Je leest:

Aardbeving schokt Italië

Aardbeving schokt Italië

Auteur: | 7 april 2009

Een beving van 6,3 op de momentmagnitudeschaal heeft midden-Italië op zijn kop gezet. Er waren 308 doden en een veelvoud aan gewonden. De beving staat niet op zichzelf. De Afrikaanse en de Eurazische aardplaat botsen namelijk tegen elkaar en veroorzaken regelmatig aardbevingen. Zo ook de aardbeving van 6 april in het breuksysteem van de Apennijnen.

Italië is in rep en roer. Vroeg in de morgen van 6 april (3:32:42) schudde de grond in midden-Italië ongeveer dertig lange seconden. De aardbeving van 6,3 op de momentmagnitudeschaal trof het gebied nabij de stad l’Aquila. Deze beving is de zwaarste en dodelijkste sinds 1980 in Italië. Er vielen 308 doden en 1500 gewonden. De schade aan de huizen in het gebied is enorm. De aardbeving komt voor in een gebied waar de Afrikaanse en de Eurazische aardplaat botsen.

De locatie van de aardbeving en de naschokken (in oranje). Bron: USGS

Het epicentrum van de beving lag ongeveer vijf km ten zuiden van l’Aquila. De oorsprong van de beving lag op een diepte van tien km. Naast de vele doden zijn meer dan honderdduizend mensen dakloos. Op de ochtend van 6 april is de noodtoestand uitgeroepen. Vele oude gebouwen zijn getroffen; sommige waren zelfs vijfhonderd jaar oud. Ook nieuwe gebouwen zijn gevallen. Deze gebouwen waren niet gebouwd om dergelijke schokken op te vangen. De schok was zelfs in Rome, negentig km naar het zuidwesten, te voelen. De beving werd gevolgd door diverse naschokken van 4-5 op de momentmagnitudeschaal. Er zijn lichtere schokken voor de beving van 6,3 op de momentmagnitudeschaal waargenomen.

Het getroffen gebied is een bergachtig gebied in de Apennijnen dat minimaal 600 meter boven het huidige zeeniveau ligt en bergtoppen van 1100-1200 m heeft. In de dalen zijn talloze klein dorpjes te vinden omgeven door landerijen.

Aardbevingen in het verleden

Hetzelfde gebied werd ook op 6 september 1997 getroffen door een aardbeving. Toen vonden elf mensen de dood. Een zware aardbeving van 6,8 op de schaal van Richter trof zuidelijk Italië op 23 november 1980. Bijna drieduizend mensen lieten het leven en 300.000 mensen waren plotsklaps dakloos. Maar het kan erger. In 1908 en 1915 beefde Zuid-Italië met een kracht van ongeveer 7 op de schaal van Richter. In 1915 bleven 33.000 mensen dood achter en in 1908 waren het er naar schatting 86.000.

De botsing van de aardplaten zorgt niet alleen voor aardbevingen, maar ook voor vele vulkanen in het gebied. Voorbeelden zijn de Etna en de Vesuvius. Een uitbarsting van de laatste bedekte Pompeï onder een laag van puin in het jaar 79 A.D. Bron: USGS ( Klik op de afbeelding voor een grotere versie)

Botsing van twee aardplaten

Het moge duidelijk zijn dat Italië een gevaarlijk gebied is. De aardbeving van 6 april vond plaats in de regio waar de kans op een aardbeving het grootst is: het centrale gedeelte van de Apennijnen. Deze gebergteketen loopt van noord naar zuid. Dit gebergte is gevormd als een indirect gevolg van het botsen van de Afrikaanse aardplaat met de Eurazische aardplaat.

Italië ligt zo’n beetje op de scheiding van de aardplaten. Er is een complexe situatie ontstaan met vele breuken en zelfs microaardplaten. Zo’n microplaat ten oosten van Italië (de Adria microplaat) duwt tegen Italië aan en schuift er zelfs onder. Zo vormden zich de Apennijnen, de ruggengraat van Italië. In deze gebergteketen zijn vele breuken aanwezig.

De Alpen zijn het belangrijkste bewijs van de botsing van de Afrikaanse en de Eurazische aardplaat. De Apennijnen liggen bijna haaks op de Alpen, een teken van de complexiteit van het gebied.

In het westen van Italië gebeurt echter iets heel anders. Daar rekt Italië uit waardoor een bekken ontstaat. De Apennijnen proberen zich over het bekken heen te bewegen. Volgens geoloog Bob Holdsworth van de Britse Durham Universiteit speelt zwaartekracht een cruciale rol. Door de bewegingen klapt het gebergte als het ware in elkaar. De breuken helpen daar prima bij. Juist bij deze breuken ontstaan aardbevingen. Zo ook die van 6 april.

Versterkte beving?

John Whalley van de Portsmouth Universiteit zegt dat de schade mogelijk extra groot is door het gesteente en sediment in de regio. Het gebied was vroeger de bodem van een meer waar meer dan tweehonderd meter sediment werd afgezet. De sedimenten zouden de aardbevingsgolven versterkt hebben.

De vraag is of de huizenbouwers in de omgeving leren van deze beving. Dezelfde kwetsbare huizen bouwen of duurzamer bouwen? In het laatste geval is de kans groter dat de huizen blijven staan en er minder doden en gewonden vallen. De bottleneck is echter geld in dit relatief arme gebied…

Zie ook:

Dit artikel is een publicatie van NEMO Kennislink.
© NEMO Kennislink, sommige rechten voorbehouden
Dit artikel publiceerde NEMO Kennislink op 07 april 2009

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

NEMO Kennislink nieuwsbrief
Ontvang elke week onze nieuwsbrief met het laatste nieuws uit de wetenschap.