Je leest:

Allergie en immunotherapie

Allergie en immunotherapie

Auteur: | 30 september 2018
iStockphoto

Allergie is een verzamelnaam voor aandoeningen waarbij het afweersysteem heftig reageert op stoffen uit de omgeving. De stof die tot een dergelijke reactie leidt wordt allergeen genoemd. Dit zijn bijna altijd eiwitten. Allergenen die met het voedsel binnenkomen, zoals koemelk en pinda’s, kunnen tot voedselallergie leiden. Ook zijn er allergenen zoals nikkel en parfumstoffen, waarop de huid reageert met een eczeemreactie.

Allergie is een verkeerde afweerreactie op een op zich relatief onschuldige prikkel zoals koemelk, graspollen en kattenhaar. De afweerreactie leidt tot de vorming van de antistof van het type IgE, dat aan het allergeen en aan de receptoren op mestcellen en basofielen kan binden.

In dit filmpje zie je hoe een afweerreactie werkt.

De mestcellen bevinden zich met name in de weefsels die in contact staan met de buitenwereld, zoals de slijmvliezen van de longen en de huid. Basofielen zitten in het bloed en kunnen zich bij een allergische prikkel makkelijk naar de geprikkelde organen bewegen. Zowel in de mestcel als basofiel zitten ontstekingsstoffen opgeslagen in korrels (granulen), zoals histamine dat verantwoordelijk is voor typische allergische verschijnselen als niesaanvallen, tranende ogen, piepende ademhaling en eczeem.

De Y-vormige IgE-antistoffen binden met één kant aan de mestcel of basofiel, zodat het deel van de antistof dat het allergeen herkent naar buiten steekt. Wanneer nu een allergeenmolecuul bindt aan minimaal twee IgE-moleculen geeft dit een activeringssignaal naar de mestcel of basofiel die daarop de ontstekingsstoffen uitstoot.

Steeds meer mensen krijgen allergische klachten.

Toename allergieën

Al sinds de jaren tachtig van de vorige eeuw neemt allergie in de bevolking toe. Volgens de hygiënehypothese is dit eigenlijk al sinds de industriële revolutie aan de gang en wordt dit veroorzaakt door omgevingsfactoren, zoals afname van blootstelling aan ziekteverwekkers en hun producten, door verbeterde hygiëne en voedselbereiding. Alhoewel over de toenamesnelheid van allergie in die tijd nog niet veel bekend is, gaat de toename vanaf ongeveer 1970 meetbaar zeer snel: een verdubbeling van het aantal allergieën iedere 10-15 jaar. Op dit moment heeft zo’n 50 procent van de jongvolwassenen in Nederland een verhoogd IgE voor één van de vijf meest voorkomende allergenen: huisstofmijt, graspollen, berkepollen, katten- en hondenharen. Deze sterke toename lijkt nu te stabiliseren.

Immunoloog Huub Savelkoul legt uit wat de hygiënehypothese is en of we misschien beter wat viezer kunnen leven.

De precieze oorzaak van de toename van allergie is nog niet duidelijk. Er zijn wel een aantal situaties bekend waarin minder allergie voorkomt zoals het opgroeien op een ouderwetse boerderij, waarbij blootstelling aan bacteriële stoffen en consumptie van onbehandelde melk belangrijke factoren lijken te zijn. Of het verblijf in een crèche in plaats van alleen thuis. Ook de laatstgeborene in een gezin met meerdere kinderen heeft de minste kans op allergie. Dat vaccinatie en antibioticagebruik belangrijke factoren zijn die allergie bevorderen, iets waarover verschillende media hebben bericht, daarvoor bestaat echter geen wetenschappelijk bewijs.

Symptoomverlichting

De meeste behandelingen voor allergie bestaan uit het verlichten van de symptomen. Middelen hiervoor zijn bijvoorbeeld antihistaminica die veel bij hooikoorts (allergische rinitis) worden gebruikt en luchtwegverwijders die verlichting geven bij allergisch astma. Daarnaast worden ontstekingsremmers ingezet. Dit zijn vooral corticosteroïden die via een crème bij constitutioneel eczeem of een inhaler bij allergisch astma, lokaal worden toegediend. Deze behandelingen helpen vaak wel, maar doen niets aan de onderliggende oorzaak en blijven daarom continu nodig.

Ook daar is een app voor. Mensen die gevoelig zijn voor pollen kunnen op pollennieuws.nl kijken naar de pollenverwachting. Deze is gebaseerd op pollentellingen en de weersverwachting.

Immunotherapie

Een behandeling die wel een genezend effect lijkt te hebben is immunotherapie. Dit effect duurt minimaal vijf jaar. Het is nog niet duidelijk hoelang na deze vijf jaar de therapie blijft beschermen.

Door een immunotherapie wordt het afweersysteem als het ware heropgevoed. Dit gebeurt door in toenemende hoeveelheden het allergeen, waarvoor men allergisch, is toe te dienen. De behandeling duurt meestal jaren. Het succes is afhankelijk van het soort allergie; bij insectenallergie is het effect meer dan 95 procent, bij pollenallergie meer dan 85 procent, maar bij huisstofmijt net boven de 50 procent. Dit succespercentage lijkt samen te hangen met de frequentie van natuurlijke belasting, een wespensteek krijg je misschien eens of enkele keren in je leven, pollenblootstelling is seizoensafhankelijk, maar blootstelling aan huisstofmijt gebeurt dagelijks.

De standaardbehandeling bestaat uit maandelijkse injecties. Hiervoor is steeds een bezoek aan de arts noodzakelijk. Sinds kort zijn er voor een aantal allergenen druppels of pillen beschikbaar die via de mond dagelijks kunnen worden genomen. Verder wordt momenteel getest of bepaalde allergenen via een pleister kunnen worden toegediend.

Verminderen van hoeveelheid IgE

Een succesvolle immunotherapie grijpt op verschillende manier in op het afweersysteem. Allereerst worden de T-helpercellen die B-cellen activeren geremd en ontstaan er meer T-helpercellen die de vorming van IgE kunnen remmen en meer regulerende T-cellen. Dit leidt na een aantal jaren tot een verlaging van de hoeveelheid IgE specifiek voor het allergeen waarmee wordt behandeld. De allergiesymptomen verminderen al eerder. Dit komt waarschijnlijk door het aanmaken van IgG- en IgG4-type-antistoffen die aan het allergeen binden en zo voorkomen dat de allergenen binden aan het IgE op de mestcellen en basofielen en ze niet meer kunnen activeren. Daarbij wordt het cytokine interleukine-10 geproduceerd dat verschillende cellen remt die actief zijn in de allergie en tevens de productie van IgG4 stimuleert.

Uitgelicht door de redactie

Neurowetenschappen
Muziek aan tijdens het studeren: slim of juist niet?

Biologie
Dodelijke kwallensteek lijkt te behandelen met bestaand medicijn

Geesteswetenschappen
Zintuigen werken samen in verwerking van taal

Er zijn belangrijke nieuwe ontwikkelingen in de immunotherapie van allergie die nog verder onderzocht moeten worden. Zo worden er afweersturende stoffen toegevoegd die versneld leiden tot een afname van IgE bij een toename van IgG4 en IL-10. Ook worden er verschillende methoden ontwikkeld om ook bij voedselallergieën immunotherapie te kunnen toepassen.

Lees het volgende artikel van het thema ‘Ons afweersysteem’

Insectenallergie

Hanneke Oude Elberink
Dit artikel is een publicatie van Stichting Biowetenschappen en Maatschappij.
© Stichting Biowetenschappen en Maatschappij, alle rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 30 september 2018

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.