ondertussen. ‘Wachten kan vrijwel nooit kwaad. Natuurlijk, soms wordt er iets gevonden. De patiënt heeft bijvoorbeeld bloedarmoede, suikerziekte of een schildklierstoornis. Aandoeningen die we ook zien bij mensen die direct getest zijn. Maar een week of vier extra wachten op die diagnose heeft meestal geen nadelige gevolgen voor de patiënt.’ Sterker nog: het heeft voordelen. Vooral als de arts, zoals de oude standaard al adviseerde, het aantal tests beperkt. ‘Veel tests betekent veel kans op vals-positieve uitslagen. Die zaaien onnodige onrust terwijl ze weinig toevoegen.’ Feit blijft immers, zoals Koch toch nog maar eens benadrukt, dat bloedonderzoek – of dat nu meteen of na vier weken gebeurt – meestal geen oorzaak van de moeheid aan het licht brengt.

Meestal komt na bloedonderzoek geen oorzaak van de vermoeidheid aan het licht. Het kan dan ook geen kwaad om met testen te wachten. Huisartsen zouden het bloedonderzoek voortaan met vier weken uit moeten stellen.

Vinger aan de pols

Dus er is eigenlijk niks mis met deze mensen? Nou nee. Koch: ‘Meer dan veertig procent van de ruim driehonderd patiënten uit ons onderzoek had na een jaar nog steeds of opnieuw last van dezelfde klachten. Hun kwaliteit van leven was doorgaans slecht. Slechter dan die van de gemiddelde patiënt in de wachtkamer, en vaak zelfs slechter dan die van mensen met een actieve depressie. Met andere woorden: de impact van onbegrepen klachten is groot.’

Aan de hernieuwde, en nu wetenschappelijk onderbouwde aanbeveling om te wachten met bloedonderzoek, koppelt Koch daarom nóg een advies: zorg als huisarts voor een vervolgafspraak, een tweede consult binnen vier weken. ‘Tijdens het eerste bezoek van de patiënt kun je niet alleen uitleggen waarom je het bloedonderzoek uitstelt, maar ook aankondigen dat je de patiënt hoe dan ook opnieuw wilt zien. De patiënt voelt zich serieus genomen, de dokter houdt de vinger aan de pols.’

Dit artikel is een publicatie van AMC Magazine.
© AMC Magazine, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 21 juli 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.