24 juli 2015

Promoveren: de marathon

Promoveren is goed te vergelijken met het lopen van een marathon. In deze blog pas ik tips uit de hardloopsport toe om aan te geven hoe je de promotie het meest effectief kunt ‘uitlopen’.

In 2004 liep ik de marathon van New York. Een bijzondere ervaring, maar het feit dat ik rookte en nogal graag een biertje dronk, zorgde ervoor dat het ook een bijzonder zware ervaring was. Ik heb het dan ook nooit meer over gedaan en beperk mijn hardlooprondjes tegenwoordig tot een half uurtje per week. Desondanks heeft die ene marathon me heel veel geleerd over hoe je het best kunt toewerken naar iets dat zo’n grote aanslag op je lichaam en geest kan hebben als 42,195 kilometer hardlopen. Gedurende mijn promotietraject bleken de volgende lessen me goed van pas te komen:

1) Vliegende start De eerste kilometers van een marathon zijn geweldig. Zeker als het gaat om de marathon van New York, waar de straten bezaaid zijn met mensen die je enthousiast aanmoedigen (het liefst bij naam als je die op je shirtje hebt geschreven). Langs de kant van het parcours maken bandjes muziek, de sfeer is uitbundig, en je lijkt wel te vliegen op de adrenaline nu je eindelijk begonnen bent aan waar je al zolang naartoe hebt gewerkt. Het begin van een promotie gaat vaak gepaard met een soortgelijke adrenaline-rush: alles is leuk en nieuw, maar je bent ook wel wat zenuwachtig over of je het allemaal wel kan. Daarnaast zit je waarschijnlijk in een fijne flow want je hebt je studie met goed gevolg afgerond en je hebt één van de felbegeerde promotieplaatsen veroverd. Hoewel ik iedereen aanraad om zich met volle overgave in het academisch leven te storten, is het zaak je oog wel een klein beetje op het einddoel te houden. De loper die overenthousiast op al het publiek reageert, zou best wel eens te weinig energie kunnen overhouden om de marathon uit te lopen. Een AiO die zich laat afleiden door elk zijprojectje en congres dat voorbij komt, is vaak een soortgelijk lot beschoren. Geniet van de vliegende start maar probeer je energie geconcentreerd in te zetten. Je zal haar later namelijk nog hard nodig hebben!

2) Verzuring Na zo’n 25 kilometer kun je met goed recht zeggen de helft van de marathon gelopen te hebben. In New York ben je dan inmiddels aangekomen bij First Avenue. First Avenue is lang. Heel erg lang. Daarnaast bevat First Avenue heel veel heuvels, waarbij er na elke heuvel weer een nieuwe heuvel opduikt. Andere lopers halen je in en het voelt alsof je steeds verder achterop raakt. Als je bij First Avenue aankomt kun je dan ook twee dingen doen. Je kunt, net zoals ik, heel hard gaan sprinten want je bent het zat en als je harder loopt is de hel die marathon heet ook eerder voorbij. Je kunt ook gewoon rustig door blijven rennen en niet te veel nadenken over de kilometers die nog gaan komen. Op dit punt wordt je training heel erg belangrijk, want je begint te verzuren. Hetzelfde geldt voor de promotie. Het gevaar van sprinten tijdens je promotie is dat je eigenlijk probeert meer te doen dan je kunt. Dit kan weer leiden tot een negatieve spiraal en, in het ergste geval, tot de man met de hamer. Dit mythische wezen, tijdens de marathon van New York verantwoordelijk voor de bosjes lopers die ter hoogte van de Bronx bezwijken, vertaalt zich in promotieland in de grote hoeveelheid AiOs die afhaken en/of overwerkt raken. In plaats van sprinten is het daarom beter te investeren in het trainen van goede gewoontes: elke dag een alinea schrijven, is op de lange termijn bijvoorbeeld een duurzamere manier van werken dan eens in de maand tot diep in de nacht een nieuw paper produceren. Dagelijks schrijven helpt je om deze vaardigheid op constante wijze te verbeteren en zorgt dat je elke dag een nieuw succesje kunt boeken. Laat duurzaamheid in plaats van snelheid het streven zijn bij het inplannen van je werktaken!

3) De laatste loodjes Zodra je bij Central Park bent aangekomen, weet je dat je de marathon uit gaat rennen. Je weet alleen niet hoe. Je zet je verstand daarom maar op nul, bijt je kaken op elkaar, en neemt een liedje dat je constant opnieuw afspeelt in je hoofd want de enige gedachte die zich anders nog vormt is ‘ik kan niet meer, ik ga stoppen.’ Voor veel AiOs is de laatste fase in het promotietraject in min of meerdere mate ook zo. Velen laten het idee van het meest geweldig briljante proefschrift ooit varen; dat manuscript (of die bundel artikelen) moet gewoon af! Dit deel van de marathon ren je deels op de training en goede gewoontes die je in voorgaande fases hebt ontwikkeld en voor een groot deel op karakter. Het is niet (altijd even) leuk, maar je hebt genoeg zelfvertrouwen ontwikkeld om te weten dat het goed gaat komen. Ik ben momenteel nog bezig met het afschrijven van mijn proefschrift dus over de finish zelf kan ik nog niet zoveel vertellen. In mijn verbeelding is het een magisch moment van euforie en ontlading. Zo’n beetje als toen ik in New York over de finish kwam en me, blij om een bekend gezicht te zien, in de armen stortte van Ruud Lubbers. Me in mijn vermoeidheid niet realiserend dat hij mij natuurlijk niet kende… Ik ben benieuwd wie ik gedurende mijn verdediging of de afterparty daarvan aan het schrikken kan maken. Ik kijk er in ieder geval met heel veel ongeduld en verwachting naar uit!

Discussieer mee

0

Vragen, opmerkingen of bijdragen over dit artikel of het onderwerp? Neem deel aan de discussie.

LEES EN DRAAG BIJ AAN DE DISCUSSIE